Opinie

    • Ton Planken

Met deze televisiedebatten blijven de kiezers zweven

Laat lijsttrekkers al tijdens het verkiezingsdebat formeren, betoogt . Dan weet de kiezer welke standpunten uitvoerbaar zijn.

Wanneer gaan al die debatleiders en ‘talk show hosts’ op radio en tv nou eens hun eigenlijke werk doen? Politici drie minuten laten leeglopen op een favoriet thema, dat kan elke leerlingpresentator. Maar lijsttrekkers dwingen de aanstaande machtsverhoudingen aan te geven, is kennelijk een opgave die de krachten te boven gaat.

Al ligt het ook aan de gehanteerde debatformules. Daar kán eenvoudig niets uitkomen waar je als kiezer de te stemmen partij mee kunt bepalen. Debatjes van twee of drie tegengestelde lijsttrekkers, of gast mogen zijn aan een volle tafel, leveren niet veel meer op dan wat standpunten en oordelen, die je de volgende seconde alweer goeddeels vergeet. Omdat ze niet bijdragen aan enigerlei kennis welk beleid we de komende vier jaar kunnen verwachten, voor welk brandend issue ook.

Een treffend voorbeeld van dat gezamenlijke debatleidersfalen is wel dat het RTL-lijsttrekkersdebat in de Rode Hoed van afgelopen zondag geen énkele verandering in de gepeilde stemvoorkeuren wist te veroorzaken. Zo meldde Maurice de Hond ons. Nog relevanter: Maurice gaf afgelopen maandag ook aan dat nog altijd zeventig procent van de kiezers niet weet op welke partij te stemmen. Op zijn best had elk van die kiezers een shortlist van twee of drie partijen. Dus wat hebben die lijsttrekkers en die debatleiders dan die hele avond staan dóen?!

Toch wist RTL te melden wie het debat had gewonnen. Alsof dat relevant is. Had de vraag gesteld hoeveel kiezers zich in dat debat hebben laten overhalen op een bepaalde lijsttrekker te gaan stemmen.

Zeker, ook niet-meetbare factoren spelen bij kiezers mee. Verwoordt hij mijn mening? Besteedt hij aandacht aan mijn situatie, mijn zorgen? Komt hij sympathiek over? Laat hij zich de kaas niet van het brood eten? Maar kennelijk heeft ook dat niet voldoende gewerkt. Anders zouden er niet zoveel zwevende kiezers zijn.

Hoe moet het dan wél? Per favoriet beleidspunt zou één lijsttrekker moeten aangeven met welke andere partijen hij een meerderheid in het parlement (Tweede en Eerste Kamer graag) voor dat specifieke beleidspunt denkt te kunnen vormen. En voor welk geschat budget, want ook daar zijn de meningen over verdeeld. Vervolgens moeten die andere lijsttrekkers worden bevraagd of ze daar inderdaad mee instemmen. Of een compromis voorstellen. Debatleiders mogen niet rusten vóór zij een definitief antwoord over die meerderheidsvraag hebben losgebrand.

Liever 1,5 uur doorzaagwerk dat duidelijk maakt of één specifiek beleidspunt in het volgende kabinet de eindstreep gaat halen, dan de politici freischwebend laten roepen over een x aantal thema’s. Thema’s waarin we ons als kiezer misschien ‘herkennen’. Maar die geen enkel inzicht geven of dat punt ooit realiteit kan worden.

De modale kiezer moet in staat zijn twee voorgestelde beleidspunten van zijn partij te onthouden. Herhaal bovengeschetste procedure daarom een paar keer en de kiezer zou weten wélke partij op zijn shortlist de meeste – voor hem belangrijke – programpunten met een goede kans op succes in de kabinetsformatie gaat inbrengen. Dan kan hij tenminste met enige vaste grond onder de voeten zijn stem op juist die partij uitbrengen.

Dan wordt ook ruwweg zichtbaar welke partijen, gezien de samenloop in gewenste beleidspunten, met elkáár een coalitie zouden kunnen vormen. Of desnoods een minderheidskabinet, dat met wisselende meerderheden regeert om telkens enkele issues tot oplossing te brengen. Laat de debatleider of een onafhankelijke waarnemer aan het eind van zo’n lijsttrekkersdebat daar dan eens de samenvatting van geven.

Dus radio- en tv-smaakmakers: ga je werk nou eens doen!

    • Ton Planken