Achttien Nederlandse dopingovertredingen in 2016

Het aantal overtredingen is met één gestegen ten opzichte van 2015. De overtredingen vonden vooral plaats bij krachtsporten.

Foto Koen van Weel/ANP

In 2016 zijn in Nederland achttien gevallen van dopingovertredingen geconstateerd. Dat meldt de Nederlandse Dopingautoriteit donderdag. In 2015 werd er zeventien keer aangifte gedaan van een dopingovertreding en in 2014 tien keer.

De meeste overtredingen vonden plaats in krachtsporten, zoals gewichtheffen. Daarbij ging het bij de meeste overtredingen om anabole middelen. Drie overtredingen werden in de atletiek geconstateerd, en zowel bij basketbal, ijshockey en wielrennen waren er twee meldingen. De overige sporten waarbij overtredingen werden gemeld zijn darts, bowlen, korfbal, biljart, schaatsen en zwemmen.

De Dopingautoriteit voerde in 2016 2.788 controles uit. Dat zijn er 372 meer dan in 2015. In 93 gevallen kon een geplande controle niet doorgaan omdat een sporter niet thuis was of niet kwam opdagen. In 2015 lag dit aantal hoger, op 166. Het grootste deel van deze controles, 2.061, werden gedaan in het kader van het Nationaal Controle Programma. De overige controles voerde de Dopingautoriteit uit in opdracht van vergelijkbare organisaties in het buitenland, Nederlandse sportbonden, evenementenorganisaties en het Wereld Anti Doping Agentschap (WADA).

Lees ook dit eerdere interview met Olivier de Hon van de Dopingautoriteit

Van de controles is 57 procent buiten en 43 procent binnen wedstrijdverband uitgevoerd. De periode die binnen wedstrijdverband wordt aangeduid begint 12 uur voor aanvang van de wedstrijd en duurt tot het einde van een wedstrijd.

    • Heleen Gorris