Opinie

Nuchtere geopolitiek richting Turkije was beter geweest

Ongekende taferelen zaterdag in Rotterdam. Een Turkse minister van Familiezaken, die ongewenst per auto het land is binnengekomen, wordt verordonneerd het land te verlaten. Wanneer zij dit weigert, wordt zij na urenlang verbaal getouwtrek, onder politiebegeleiding naar de grens met Duitsland vervoerd waar zij vandaan kwam. Het was de apotheose van een turbulente dag die begon met de Nederlandse weigering het vliegtuig met daarin een andere Turkse minister, Mevlüt Cavusoglu van Buitenlandse Zaken, toestemming te verlenen in Nederland te landen.

Turkse trots en koppige Nederlandse vastberadenheid hebben elkaar hardhandig ontmoet. Het resultaat is een diplomatieke rel van jewelste tussen twee landen die vijf jaar geleden nog met diverse festiviteiten uitvoerig het 400-jarig bestaan van hun officiële betrekkingen vierden. Er is iets faliekant misgegaan.

Het begon vorige week met de Nederlandse weigering minister Cavusoglu toestemming te verlenen in Nederland woonachtige Turken toe te spreken over het aanstaande Turkse grondwetreferendum. De beoogde aanpassing van de grondwet zal ertoe leiden dat de macht van de zich almaar autocratischere president Recep Tayyip Erdogan fors wordt uitgebreid.

De motieven voor de Nederlandse weigering waren misschien alleszins begrijpelijk, maar daarom nog niet verstandig. Een verbod blijft in strijd met de vrijheid van meningsuiting. Het beperken daarvan is uitgerekend een verwijt dat Europa Turkije maakt. Nederland had kunnen weten dat, na wat eerder die week in een soortgelijke situatie in Duitsland was gepasseerd, het spreekverbod van Turkse zijde maximaal zou worden uitgespeeld. Hetgeen dan ook gebeurd is.

Waar Duitsland ervoor koos de zaak te deëscaleren, door minister Cavusoglu beperkt de ruimte te geven op het Turkse consulaat in Hamburg, liet Nederland zich door de beruchte Turkse retoriek provoceren. De dreiging met sancties terwijl nog werd gesproken over de modaliteiten waaronder een bescheiden bijeenkomst mogelijk was, bleek voor Nederland reden voor de drastische stap tot een landingsverbod. Met als gevolg dat president Erdogan voluit tekeer kon gaan tegen Nederland op een campagnebijeenkomst voor de door hem gewenste grondwetswijziging.

De escalatie van Nederlandse zijde kan niet los worden gezien van de verkiezingen van aanstaande woensdag die de kwestie van een extra lading hebben voorzien. De vrees was dat populistische partijen op hun manier het ‘het buigen voor de Turken’ aan de orde zouden stellen. Daardoor maakte het nuchtere verstand plaats voor kortzichtige, heetgebakerde verongelijktheid.

Gewenste realistische geopolitiek heeft het moeten afleggen tegen angst voor nationaal politieke gevolgen. Niet handig voor een land dat het bij uitstek van de rest van de wereld moet hebben.