Loetjes biefstukkenimperium begon met een broodje bal

Ludwig Klinkhamer, die in 1977 eetcafé ‘Loetje’ oprichtte in Amsterdam, overleed vorige week op 83-jarige leeftijd.

Een foto ter nagedachtenis van Ludwig 'Loetje' Klinkhamer, in het restaurant aan de Johannes Vermeerstraat in Amsterdam-Zuid. Foto Evert Elzinga/ANP

Wie in Amsterdam trek heeft in biefstuk weet eetcafé Loetje in Amsterdam-Zuid vaak makkelijk te vinden. En niet alleen de zaak in Amsterdam-Zuid, op meerdere plaatsen in de hoofdstad en ook in andere steden heeft het restaurant inmiddels drukbezochte vestigingen.

Oprichter Ludwig Klinkhamer overleed vorige week op 83-jarige leeftijd. Loetje was sinds 1995 niet meer de eigenaar van de populaire keten. Zijn zoon Jaap staat er sindsdien aan het roer.

Klinkhamer verhuisde in de jaren zestig van Midden-Beemster in Noord-Holland naar Amsterdam. Daar veranderde zijn naam in ‘Loetje’, omdat ‘Ludwig’ “natuurlijk niet werkte” in de hoofdstad, zo zei hij in een interview met NRC in 2008. In Amsterdam werd de zoon van een groenteboer slager, samen met zijn broer. Nadat hun slagerij op de Elandsgracht in de Jordaan goede jaren had doorgemaakt, was het ineens over met de drukte. Biljartliefhebber Klinkhamer besloot daarom in 1977 samen met zijn broer een buurt- en biljartcafé te beginnen in de Johannes Vermeerstraat in het chique Amsterdam-Zuid, vlak bij het Museumplein.

Het café werd al snel een eetcafé, omdat vaste gasten wel zin hadden in een hapje naast de borrel. Zijn vrouw stelde voor om eenvoudige gerechten, zoals een broodje bal, te gaan serveren. Daaruit werd de beroemde biefstuk geboren. “Vanaf die dag werd het hard werken”, zo zei Klinkhamer in 2008. Het restaurant is in Amsterdam en ver daarbuiten beroemd om de in Blue Band gebakken malse ossenhaasbiefstuk, nog altijd het populairste gerecht van de kaart.

Lees hier het interview dat NRC had met Loetje in 2008: Mijn zoon is zakelijk en sociaal, een horecaman

Succes

In 1995 werd de zaak overgenomen door zijn zoon Jaap, die samen met zijn ex-vrouw en een goede vriend het bedrijf runt. Zijn zus is operationeel directeur. Jaap Klinkhamer - die door zijn vader werd geroemd om het ondernemersinstinct dat hij zelf ontbeerde - haalde de drie biljarttafels uit het eetcafé en besloot er een volwaardig restaurant van te maken. En met succes. Onder de hoede van zijn zoon Jaap nam het bedrijf een enorme vlucht. Was er in 1995 nog één restaurant in Amsterdam-Zuid, 22 jaar later is Loetje een bedrijf met ruim achthonderd werknemers en twaalf restaurants verspreid over het hele land. Alleen al in Amsterdam zijn er nu vijf verschillende Loetjes. In Utrecht en Breukelen werden vorig jaar vestigingen geopend en dit jaar is het de beurt aan Rotterdam (half april) en de Amsterdamse Zuidas (eind 2017).

Vorige maand werd het veertigjarig jubileum gevierd van het restaurant in Amsterdam-Zuid, dat in februari 1977 werd opgestart. Volgens Esther Springer, communicatiemanager van het bedrijf, is aan het concept in al die jaren niets afgedaan - hier en daar een moderne toevoeging zoals tonijnbiefstuk daargelaten. De reden voor het succes is volgens Springer moeilijk te verklaren. Aan marketing doet het bedrijf in elk geval niet veel: “We staan soms zelf ook een beetje te kijken van het succes. Misschien komt het door de toegankelijkheid: er komen hier buurtbewoners, maar mensen komen ook speciaal van ver om bij Loetje te eten. Gezinnetjes, maar ook zakenmensen. En we combineren het eten van een maaltijd met het borrelen vooraf.”

Drukte

Het succes van Loetje zorgt soms voor lange wachttijden. Voor sommige buurtbewoners in Amsterdam-Zuid een reden om het restaurant te mijden. Zo ook voor buurtbewoonster Lisa Nispel (70): “De laatste jaren komen we er niet vaak meer vanwege de drukte. Je moet om 17.00 uur komen anders is er geen plek. Dat vinden wij te vroeg.” Ze zag het bedrijf de afgelopen jaren enorm groeien. “Het is een heel consortium geworden, met meerdere vestigingen. Ik zit er eigenlijk alleen nog in de zomer, als je er heerlijk op het terras kunt zitten.” Ze kende Klinkhamer niet persoonlijk, maar zag hem regelmatig. “Een buurvrouw en ik zagen hem vorige week nog fietsen, zo fit als een hoentje.”

Loetje Klinkhamer viel op 24 februari van de trap, in het restaurant in Zuid waar het succes ooit begon. Hij was er sinds de overname nog regelmatig te vinden, volgens Springer “om het vlees te snijden of om een borrel te drinken”. Zijn vrouw was reeds overleden.

    • Etienne Verschuren