Recensie

Het poëtische realisme van Dries Van Noten

Dries Van Noten gaf zijn honderdste modeshow in Parijs. Zijn collectie voor najaar 2017 belichaamt de kern van de stijl van zijn modehuis: bijzondere, maar draagbare kleding.

Foto Patrick Kovarik/AFP

Er zijn niet veel modeontwerpers meer die zo lang bij een merk blijven dat ze de honderdste modeshow kunnen vieren. Zeker de laatste tijd is het bij de meeste oude modehuizen een komen en gaan van hoofdontwerpers. Ontwerpers die zelf hun huis hebben opgericht, voelen zich of zijn soms gedwongen een meerderheidsaandeel te verkopen, wat vaak tot gevolg heeft dat ze na een paar jaar opstappen, al dan niet na ruzie – dit najaar nog verliet Consuelo Castiglioni haar Marni, sinds 2012 eigendom van Diesels Renzo Rosso.

Lees ook: Mode in Milaan: iedereen mag meedoen

Dries Van Noten is, samen met onder meer Giorgio Armani, Ralph Lauren en Dolce & Gabbana, een van uitzonderingen: een ontwerper die al tientallen jaren aan het hoofd staat van een merk dat nog steeds helemaal van hemzelf is. Van Noten begon zijn merk in 1986, als een van de legendarische Antwerpse Zes, een groep van Belgische modeontwerpers die midden jaren tachtig internationaal doorbrak. In 1992 gaf hij zijn eerste mannenshow, een jaar later kwamen daar vrouwenmodeshows bij. Net als zijn vijftigste modeshow (een diner voor alle aanwezigen, met de 135 meter lange tafel als catwalk) viel ook dit jubileum tijdens de vrouwenmodeweek. Deze keer was de setting simpel: rijen houten klapstoeltjes en een witte lage catwalk, geen decor; de modeshow teruggebracht tot de essentie.

In verschillende opzichten was de show een retrospectief. In de soundtrack kwamen flarden muziek terug uit eerdere shows. Noten, die bekend staat om zijn dessins, had prints gerecycled uit bijna al zijn vrouwencollecties, al gebruikte hij die niet letterlijk opnieuw.

Over oude dessins waren nieuwe heen gedrukt, of er kwam een abstract borduursel bij; het genummerde boekje dat op alle stoelen lag liet zien wat er met welke print uit welk jaar was gedaan.

En de show werd woensdagmiddag geopend door vijftiger Kristina de Coninck, die ook Van Notens allereerste vrouwenshow opende. Alle modellen hadden eerder in shows van Van Noten gelopen, en zo was het op de catwalk een aangename mix van vrouwen van verschillende generaties die duidelijk plezier hadden. Een nostalgisch weerzien, en tegelijkertijd een zeer actuele casting. Diversiteit, zowel wat betreft kleur als wat betreft leeftijd, is –eindelijk – een belangrijk thema in de modewereld.

De ontwerpen waren geen terugblik, maar de belichaming van de kern van de stijl van het modehuis: bijzondere, vaak bewerkelijke kleding die toch gemakkelijk te dragen is, en geschikt is voor vrouwen (en mannen) van alle leeftijden en met bijna alle maten. En zelden zag die stijl er zo toegankelijk uit als in de vrouwencollectie voor najaar 2017.

Opvallende jassen – gewatteerd en van kleurrijke gedessineerde stoffen bijvoorbeeld, of van wol of corduroy met mouwen van kunstbont – waren gecombineerd met coltruien of overhemden, ruime (spijker)broeken en platte veterschoenen. Oversized, mannelijke colberts met broeken werden verfeestelijkt door er een jurk of oversized sjerp bij te dragen. Jurken – onder de ‘onderjurkmodellen’ kwamen blouses – vielen losjes en comfortabel langs het lichaam. Het leek soms of de vrouwen zelf een keuze uit de collectie hadden gemaakt, en die stukken droegen met hun eigen kleding en schoenen. Het leverde een totaalbeeld dat je zou kunnen omschrijven als poëtisch realisme, of realistische poëzie. Een buitengewoon aantrekkelijk en vriendelijk modevoorstel.

    • Milou van Rossum