Recensie

EU-president

Donald Tusk is op dit moment de beste man voor Europa

De geschiedenis laat zien dat lidstaten van de Europese Unie er doorgaans veel voor over hebben een landgenoot benoemd te krijgen op een prominente plaats in het Brusselse vergadercircuit. Zeker voor de wat kleinere lidstaten geldt het voorzitterschap van één van de Europese instellingen als een bewijs van erkenning. Bovendien verschaft zo’n plek een belangrijke informatiepositie waar het eigen land weer voordeel bij kan hebben.

Dit gaat allemaal niet op voor de regering van Polen, het land dat in 2004 toetrad tot de Europese Unie. In een vreemdsoortige kamikaze-actie hebben de politici die in Polen aan de macht zijn er de afgelopen tijd alles aan gedaan om te voorkomen dat hun landgenoot Donald Tusk, sinds 2014 voorzitter van de Europese Raad van regeringsleiders, zou worden herbenoemd. Door rancune gevoede sentimenten liet de Poolse regering prevaleren boven het behouden van een invloedrijke post.

Dat Tusk desalniettemin nog 2,5 jaar kan aanblijven als ‘president’ van Europa heeft alles te maken met de goedertierenheid van de andere lidstaten die zich niets gelegen hebben laten liggen aan de tegengeluiden uit Warschau. Aan het begin van hun periodieke samenzijn in Brussel hebben de regeringsleiders donderdag de oud-premier uit Polen direct herbenoemd.

Dat is een verstandig besluit geweest. Niet alleen als signaal aan de huidige Poolse regering, maar vooral ook omdat Donald Tusk op dit moment in deze voor de Europese Unie zo zware tijden de man op de juiste plaats is. Dat leek in 2014 bij zijn aantreden nog lang niet zo vanzelfsprekend. Een belangrijk obstakel was dat de opvolger van de Belg Herman van Rompuy, de eerste man die deze nieuwe Europese functie bekleedde, niet afkomstig was uit een land dat de euro al had ingevoerd. Dit probleem speelde de afgelopen jaren minder omdat de storm rond de Europese crisis enigszins geluwd was.

Een andere veel gehoorde aarzeling was dat Tusk uit een ‘nieuwe’ lidstaat kwam en daardoor te weinig EU-wortels bezat. De afgelopen jaren heeft hij laten zien dat deze lacune hem niet in de weg heeft gezeten. Belangrijkste probleem bij zijn aantreden was misschien wel de taal. Tusk sprak nauwelijks Engels. Daar heeft hij hard aan gewerkt en inmiddels is taal geen beletsel meer voor hem om mee te draaien in het Europese circuit.

Donald Tusk is duidelijk in zijn rol gegroeid. Daarbij komt, hij heet weliswaar president, maar is voorzitter van de vergadering van regeringsleiders. En die hebben het in de Europese Unie nog altijd echt voor het zeggen.