Met mijn superneus en toffe baasje red ik skiërs

Een goede reddingshond aarzelt niet, maar hoe doen ze het toch? In Italië deden onderzoekers een proef met de speurneuzen – en hun baasjes.

Illustratie Irene Goede

Een skiër zoeft van een berg naar beneden. Maar dan gaat het mis. De sneeuw boven hem begint te schuiven. Een lawine! De skiër wordt opgeslokt door de sneeuw en raakt bedolven. Wat nu?

De skiër kan zich niet meer bewegen. Het is donker, zo diep in de sneeuw. Er zit niets anders op dan te wachten.

Gelukkig. Na een poosje hoort de skiër zacht geblaf. Het wordt steeds lichter. En dan steekt er plots een natte snoet door een gat boven de skiër. Het is een reddingshond. De skiër is gered!

Samen met het baasje

In berglanden worden honden opgeleid om mensen onder de sneeuw te redden. De honden volgen die training samen met een baasje. Alleen de beste honden worden toegelaten. De honden moeten kerngezond zijn, goed kunnen luisteren en een fijne neus hebben. Zelfs door meters sneeuw moeten ze nog een mens kunnen ruiken.

Lawinehonden moeten ook dappere honden zijn. Als iemand een ongeluk krijgt op een moeilijk bereikbare plek, gaan bergredders er met een helikopter op af. De honden krijgen dan een harnas om. Samen met hun baasje zakken ze uit een vliegende helikopter naar beneden. Spannend!

Een goede reddingshond kan levens redden. Een lawineslachtoffer moet binnen 18 minuten gevonden worden. Daarna wordt de kans steeds kleiner dat hij of zij het overleeft.

Warme flessen onder de sneeuw

In Italië wilden onderzoekers weten hoe een goede reddingshond naar slachtoffers zoekt. Daarom verstopten ze warme flessen onder de sneeuw, bovenop een berg. Die flessen waren in dekentjes gewikkeld die naar mensen roken. Elke hond kreeg tien minuten om de fles te vinden. De baasjes wisten ook niet waar de fles verstopt was.

Een goede reddingshond aarzelt niet, zagen de onderzoekers. Ze sniffen veel en zoeken helemaal zelf naar de fles.

En ook een goede band met het baasje is belangrijk. Ook de beste speurders keken af en toe om naar hun baasje. Spoorde die de hond aan om verder te zoeken? Dan voelt de hond zich veilig en durft verder te zoeken. Zó redden baasje en hond samen levens. Knap hè?

    • Lucas Brouwers