Hoe moet het verder met de EU? De lidstaten zijn aan zet

EU-toekomstnota van Europese Commissie

Aan de vooravond van het 60-jarige bestaan van de EU presenteerde de Europese Commissie woensdag vijf toekomstscenario’s.

Voorzitter van de Europese Commissie Jean-Claude Juncker (L) geeft samen met Antonio Tajani (R), voorzitter van het Europees Parlement, na de bijeenkomst in Brussel woensdag. Foto AFP

De Europese Commissie daagt lidstaten uit om dit jaar nog te kiezen hoe het verder moet met de Europese Unie. In een woensdag gepubliceerde discussienota schetst de Commissie vijf opties, die kunnen leiden tot minder gemopper over de EU.

Volgens Commissievoorzitter Juncker gaapt er een enorm gat tussen wat burgers en landen verwachten van de EU – véél! – en het weinige wat er van terecht komt. Een giftig recept voor desillusie. Het gaat er de Commissie niet om of er méér of minder Europa moet komen – die keuze is „misleidend en simplistisch”. Maar de EU moet, op z’n minst, geloofwaardig zijn, en niet, zoals nu, een kweekvijver voor ontgoocheling.

Voorbeelden te over: Brussel kreeg na de eurocrisis extra verantwoordelijkheden op gebied van begrotingsbewaking, maar de middelen om echt te corrigeren bleven achterwege. De pogingen de vluchtelingencrisis onder controle te krijgen, lopen vast op lidstaten die beloftes niet nakomen. Of neem de bestrijding van jeugdwerkeloosheid: de Commissie wordt geacht het voortouw te nemen, maar waarmee? Wat de EU op sociaal gebied te besteden heeft is 0,3 procent van wat landen hiervoor zelf uitgeven. Dat patroon, waarbij de Commissie ongewapend de strijd in wordt gestuurd, moet worden doorbroken, zegt Juncker.

Veel om trots op te zijn

Volgens Juncker is er veel om trots op te zijn. Er worden al 70 jaar geen ontwrichtende oorlogen meer gevoerd. De welvaart in de EU is in internationaal perspectief enorm, de sociale gelijkheid is groot. Maar de wereld verandert: in 1900 was 25 procent van de wereldbevolking Europeaan, nu is dat minder dan 7 procent. Op economisch gebied krimpt het EU-aandeel snel, van 26 procent in 2004 naar 22 procent in 2015.

In een reactie spreekt Europarlementariër Bas Eickhout (GroenLinks) van „een relevante analyse die misschien zelfs Mark Rutte nog aan het denken gaat zetten”. Wil Europa een vuist blijven maken in de wereld, dan ligt samenwerking voor de hand.

Geen voorkeur

De vraag is hoe. Juncker wilde geen voorkeur uitspreken voor een van zijn vijf opties. Nationale parlementen zijn nu aan zet. „Ik ben geen dictator.” Hij vindt wel dat politici nu zelf goed hun burgers moeten uitleggen wat de gevolgen zijn van elk pad. Het CDA verwelkomde deze „open benadering” woensdag. „Het debat moet weer terug naar de mensen”, zegt Europarlementariër Esther de Lange.

Op 25 maart willen EU-leiders het zestigjarig bestaan van de EU vieren, in Rome, waar het in 1957 allemaal begon. Aanvankelijk moest dan een proces van herbezinning worden afgesloten, na het ‘rampjaar’ 2016: Brexit, vluchtelingencrisis, Trump. Maar door cruciale verkiezingen in Nederland, Frankrijk en Duitsland is dat lastig. Rome lijkt daarom eerder het startschot van de discussie te worden. Met nu dan een voorzet vanuit Brussel.

De ‘white paper’ met daarin de voorstellen van Juncker:

    • Stéphane Alonso