Opinie

    • Peter de Bruijn

Pervers, sadistisch en voyeuristisch

Peter de Bruijn zag de nieuwe documentaire over Brian De Palma. Filmstudenten kunnen er veel van leren.

Waarom gebeurt dit niet vaker? Neem een regisseur met een enorme staat van dienst, zet hem neer op een stoel en laat hem praten over zijn carrière en zijn vak. Illustreer het geheel met de meest veelzeggende momenten uit zijn films. Klaar. Zo gingen regisseur Noah Baumbach en Jake Paltrow te werk met Brian De Palma (Carrie, Scarface, Blow Out) en dat resulteerde in de voortreffelijke documentaire De Palma (verkrijgbaar op Britse import-dvd).

De Palma kwam op in de jaren zeventig met zijn vrienden en generatiegenoten Steven Spielberg, Martin Scorsese en Francis Ford Coppola, maar zijn reputatie is een beetje weggezakt. De Palma laat zien waarom dat onterecht, maar wel te verklaren is. De eerste beelden in de documentaire zijn niet afkomstig uit een van De Palma’s eigen films, maar uit Hitchcocks Vertigo. De Palma, die tot dat moment een ‘science nerd’ was, zag de film in 1958 en dat veranderde zijn leven.

De Palma verklaart in de documentaire, niet ten onrechte, dat hij de enige hedendaagse filmmaker is die zo consequent verder heeft gewerkt in het spoor van Hitchcock. Hij staat voor een cinema die louter met visuele middelen wil overtuigen, die kunstmatigheid niet verhult maar onderstreept, en diep duikt in de perverse – sadistische en voyeuristische – trekken van de menselijke natuur. Daar trek je niet per se volle zalen mee.

De Palma is een controversiële figuur, vanwege het excessieve geweld in zijn films. Achter de excessen gaat een koele, berekenende geest schuil, die het geweld in films als Scarface en Dressed to Kill vooral ‘logisch’ in beeld wil brengen. De shoot-out aan het einde van Scarface die zo compleet over de top gaat, was het gevolg van te veel tijd. Doordat hoofdrolspeler Al Pacino twee weken was uitgeschakeld met een handblessure had De Palma alle tijd om eerst op de meest onmogelijke manieren de drugsbende te filmen die Tony Montana te grazen neemt.

Filmstudenten kunnen een hoop leren van De Palma. Baumbach en Paltrow brengen vrij systematisch alle aspecten van een filmcarrière in beeld: de relatie van regisseur en scriptschrijver („Ik ben nog uit de tijd dat je als regisseur meeging als de studio de scenarist ontsloeg”), de verhouding met acteurs („Ze zijn altijd totaal gefocust op één specifieke scène”), wat te doen na een kolossale flop („Soms moet je gewoon blijven werken om niet te hoeven nadenken”), de macht van sterren („Plotseling wilde John Travolta de rol in Blow Out, dat veranderde alles”), recensies en slechte publiciteit waar De Palma veelvuldig mee te maken kreeg („Je wordt altijd beoordeeld naar de mode van het moment. Als de mode voorbij is, hoor je die verwijten ook nooit meer.”)

Baumbach en Paltrow zijn persoonlijke vrienden van De Palma. Dat zal enorm hebben geholpen om de notoir kribbige regisseur aan de praat te krijgen: vooral over zijn werk, maar ook over zijn persoonlijke achtergrond: kort en duidelijk. Zijn ouders hadden een rampzalig huwelijk, De Palma’s ouderlijk huis was een „war zone”. Dat maakte hem naar eigen zeggen „heel hard”. De „intense concentratie” die hij nodig had voor zijn films ging bij De Palma boven alles. „Dat kan voor mensen in je omgeving lastig zijn: ik ben niet getrouwd met jou, ik ben getrouwd met mijn film.”

Peter de Bruijn is filmrecensent.

    • Peter de Bruijn