Extra munitie voor Duitse ECB-critici: inflatie zit nu boven 2 procent

Monetair beleid

Met de inflatie in de lift zwelt de Duitse kritiek op de ECB aan. Maar een snelle wijziging van het monetair beleid is onwaarschijnlijk.

Fabrieken in Duisburg Foto AP

Veel enthousiasme is er in Duitsland nooit geweest voor het ultra-ruime monetaire beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). Nu de inflatie in de Bondsrepubliek sneller toeneemt dan voorzien, klinkt de Duitse roep om versobering van de geldpolitiek steeds luider.

De prijzen van consumentenproducten lagen in Duitsland vorige maand 2,2 procent hoger dan een jaar eerder, zo maakte het Duitse bureau voor statistiek woensdag bekend. Het is voor het eerst in bijna vijf jaar dat de inflatie uitkwam boven de 2 procent. Donderdag werd bekend dat ook de inflatie in de eurozone in februari de 2 procent heeft bereikt. De ECB streeft een inflatiecijfer van vlak onder de 2 procent na.

Veel Duitse politici en economen verwijten ECB-president Mario Draghi dat hij met zijn monetaire beleid spaarders, banken, verzekeraars en pensioenfondsen in de problemen brengt. Het belangrijkste ECB-rentetarief staat op 0 procent en de ECB koopt maandelijks voor 80 miljard euro aan voornamelijk staatsleningen op. Vanaf april gaat het niet om 80 maar om 60 miljard.

Lees ook: Draghi: mijn beleid is goed voor Duitsland

Hoogste tijd om op de rem te trappen, vinden critici in Duitsland, zeker nu de Duitse inflatie de magische grens van 2 procent is gepasseerd. „Dat moet aanleiding zijn om nu de eerste stappen tot normalisering van de geldpolitiek te zetten”, reageerde Michael Heise, hoofdeconoom van verzekeraar Allianz, in Handelsblatt.

Toch ligt het voor de hand dat de ECB niet direct reageert op de stijgende inflatie. De centrale bank is er immers voor de eurozone als geheel, en niet alleen voor de Bondsrepubliek. Ook in de rest van Europa stijgen de prijzen, maar lang niet overal zo snel als in Duitsland, dat krapte kent op de arbeidsmarkt en economisch goed draait.

Daar komt bij dat de toenemende inflatie voor een belangrijk deel is toe te schrijven aan stijgende grondstoffenprijzen. De onderliggende inflatie in Duitsland, waarin prijzen van voedingsmiddelen en olie niet zijn meegenomen, bleef in februari steken op 1,3 procent. Voor de eurozone kwam deze maatstaf uit op 0,9 procent.

 En dan is er nog de kwestie van de betrouwbaarheid van de ECB. Onlangs maakte Draghi bekend het opkoopprogramma van staatsleningen te verlengen tot eind dit jaar, zij het met een lager maandelijks opkoopbedrag. Nu reageren op een toename van de inflatie, waarvan nog moet blijken hoe robuust die is, tast de voorspelbaarheid van de ECB aan. Volgende week donderdag komt het ECB-bestuur weer bij elkaar.