Werkstraf voor dodelijk ongeval bij mestsilo

Bij het ongeluk kwamen drie mannen om het leven in een mestsilo. Eén man raakte zwaargewond.

Foto Catrinus van der Veen / ANP

De directeur van het bedrijf dat in 2013 in het Friese Makkinga een mestsilo reinigde waarbij drie personen om het leven kwamen, heeft vrijdag een jaar cel voorwaardelijk en 240 uur werkstraf opgelegd gekregen. Het bedrijf van Gerrit H. kreeg een boete van een ton opgelegd. Het vonnis van de rechtbank kwam overeen met de eis van het Openbaar Ministerie.

In juni 2013 kwamen de drie mannen om het leven in een mestsilo bij een boerderij in Makkinga. Eén man werkte in de silo en verloor het bewustzijn. Een man die toezicht hield, wilde zijn collega redden en ging de silo in en verloor ook het bewustzijn. Vervolgens daalden nog twee mannen de silo in waarna één van hen, de zoon van de veehouder, overleed. De andere man raakte zwaargewond.

‘Ten dode opgeschreven’

Volgens de rechtbank heeft de man zijn zorgplicht voor de medewerkers ernstig verzaakt. Twee van zijn medewerkers werkten onder “levensgevaarlijke omstandigheden” in de mestsilo zonder goede uitrusting of voldoende voorlichting. De man die in de silo werkte was volgens de rechtbank “ten dode opgeschreven” als er iets zou gebeuren en hij er niet zelf uit kon komen.

De eigenaar van het reinigingsbedrijf verklaarde al eerder tijdens de rechtszaak dat er geen noodprocedure was omdat het praktisch onmogelijk was de silo snel te verlaten. De enige procedure was het bellen van 112.

De rechtbank concludeerde ook dat er geen risico-inventarisatie was gemaakt voor het schoonmaken van mestsilo’s. Dit is wel wettelijk verplicht. Ook werd er gebruik gemaakt van ondeugdelijke apparatuur en waren de werknemers onvoldoende beschermd tegen het gevaar dat gepaard gaat met de reiniging van mestsilo’s. Zo werd er gebruik gemaakt van een masker en compressor die niet officieel waren gekeurd.

‘Gevaren worden onderschat’

De Onderzoeksraad voor Veiligheid toonde in februari 2014 in een rapport dat gevaren van mestgassen worden onderschat. Volgens het rapport beseffen veehouders en loonwerkers vaak niet dat bij het verwerken van mest dodelijke gassen kunnen vrijkomen en nemen onvoldoende veiligheidsmaatregelen.

Bovendien concludeerde de raad dat ongevallen met mestgassen regelmatig voorkomen. Tussen 1980 en 2013 deden zich ten minste 35 ernstige ongevallen voor, waarbij 57 slachtoffers vielen, onder wie 28 doden. De raad benadrukte dat de ongevallen tot extra slachtoffers leiden omdat mensen die in de buurt zijn een reddingspoging doen. Zij zijn vaak onbeschermd.

Ook is de kans op een ongeluk toegenomen de afgelopen jaren door schaalvergroting en milieuwetgeving. Er wordt meer mest geproduceerd, de opslag moet zijn afgesloten en er worden andere stoffen door de mest gemengd.

    • Belia Heilbron