Opinie

Onmogelijke vragen

Beste Jesse,

Vanmorgen stond de bevestiging in mijn mailbox. Tijdens je groots aangekondigde meet-up in Amsterdam, op 9 maart, sta ik in de zaal. Ik groeide op in de jaren negentig, toen de koers van het land werd bepaald door oude wijze mannen als Wim Kok, Ruud Lubbers en Hans van Mierlo. Ik beloofde mijn stem aan de eerste goede, idealistische jonge politicus die zich aandiende. Die stilte hield lang aan. Ja, we kregen Sywert van Lienden, die zou uitgroeien tot een ietwat belerende commentator in plaats van de bevlogen politicus die hij had kunnen worden. En natuurlijk was er Tofik Dibi, die in toenemende mate leed aan een soort politieke hondsdolheid, die zijn uiteindelijke vorm kreeg in een uitgeholde partij en de noodlottige verkiezingsleus BAM. En Thierry Baudet laat ik ook maar buiten beschouwing, daar hij het beste te omschrijven valt als een stokoude politicus in het lichaam van een corpsbal met prepsychotische verschijnselen.

En toen kwam jij, als geroepen. De Jessias. Je moest jong overkomen. Dus: geen stropdas, bovenste knoopje open, mouwen opgestroopt à la Justin Trudeaux. Je wilde premier worden, dus leende je uit speeches van Obama. En passant schilderde je Westrand, waar je bent opgegroeid, af als een probleemwijk, tot ergernis van je oude buurtgenoten. En om de kiezers die het interbellum nog hebben meegemaakt te plezieren, zei je tijdens het eerste tv-debat: ‘Wat een bof’ en ‘Godsimikkie.’ Soms zette je de Marokkaanse afkomst van je vader in als retorisch middel, terwijl je in je pamflet De empathische samenleving losliet dat je kippenvel krijgt bij het Nederlandse volkslied , wat jou tot de Dirk Kuyt van de nationale politiek maakt. Jesse Klaver, ben jij soms in elkaar gezet op basis van testgroepen?

Lees ook het stuk van de oude buurtgenoot van Jesse Klaver: Zo eenvoudig ligt het niet in jouw wijk, Jesse

Aan de andere kant: is authenticiteit een vereiste? Betreft het hier geen gratuit vorm-argument, een excuus om, nu het erom gaat, de jongeling toch niet serieus te hoeven nemen?

Goed, de inhoud dan. Het belangrijkste strijdpunt in je pamflet is dat je wilt breken met het wij-zij-denken. Maar is dat geen leeg begrip? Iedereen koestert dat vage verlangen. Het wordt pas problematisch wanneer het op de proef wordt gesteld; wanneer iemand zijn baan verliest aan een automaat, wanneer de gemeenteraad van het dorp waar hij al twintig jaar woont, tegen de wens van de inwoners in, besluit tot de aanleg van een asielzoekerscentrum. Wat bied je hem, om de controle op zijn leven die hij meent verloren te zijn, terug te winnen? In je verkiezingsspotjes pleit je voor eerlijkheid. Maar luister je ook naar hen die vinden dat ze al te lang oneerlijk behandeld zijn geweest?

Dat zijn de vragen die linkse partijen zich moeten stellen, als ze de aansluiting met grote groepen burgers niet willen verliezen. Je hebt nog een paar dagen voordat je tegenover mij en duizenden meet-uppers staat. Gebruik die tijd, luister naar het volkslied, koester je kippenvel, en bedenk dat iedereen die zweeft, toch vooral verlangt naar iemand die hem zegt hoe je in vredesnaam moet landen.

Met vriendelijke groet,

Cabaretier Jan Jaap van der Wal en schrijver Daan Heerma van Voss schrijven beurtelings een brief naar iemand die in het nieuws is. Heeft u als betrokken burger een suggestie? Mail: betrokkenburgers@nrc.nl