Opinie

Moedige poging om debat over Europa open te breken

De Europese Unie zit in een lastig parket. Het verbond is nog buiten adem van de existentiële dreun van de Brexit, kampt met een niet bijster EU-gezinde Amerikaanse president en moet maar afwachten hoe Europees de regeringen in Nederland en Frankrijk zullen zijn na verkiezingen dit voorjaar.

De zestigste verjaardag van de Verdragen van Rome, de geboorteakte van de EU, op 25 maart, komt dan ook tamelijk ongelegen. Om te voorkomen dat de gasten op het verjaarspartijtje sip in hun glaasje staren en slechts herinneringen ophalen aan vroeger, heeft Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker vijf toekomstscenario’s ontwikkeld, inclusief een optie waarbij een kopgroep samenwerking intensiveert.

De wereld staat in brand. En wat doet de EU? Ze presenteert een White Paper, gevuld met bekende ideeën. En wat zegt het over een leider als hij in het heetst van de strijd een keuzemenu voorschotelt in plaats van voor te gaan op de weg naar een betere toekomst?

Het is makkelijk om Junckers voorzet af te doen als een weinig inspirerende inventarisatie van toekomstopties. Juncker verdient echter lof voor zijn initiatief. Hij geeft het onontkoombare debat over de toekomst van Europese samenwerking een rustig en helder uitgangspunt en legt het debat daar waar het hoort: bij de kiezers en de lidstaten. Bovendien geeft hij ruimte aan de optie om de toekomst structureel te zoeken in minder Europa; Junckers Commissie werkte in praktijk al een minder ambitieuze agenda af dan haar voorgangers.

Een groeiende minderheid aan kiezers vraagt weliswaar al jaren om minder Europa, maar het was in Brussel niet vanzelfsprekend die optie serieus onder ogen te zien. Het kan geen kwaad om de varianten voor meer en minder samenwerking met de daarbij behorende pluspunten én nadelen in kaart te brengen. Niets werkt het vage anti-Brussel sentiment méér in de hand dan de idee dat alle Europeanen zijn opgesloten in een trein die richting federalisme raast, met hel en verdoemenis als enig alternatief.

Juncker loopt al enige tijd te hoop tegen de gewoonte van lidstaten om de verantwoordelijkheid voor een probleem in Brussel te leggen, maar Brussel vervolgens niet de middelen of het vertrouwen te geven dat probleem ook daadwerkelijk op te lossen. Dat is een recept voor teleurstelling. Juncker stelt, terecht, dat er mede daardoor een enorme kloof gaapt tussen wat landen en kiezers van de EU verwachten en wat de EU daadwerkelijk levert. Als zijn initiatief leidt tot een realistischere discussie over wat de EU kan en moet, is dat winst.