Rondje door de kerk

Waarom zou je in een bos hardlopen als je ook door gebouwen kunt rennen?

Rennen door de Cellebroederskapel in Maastricht. Foto Chris Keulen

Veel doorsneehardlopers vinden een wedstrijd tegenwoordig maar zozo. Ze willen een belevenis. Parcoursen die deels dwars door gebouwen gaan, bieden dat. Op een grijze zondagochtend rennen ruim twaalfhonderd mensen door de eeuwenoude opslagkelders van de Maastrichtse wijnhandel Thiessen. Na deze kruip-door-sluip-door komen de hardlopers op de binnenplaats achter de zaak weer boven en buiten. Daar staat een tafel met kleine glaasjes wijn klaar. De verrassing wordt met enthousiasme begroet. „Benzine”, roept iemand terwijl hij de sauvignon blanc in één teug achteroverslaat. „Ik dacht al: langs zoveel mooie wijnen komen en dan niks krijgen.” Vrijwel elke loper neemt een glaasje. Groepjes die samenlopen nemen de tijd om te toasten. Een man alleen maakt er een kleine proeverij van. „Erg droog…maar lekker”, luidt zijn eindoordeel. Hij rent verder.

Welkom bij de Urban Trail Maastricht. Met een traditionele hardloopwedstrijd heeft dit evenement niet meer zoveel te maken. Alleen wat enkelingen, die bij de start vooraan staan, hebben de hand aan de stopwatch om straks te kunnen zien hoe lang ze over het parcours van 9,5 kilometer hebben gedaan. Voor de meeste deelnemers gaat het om de beleving: niet alleen door de straten hollen, maar ook in- en uitgaan bij de Cellebroederskapel (met live-organist), boekhandel Dominicanen, poppodium De Muziekgieterij en café D’n Hiemel.

Bewegen, en tegelijkertijd iets extra’s

Het past in een trend, constateert Ronald van den Hurk, event manager bij Golazo Sports SX, een bureau dat ook verantwoordelijk is voor Urban Trails in Utrecht, Rotterdam, Zwolle, Den Haag, Breda, Eindhoven, Amsterdam en Groningen. „Mensen willen bewegen en tegelijkertijd iets extra’s. Dat kan door gebouwen heenlopen zijn. Maar je hebt ook obstakel-lopen, modder-races, nachtelijke wedstrijden en color runs.”

Parcoursen ontstaan bijna als vanzelf, zegt Van den Hurks directe collega Dariush Cyrroes. „Je kijkt wat een stad aan bijzonders te bieden heeft, gaat vragen of je er terechtkunt en als mensen enthousiast zijn komen ze vaak al met twee of drie andere suggesties. Na een eerste editie melden zich ook spontaan locatie-eigenaren voor volgend jaar. Dat is fijn, want je wilt bij een volgende keer opnieuw kunnen verrassen.”

Kris Meers en Ingrid Jacobs uit het Belgisch-Limburgse Alken zijn met een groepje naar Maastricht gekomen. Ze liepen eerder de trails in Brugge, Hasselt en Brussel. De wedstrijden met passages door gebouwen waaiden vorig jaar over van België naar Nederland. Meers: „We liepen al eens door een hotelkamer waar nog mensen in bed lagen, door een chocolaterie, een discotheek en door een modemuseum.” Jacobs prijst de sfeer: „Dat competitieve van andere wedstrijden hoeft van ons niet zo.” Beiden zijn op latere leeftijd met hardlopen begonnen. Het gaat hen om de lol van het bewegen en de gezelligheid voor- en achteraf. „Hier zijn we dichtbij huis en gaan we achteraf nog wat eten en drinken. Bij de trail in Gent maken we er een heel weekend uit van.”

René Oberhauser uit het Duitse Heinsberg loopt de Urban Trail met zijn vrouw en een vriendin. Aan serieuzere wedstrijden doet hij ook mee. „Dit is gewoon voor het plezier. We doen vaker een dagje Maastricht. Via deze snelle sightseeing komen we op andere plekjes.”

Speciale selfie-points op het parcours

Voor wie aan de normale kiekjes in of bij bijzondere locaties niet genoeg heeft, zijn er op het parcours twee speciale selfie-points. Een ervan staat achter het standbeeld van Petrus Regout, pionier van de Nederlandse industrie, op de Boschstraat. Tegen een achtergrond met vermelding van de Urban Trail kunnen de lopers op de foto met bordkartonnen ‘Maastrichtse’ attributen als een vlaai en een viool. Vooral grotere groepen houden er even halt om gezamenlijk te poseren.

De atletiekwereld ziet de ontwikkeling en probeert er in mee te gaan. „Aanvankelijk bestond er wel wat argwaan, bij ons als bond maar ook bij verenigingen”, bekent Bram van der Leij, manager marketing en communicatie loopsport bij de Atletiekunie. „Is dit nog loopsport of zijn dit entertainmentevenementen? Stilaan zie je het wel veranderen. Verenigingen gaan ook dit soort fun runs organiseren, omdat het mensen aan je kan binden. Omdat Color Run een beschermde merknaam is, heet het dan Rainbow Run of iets dergelijks. Tegelijkertijd benaderen grote commerciële organisatoren ons omdat ze zien dat duizenden beginnende lopers misschien wel vaker iets willen doen. Dan kun je elkaar versterken. Uiteindelijk zijn wij als bond en als clubs er ook niet per se om evenementen te organiseren, maar om mensen in beweging te krijgen en te houden.”

    • Paul van der Steen