Opinie

Joden verdienen ruimhartige compensatie voor wanbestuur

Het cliché ‘beter laat dan nooit’ gaat in dit geval niet op: Den Haag besluit eindelijk de financiële en vooral morele schuld in te lossen die de stad heeft aan de Joodse gemeenschap.

Scheidend burgemeester Jozias van Aartsen (VVD) liet deze week weten dat de gemeente 2,6 miljoen euro wil reserveren om Joodse huiseigenaren te compenseren die na de oorlog nog tien jaar zijn achtervolgd met belastingheffingen over hun bezit dat hun tijdens de Duitse bezetting was ontnomen. Was een huiseigenaar vermoord in de oorlog dan moesten de nabestaanden betalen. Want, zo redeneerde de gemeente in de ongevoeligheid die deze jaren kenmerkt, de Joden mochten dan wel door de Duitse bezetter zijn onteigend, hun namen stonden in het kadaster, dus zij waren in juridische zin ‘genothebbenden’. Vandaar de aanslag voor niet betaalde gemeentebelastingen over de jaren 1943 tot en met 1945.

Uit een onderzoek, dat vreemd genoeg nu pas is gedaan, naar de houding van Den Haag tegenover Joodse huiseigenaren blijkt bovendien dat deze gemeente Joodse eigenaren of nabestaanden beboette indien zij weigerden deze belasting te betalen.

Eerder kwam al aan het licht dat Amsterdam er dezelfde praktijken op na heeft gehouden. Die stad besloot in 2014 – ook veel te laat – tot restitutie van dat soort boetes en in 2016 tot teruggave van de erfpacht zelf. Dat bedrag komt met rente inmiddels neer op ruim tien miljoen euro. Afgelopen zomer werd besloten het ten goede te laten komen aan de Joodse gemeenschap in de hoofdstad.

Dit soort kwesties brengt de discrepantie aan het licht tussen de fraaie woorden die bestuurders en politici altijd weer weten te vinden, wanneer zij bijvoorbeeld op 4 mei stilstaan bij de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog, en de kille botheid van hun ambtelijke apparaat. Dat heeft immers onder hun gezag deze maatregelen uitgevoerd – of kwam niet of veel te laat op de gedachte om de gemaakte fout te herstellen.

De Haagse gemeenteraad die over deze voordracht nog moet besluiten, doet er goed aan deze als hamerstuk te behandelen. Deze kwestie vervult iedereen van plaatsvervangende schaamte. Daaraan moeten geen woorden meer worden vuilgemaakt. Deze misstand had veel eerder moeten worden rechtgezet. Datzelfde geldt voor andere steden die deze praktijken mogelijk hebben toegepast. De grote misdaad van de nazi’s, meelopers, collaborateurs, profiteurs en wegkijkers jegens de Joodse gemeenschap kan niet ongedaan worden gemaakt. Maar het openbaar bestuur kan wel onrechtmatig en immoreel optreden repareren. Ruimhartig en snel.

In een eerdere versie van dit commentaar stond dat het bedrag van de aan Joden in Amsterdam gerestitueerde boetes op niet-betaalde erfpacht met rente was opgelopen tot tien miljoen euro. Die tien miljoen euro betreft echter de erfpacht zelf, niet de boetes.