Cyberveiligheid

Rapport waarschuwt voor cybercrime door buitenlandse inlichtingendiensten

De grootste dreiging op internet komt van buitenlandse inlichtingendiensten die in Nederland op grote schaal politieke, militaire en technologische informatie verzamelen en manipuleren. Dat stelt het Rathenau Instituut in een rapport over cybercrime dat het deze donderdag heeft uitgebracht.

„Landen als Rusland en China zetten dagelijks meer dan honderdduizend personen in voor spionagedoeleinden”, aldus het rapport. „Nederlandse overheidsinstellingen zijn structureel doelwit van omvangrijke en geavanceerde digitale spionage-aanvallen.”

Het Rathenau Instituut doet onder meer onderzoek naar effecten van nieuwe technologie. Dit rapport is gemaakt in opdracht van inlichtingendienst AIVD en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding.

In het rapport, Een nooit gelopen race, herhalen de onderzoekers de waarschuwing die in vrijwel elk rapport over het onderwerp staat: „De huidige maatregelen van overheid en bedrijfsleven tegen cyberdreigingen volstaan niet meer.” Het benadrukt daarnaast dat kleine en middelgrote bedrijven alsmede ziekenhuizen bijzonder kwetsbaar zijn voor ransomware, waarbij hackers cruciale gegevens ‘kapen’ en pas in ruil voor losgeld weer vrijgeven. Dat gebeurt vooral door criminelen.

Ook de snelle en grotendeels ongecontroleerde ontwikkeling van het internet of things versterkt de kwetsbaarheid. De beveiliging van apparaten met een internetverbinding is vaak niet op orde waardoor ze kunnen worden gehackt: van thermostaten tot auto’s.

Volgens de onderzoekers moet er een onafhankelijk kenniscentrum voor kleine en middelgrote bedrijven komen. Vitale sectoren als zorg, telecom, drinkwater- en energievoorziening zouden een jaarlijkse ‘hacktest’ moeten uitvoeren. Toezichthouders als de Autoriteit Consument en Markt en het Agentschap Telecom moeten volgens de onderzoekers ook harder optreden tegen onveilige apparaten.

    • Wouter van Noort