Een latte en die rode jas, graag

Shoppen Winkels blurren: ze verkopen kleding én koffie, of maken fietsen én verkopen meubels.

‘Het ruikt hier naar koffie”, zegt een vrouw van een jaar of veertig verbaasd tegen haar vriendin. Ze staan bij een kledingrek in ‘conceptstore’ Hutspot en snuiven driftig.

De koffielucht komt van een verdieping hoger, waar een lunchroom zit. En toen ze de winkel binnenkwamen, zijn ze een kappersstoel gepasseerd waar iemand zijn baard liet trimmen.

Hutspot is met vijf vestigingen een van de grootste en bekendste voorbeelden van een winkel die in één pand retail en horeca of diensten combineren. Blurring is in. Er kwamen de afgelopen jaren kledingwinkels met kapperszaken, make-upsalons in cadeauwinkels en fietsenmakers met vintagemeubels.

Volgens het Food Service Instituut Nederland, een kennisclub van de voedingsindustrie, zal het aantal zaken waar de grenzen vervagen de komende jaren alleen maar toenemen. In 2025 zal volgens het FSIN één op de tien zaken geblurd zijn.

Alcohol uit den boze

„De ondernemers moeten wel”, zegt horeca-trendwatcher Vincent van Dijk. Voor goede spullen hoeft de consument niet meer naar buiten, „die vinden ze online.” Maar voor een ‘beleving’ komt hij nog wel in de winkelstraat. „Alleen in een winkel waar verschillende dingen gebeuren, waar een actief sfeertje ontstaat, worden we genoeg geprikkeld.”

Koffie lijkt de makkelijkste weg om zo’n ‘sfeertje’ te creëren. Koffie is goedkoop in aanschaf, makkelijk in productie en daardoor een perfect „smeermiddel om klanten naar de winkel en winkelwaar te lokken,” aldus Van Dijk.

Maar zomaar kopjes koffie uitserveren in je kledingwinkel mag niet. Blurring valt onder de Drank- en Horecawet. In de meeste grote gemeentes geldt de 30:70-regeling, of een afgeleide daarvan, waarbij 30 procent van het vloeroppervlak van een retailzaak mag worden gebruikt voor horeca. Mits de horeca in totaal niet meer dan 25 of 30 vierkante meter beslaat.

Ook mag in veel gevallen de ‘bijzaak’ niet vanaf de straatkant zichtbaar zijn. Alcohol is uit den boze. En in sommige gevallen is het noodzakelijk een ruimte te scheiden.

Traditionele horecabedrijven morren over de soepele regels voor retailhouders. Voor een pand met horecavergunning moet flink meer worden betaald, er zijn onder andere een drankvergunning en diploma’s als Sociale Hygiëne nodig. Winkeliers die slechts voor een deel horeca aan hun assortiment toevoegen, hoeven dat allemaal niet.

Het afgelopen jaar werd er al flink geëxperimenteerd met blurring; in tientallen gemeenten zijn pilots gehouden. Naar aanleiding van die pilots riep staatssecretaris Van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) gemeentes op om te controleren of in geblurde zaken alcohol wordt geschonken.

Schommels en kunstwerken

Na koffie is cultuur volgens trendwatcher Van Dijk de meest populaire blur-partner. „Populaire restaurants zullen tegelijkertijd een performance- en expositieruimte zijn voor hippe kunst”, voorspelt hij. In Amsterdam-Noord ging afgelopen oktober de cultuur-horecacombinatie FC Hyena open, een restaurant met bioscoop. Sinds 2016 bestaat in Amsterdam Hearth, een vegetarisch restaurant annex kledingwinkel annex kunstgalerie.

De eigenaren, Valentino Vacca en Marco Ceglia, ontmoetten elkaar toen ze beiden nog voor Hilton Hotel werkten. De een als chef, de ander als manager. „We wilden een winkel openen waar we al onze passies konden combineren”, zegt Ceglia. „Wat in ons hart zit: mode en kunst. En wat goed voor de aarde is: vegetarisch eten. Dat werd Hearth.”

Een maand nadat ze het idee hadden bedacht, vonden ze een pand in de Albert Cuypstraat. De huurbaas was behulpzaam, in het contract werd het blurred concept beschreven. Omdat het pand geen horecabestemming maar retailbestemming heeft, vielen ze binnen de 30:70-regeling.

Daardoor passen er in de zaak van zo’n vijftig vierkante meter officieel tien zitjes. Met schommels, een luie zithoek waar plaatjes kunnen worden geluisterd, „pasruimte” en een verhoogde bar, „wachtruimte voor to-go-maaltijden”, creëren ze meer plekken.

Het succes zien de ondernemers na drie maanden al in de verkoopcijfers. „Klanten komen binnen voor een veganistische pasta en gaan naar buiten met een T-shirt of een schilderij.” Mode en kunst komen tijdens het eten dan ook erg dicht bij elkaar. Aan alle muren hangen werken van binnen- en buitenlandse kunstenaars en vanaf de schommels kijk je uit op een hoekje waar T-shirts, broeken en rokken zijn uitgestald.

    • Astrid van Rooij