Horkerig maakt plaats voor hoffelijk

Omgangsvormen

Is er sprake van een nieuwe hoffelijkheid of verschuiven de grenzen van het fatsoen? Nederlanders ervaren minder respectloos gedrag, meldt het CBS.

Onderzoeker Maarten Bloem bij het CBS presenteerde vorig jaar de Veiligheidsmonitor (VM) en de cijfers over de door de politie geregistreerde misdrijven in 2016. Foto Lex van Lieshout/ANP

Terwijl politici in verkiezingstijd over elkaar heen buitelen om zich hardop zorgen te maken over ‘normen en waarden’ in de samenleving, meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) donderdag dat juist steeds minder Nederlanders respectloos gedrag ervaren. In 2008 zei een kwart van de ondervraagden respectloos gedrag te ervaren op straat, vorig jaar blijkt dat nog maar bij 21 procent van de 80.000 respondenten het geval. Maarten Bloem, onderzoeker bij CBS, legt uit.

Zijn jullie zelf verbaasd?

Bloem: „We zien eigenlijk al bijna tien jaar een consequente daling – in die zin is het niet verrassend. Het geldt voor meer terreinen op het gebied van sociale veiligheid en criminaliteit: minder mensen zeggen slachtoffer te zijn van diefstal, vandalisme of geweld.”

Zijn we hoffelijker geworden, of hebben we een dikkere huid?

„Mogelijk een beetje van beide, maar dat is inderdaad de hamvraag. We vroegen naar ‘gedrag dat de grenzen van goed fatsoen overschrijdt’. Het kan dat we ons beter gedragen, maar ook dat er een soort inflatie zit op wat we als respectloos ervaren. Wij meten de temperatuur in de samenleving, die is per definitie subjectief. Waar we het vroeger misschien ongehoord vonden als mensen niet opstaan voor een oudere in de bus, zou het kunnen dat het ons minder raakt.”

Waarom vragen jullie niet concreet naar vormen van respectloos gedrag?

„Je zou héél veel vragen moeten stellen, zoals: heeft iemand je wel of niet nagefloten, heeft iemand je wel of niet uitgescholden, etc. En dan zouden de antwoorden nog een vorm van subjectiviteit houden.”

Vooral respectloos gedrag door personeel in winkels en bedrijven lijkt af te nemen. Waar in 2008 nog 23 procent van de mensen dat ervoer, was het vorig jaar slechts 14 procent.

„Daarbij zou mee kunnen spelen dat mensen steeds meer online aankopen doen, dus dat ze simpelweg minder vaak in een fysieke winkel zijn.”

Politici halen in het debat soms aan dat homo’s en lesbiennes tegenwoordig niet meer hand in hand over straat zouden kunnen.

„Uit ons onderzoek blijkt dat de mate waarin homo’s en lesbiennes respectloos gedragen ervaren van onbekenden op straat afgelopen jaren weinig veranderd is. Ongeveer 32 procent heeft last van, terwijl dat percentage bij hetero’s rond de 22 procent ligt.”

Jongeren van 15 tot 25 jaar melden veel meer respectloos gedrag dan ouderen: 28 procent, tegenover 10 procent van de 65-plussers.

„Jongeren begeven zich ook meer op straat en reizen meer met het openbaar vervoer. In het ov zeggen ze zelfs bijna drie keer zo vaak in aanraking te zijn gekomen met respectloos gedrag dan ouderen. Ze zeggen wel minder vaak te maken te hebben met respectloos gedrag van onbekenden dan twee jaar geleden.”

In Noord-Holland ervaart 25 procent respectloos gedrag op straat, in Friesland is dat met 14 procent een stuk minder. Is de ene provincie beschaafder dan de andere?

„Het verschil zit hem in stedelijke gebieden en platteland. Je kunt kortweg zeggen dat hoe dichter we met z’n allen op elkaar wonen, hoe vaker we zaken als overlast en respectloos gedrag melden.”

    • Liza van Lonkhuyzen