Kramer wint negende wereldtitel allround, Wüst haar zesde

Kramer reed superieur naar de winst, Wüst won in de wetenschap dat ze er een uitdager bij heeft.

Ireen Wüst en Miho Takagi in een direct duel op de 1.500 meter tijdens de WK allround in Hamar. Foto Vincent Jannink/ANP

Sven Kramer heeft in Hamar zijn negende wereldtitel allround gewonnen. Vrijwel geheel op de automatische piloot schaatste hij naar de overwinning toe in Noorwegen. Op de afsluitende tien kilometer nam hij lang zijn jonge ploeggenoot Patrick Roest op sleeptouw, maar die kon het tempo op een gegeven moment niet meer aan. De 21-jarige debutant werd - met vier persoonlijke records - wel knap tweede, en bewijst dat hij inderdaad weleens de opvolger kan worden van Kramer.

Kramer won de tien kilometer in een weinig spectaculaire 13.10,45. Maar waarom moest hij ook diep gaan? Niemand die hem echt bedreigde. Roest, die in het klassement ‘slechts’ drie seconden achter stond - in het Kramertijdperk is dat al snel weinig, had een persoonlijk record van 13.26 staan. Ook dat record sneuvelde: 13.21,11. Jan Blokhuijsen zorgde voor een oranje podium. Hij werd in 13.13,39 tweede op de tien kilometer.

Eerder op de zondag werd Kramer tweede op de 1.500 meter, vlak voor Roest. De winst op die afstand ging naar de Rus Denis Joeskov, die zich vervolgens afmeldde voor de tien kilometer.

Wüst wint weer, maar krijgt er uitdager bij

Ireen Wüst heeft in Hamar haar zesde wereldtitel allround gewonnen. Na drie afstanden leidde de verrassende Japanse Miho Takagi nog, maar voor haar was een sterke vijf kilometer te veel gevraagd. Ze zakte zelfs naar plek drie, titelverdediger Martina Sablikova won dankzij de winst op de slotafstand toch nog zilver.

Dankzij een uitstekende 500 en 1.500 meter had Takagi - en niet Sablikova - zich dit weekend in Noorwegen gepresenteerd als uitdager van Wüst. Takagi is een van de voornaamste Japanse schaatser die onder de Nederlandse coach Johan de Wit in anderhalf jaar tijd enorme progressie heeft geboekt. Vorig jaar werd ze zesde op het WK in Berlijn.

Al snel in haar 5.000 meter tegen Antoinette de Jong werd duidelijk dat ze de titel niet zou pakken, daar was ze al meteen ruim te langzaam voor. Martina Sablikova wist zelfs ruimschoots haar dertien seconden achterstand op de Japanse goed te maken en haar nog voorbij te gaan. Toch zal Takagi het brons als pure winst zien en is dit het volgende aansprekende resultaat dat de Japanners boeken onder De Wit. Takagi won al brons op de 1.500 meter bij de WK afstanden afgelopen maand en won al wereldbekergoud in Astana op zowel de 1.000 als 1.500 meter. Ook was er in Hamar al succes voor Shota Nakamura; hij won de 500 meter.

Wüst: tien jaar na eerste heel mooi

Wüst werd op weg naar haar titel tweede op de 500 meter, tweede op de 3.000, eerste op de 1.500 en wederom tweede op de 5.000 meter. “Ik heb vooral een voldaan gevoel. Het voelt raar om te zeggen, maar ik heb de wereldtitel weer terug. Het is een supergeslaagd seizoen geweest. En vandaag werd ik wakker en dacht ik: hee, het is tien jaar geleden sinds mijn eerste titel, zou toch speciaal zijn als ik nu weer win.”

Takagi zei heel blij te zijn met haar derde plek. Misschien dat ze nog een beetje baalde van de drie kilometer, want dan had ze nog tweede kunnen worden, maar ze was het snel vergeten. “Ireen was te sterk. En de vijf kilometer was inderdaad te lang”, zei ze lachend. Het verschil met vorig jaar is groot, en dat voelt ze zelf ook zo. Het wordt “beter en beter”. De invloed van De Wit daarin vindt ze vooral dat ze heeft geleerd “altijd kalm te blijven en op mezelf te focussen”.

    • Frank Huiskamp