Beschuldiging van tappen

Trump bedoelde niet dat Obama hem afluisterde, zegt Spicer

President Donald Trump bedoelde niet te zeggen dat zijn voorganger Barack Obama zijn telefoon in 2016 liet afluisteren toen hij dat vorige week op Twitter schreef. Dat heeft de woordvoerder van het Witte Huis, Sean Spicer, maandag gezegd in Washington. De beschuldiging van Trump dat Obama hem had laten afluisteren leidde tot grote opschudding. Trump bedoelde met de term ‘wiretapping’, die afluisteren van een telefoonlijn betekent, meer algemene spionage van de Trump Tower, aldus Spicer. Ook bedoelde Trump, die zijn voorganger omschreef als een „slechte (of zieke) man”, niet dat Obama persoonlijk betrokken was, maar dat het om spionage door zijn regering zou gaan. Trump staat sinds vorige week onder grote druk om bewijs te leveren voor zijn explosieve beschuldiging. (NRC)

    • Frank Kuin