Al 6.000 handtekeningen voor voortbestaan drogist

Talk of the Town

De Nieuwmarktbuurt roert zich: de eeuwenoude drogisterij Jacob Hooy dreigt te verdwijnen. „Al bieden ze een miljoen, we gaan hier niet uit.”

Foto Rien Zilvold

‘Ik kom niets kopen hoor, alleen de petitie tekenen.” Een vrouw staat in de deuropening van drogisterij Jacob Hooy. Van achter de balie snelt Jet den Hollander (56) op haar af. „We hebben de petitie alleen online, heeft u internet?” „Nee, maar komt goed”, zegt de vrouw. „Mijn man wel.”

Zo’n zesduizend handtekeningen heeft drogisterij Jacob Hooy op de Kloveniersburgwal 12 inmiddels binnen. Het voortbestaan van de winkel staat op losse schroeven omdat de eigenaar van het pand, de Nederlandsche Beleggings Maatschappij (NBM), in een conflict is beland met de drogisterij van Rik (52) en Arne (54) Oldenboom. Het pand werd in 2014 verkocht aan NBM, die het huurcontract opzegde. De kantonrechter heeft de familie Oldenboom gelijk gegeven, maar NBM is in hoger beroep gegaan.

Duivelsdrek en tonkabonen

Jacobus Hooij was 24 jaar oud toen hij in 1743 een kruidenierskraam begon. In 1776 had hij genoeg gespaard om het pand op de huidige Kloveniersburgwal te kopen voor 8.100 gulden (3.675 euro). Het liep in de eerste decennia niet altijd even goed met de winkel en in 1846 nam de familie Oldenboom het pand over.

Een kleine twee eeuwen later heeft de winkel nog altijd een prikkelende kruidengeur, alsof je in de tijd van de specerijenhandel met Oost-Indië bent beland. Veel kruiden zijn moeilijk elders te vinden. Duivelsdrek bijvoorbeeld, in India populair vanwege de antibacteriële werking. Of de sterke tonkabonen, die hippe barmannen kopen om meer smaak te geven aan gin-tonics. Wijlen culinair journalist Johannes van Dam kocht hier vroeger lavaswortel voor in de soep. Als hij erover schreef in zijn column, stond de dag daarna de winkel vol met gegadigden voor het kruid.

„Vaak weet ik zelf niet of we het hebben, als klanten ergens naar vragen”, zegt Den Hollander terwijl zij voor een klant zoekt naar veganistische vitamine D-tabletten. Tussen met losse kruiden gevulde laden en tonnen met opschriften in het Latijn en roestige weegschalen vallen de vele moderne verpakkingen uit de toon. Haarverf, lippenstift, huidcrème. „Het meeste komt nu in zakjes binnen, hè”, zegt Den Hollander.

Het is druk in de winkel, al komen veel mensen enkel steun betuigen. „Zo’n beetje alles wat wij aan de zaak verdienen, zijn we weer kwijt aan procederen”, zegt Rik Oldenboom. „Wij hebben aangeboden om bijna twee keer zoveel huur te betalen, namelijk 3.000 euro per maand. Alles wordt afgewezen.”

Eigenaar NBM wil alleen schriftelijk en via de advocaat reageren. De winkel moet uit het pand vanwege reparaties aan het fundament. NBM is naar eigen zeggen „bereid in gesprek te gaan over terugkeer van Jacob Hooy na renovatie”.

De broers Oldenboom zeggen dat de reparaties volgens experts die zij inschakelden prima kunnen plaatsvinden met de drogisterij ín het pand. Bovendien, zeggen de huurders, gaat het hier om een rijksmonument.

Wegen in de winkel

„Gelukkig hebben wij het geld voor de rechtszaken”, zegt Oldenboom. Want ze hebben ook nog de groothandel Jacob Hooy, buiten Amsterdam, die internationaal actief is. „Al bieden ze een miljoen, we gaan hier niet uit. Dit is onze familiegeschiedenis”, zegt Oldenboom.

Vader John (78) zou het „een ramp” vinden als de winkel verdwijnt. Al in zijn jeugd moest hij helpen in de winkel en hij groeide op boven het pand. Andere tijden, zegt hij, waarin alles kon in de winkel. „Hoertjes kwamen make-up en scheermesjes bij ons kopen. En veel mensen lieten zich nog bij ons in de winkel wegen, kun je het je voorstellen?”

    • Liza van Lonkhuyzen