Trump matigt zijn toon bij het Congres, niet zijn boodschap

Toespraak Congres

De eerste toespraak voor het Congres van president Trump was beheerster dan gewoonlijk.

Foto Jim Lo Scalzo/AP

Donald Trump zou weleens een effectieve president kunnen worden, als hij zich weet in te houden. Zijn eerste toespraak, dinsdagavond, voor de verzamelde vergadering van het Congres was beheerster van toon dan tot nu toe gewoon was. Dat leidde na afloop tot vrijwel unaniem lovende reacties, zelfs bij progressieve en sceptisch-conservatieve commentatoren. Trump had eindelijk koers naar het midden gezet.

Althans, wat betreft zijn stijl: zijn roep om politieke eenheid en zijn pleidooi om „de tijd van triviale meningsverschillen achter ons te laten”. Inhoudelijk week zijn toespraak – geen officiële State of the Union, omdat hij pas is aangetreden – nauwelijks af van wat hij eerder had gezegd.

Het Amerika dat Trump schetste, gaat gebukt onder „grenzen die wijd openstaan”. Drugs, terroristen en migranten komen binnen en door handelsakkoorden en „stervende industrieën” verdwijnen de banen de grens over. Zijn verkiezing in november noemde hij „een opstand” tegen deze neergang. „We willen dat alle Amerikanen slagen, maar dat kan niet in een klimaat van wetteloze chaos.”

Trump legde voortdurend een verband tussen migranten en criminaliteit. „We verwijderen bendeleden, drugshandelaren en criminelen die onze gemeenschappen bedreigen en op onze burgers azen. De slechterikken gaan eruit, zoals ik beloofd heb.”

Hij kondigde een nieuwe instantie aan die zich exclusief richt op „Amerikaanse slachtoffers” van criminaliteit door migranten.

Dat was opmerkelijk, omdat het Witte Huis de hele dag had laten doorschemeren dat er gematigd gesproken zou worden over immigratie. Trump liet tijdens een lunch met journalisten weten dat hij bereid was om met een compromisvoorstel over immigratiehervorming te komen. Zo zou hij miljoenen migranten zonder de juiste papieren met rust laten en alleen misdadigers willen uitzetten. Daar bleek in zijn toespraak voor het Congres niets van.

Trump sprak nauwelijks over het buitenland. Rusland en Europa werden zelfs helemaal niet genoemd. Wel stond hij uitgebreid stil bij de dreiging van buitenlands terrorisme. Hij kondigde een nieuw inreisverbod aan. Zijn vorige inreisverbod, dat zeven overwegend islamitische landen betrof, werd door twee rechtbanken vernietigd. Het nieuwe inreisverbod werd overigens deze week verwacht, maar pal na de speech kondigde het Witte Huis uitstel aan.

Trump pleitte daarnaast opnieuw voor maatregelen om „radicaal islamitisch terrorisme” tegen te houden. Die woordkeuze is meer dan opmerkelijk. Zijn voorgangers hebben nooit expliciet de relatie tussen de islam en terrorisme willen leggen. En ook in Trumps entourage is er debat over. Zijn nieuwe Nationale Veiligheidsadviseur, Herbert McMaster, vroeg Trump de term niet te gebruiken, omdat het vooral problemen zou veroorzaken. Trumps adviseur Sebastian Gorka, een havik, verwees op Twitter naar deze interne discussie. Pas nadat Trump de woorden wel had gebruikt, schreef hij: „Radicaal islamitisch terrorisme! Iemand nog vragen?”

Trump kondigde grote uitgaven aan. Zo wil hij 1.000 miljard dollar investeren in infrastructuur. Defensie, een alleseter op de begroting, krijgt er 54 miljard dollar bij. De belasting voor ondernemingen wil hij verlagen. Hij wil investeren, maar kwam niet met ideeën om te bezuinigen. Dat is opmerkelijk, want zijn hele campagne beloofde hij dat hij de staatsschuld zou verminderen. Dat woord viel nu niet en het woord ‘begrotingstekort’ evenmin. Trump strooide met geld en de Republikeinen in de zaal applaudisseerden.

De vraag is hoe lang dit verstandshuwelijk duurt. Trump liet merken dat hij zich weinig van Republikeinse orthodoxie aantrekt. Niet alleen lijkt hij voorstander van grootschalige gesubsidieerde zorg, hij wil ook dat de overheid actief ingrijpt in de markt. Zo kondigde hij aan dat hij zich zal bemoeien met de kosten van medicijnen, vrijhandelsakkoorden en bedrijven die vestigingen in het buitenland willen openen. Maar hij weigerde de rol van wereldleider te spelen. „Mijn baan is niet om de wereld te vertegenwoordigen. Het is mijn baan om de VS te vertegenwoordigen.”

Het zijn ideeën die ver afstaan van zijn eigen partij. Alleen als Republikeinen het gevoel hebben dat Trump in ieder geval een deel van hun agenda kan uitvoeren, zullen ze voor hem blijven juichen zoals ze dinsdagnacht deden. Juist doordat Trump zijn toon wat matigde, vergrootte hij zijn overlevingskansen in Washington.

    • Guus Valk