Zet Wilders nog een grote mond op?

Campagne

Wint straks het nationaal-populisme in Nederland? Europa is nieuwsgierig. In de campagne houdt PVV-voorman Wilders zich stil.

Foto Bart Maat/ANP

Op de A27, Almere richting Utrecht, staat tussen Eemnes en Utrecht-Noord vijftien kilometer file. „Het levert een vertraging op van 21 minuten.” Lijsttrekker Alexander Pechtold (D66) heeft deze week op de radio file-informatie voorgelezen. Op wel drie zenders.

Het is één van de paradoxen van deze verkiezingscampagne. Houd de lijsttrekkers een hoepeltje voor en als het even kan, springen ze. Alles om zoveel mogelijk kiezers te bereiken. Maar de grote vraag waarvoor de internationale media zijn gekomen – bij de VVD kregen ze haast honderdvijftig aanmeldingen van buitenlandse journalisten voor de verkiezingsavond woensdag – komt bijna niet ter sprake.

Wordt Nederland internationaal gezien „het volgende dominosteentje” dat omvalt, in de woorden van VVD-leider Mark Rutte, na de Brexit en de verkiezing van Trump? Wint woensdag het nationaal-populisme?

De meeste partijstrategen denken dat Geert Wilders zijn afwezigheid van de afgelopen weken niet meer kan goedmaken. Kiezers willen graag dat je ook wat moeite voor ze doet. Het ‘boze’ deel van de Nederlandse kiezers was tot nu toe nooit groter dan zo’n 20 procent van de kiezers. Dat zijn dertig zetels, maar die deelt de PVV met partijen als de SP en het kleinere 50Plus. En bij andere verkiezingen, in 2015, 2014 en 2012, haalde de PVV steeds slechtere uitslagen dan de peilingen voorspelden.

Bij de VVD interpreteren ze Wilders’ campagnestilte anders. Wilders „sust de boel in slaap”, zei Rutte vrijdagavond bij Nieuwsuur, hij blijft Wilders als gevaar benoemen. Wilders zou zich lang koest houden zodat alle ‘redelijke’ kiezers, de meerderheid, zich verdelen over de niet-PVV-partijen. En dan is ineens zíjn groep proteststemmers toch de grootste. Wilders heeft nog twee momenten om een grote mond op te zetten: het debat tussen hem en Rutte maandag en het slotdebat bij de NOS, dinsdag.

Lijsttrekkers worden feller

De andere lijsttrekkers worden de laatste dagen weer iets feller tegen elkaar. Neem De Telegraaf, die kwam vrijdag met het nieuws dat VVD-leider Rutte vindt dat Pechtold en Buma geen vuile handen durven maken in Europa. Zij waren immers tegen de vluchtelingendeal met Turkije, terwijl die het aantal vluchtelingen omlaag hielp. Daar reageren Buma en Pechtold dan weer op. Rutte is in paniek, roepen zij, want het CDA en D66 komen steeds dichter bij de VVD. Tot woensdag krijgen we meer van dit soort confrontaties.

Lees de NRC Programmawijzer, een overzicht van de verkiezings­programma’s. Met een handig filter lees je alleen over de partijen en onderwerpen die je het meest interesseren.

De vraag waar het heen moet, met Nederland en de rest van de wereld, krijgt vast nog iets meer aandacht dan tot nu toe. Voor D66 en zijn kosmopolitische achterban is het een interessant onderwerp. Niet voor niks zegt Alexander Pechtold steeds dat híj Trump iets kritischer had bejegend dan Rutte dat deed. Andere partijen zoals het CDA richten zich meer op het binnenland.

De formatie wordt moeilijk en gaat lang duren, dat weten alle lijsttrekkers. Zeker als alleen middelgrote partijen overblijven. Toch is hun boodschap komende dagen dat het enorm uitmaakt wie de leiding krijgt over die formatiebesprekingen. En de internationale pers? Daar leggen ze aan uit dat Nederland voorloopt. De PVV heeft al eens een soort van bestuursverantwoordelijkheid gehad, in de gedoogcoalitie in 2010. Dat mislukte.

    • Annemarie Kas