Voor Asscher dringt de tijd

PvdA

Een opleving van de PvdA blijft uit, ook na de debatten van dit weekend. Stevent Lodewijk Asscher af op een historische nederlaag?

Vicepremier Lodewijk Asscher eind januari in Den Haag. Foto Martin Beekman

Paul Tang vindt dat Lodewijk Asscher het „uitstekend” heeft gedaan. Het enige wat volgens de PvdA-europarlementariër nog een beetje meer zichtbaar zou mogen zijn, is zijn gevoel voor humor. „Al blijft humor en politiek natuurlijk een lastige combinatie.”

Vraag PvdA’ers naar het optreden van Asscher bij de debatten van afgelopen weekend, en ze tonen zich tevreden. Hij was rustig, premierwaardig en scherp waar nodig. „Cool and collected”, zoals Sharon Dijksma van het campagneteam na afloop zei. „Hier stond de Lodewijk die ik wilde zien.”

Maar, zo geven PvdA’ers ook toe, Asscher heeft geen beslissende dreun weten uit te delen – noch in het Radio 1-debat, noch in de Rode Hoed bij RTL. Drie dagen later circuleert nergens online een filmpje waarin hij de concurrentie eens gedenkwaardig op hun nummer zet.

Dat was wel nodig geweest, want de tijd begint te dringen. Met nog twee weken te gaan tot verkiezingsdag schommelt de PvdA in de peilingen nog altijd rond de 12 zetels. Asschers debatoptredens hebben daar hoegenaamd geen verandering in gebracht, blijkt uit de eerste peilingen sinds zondag. Als dat zo blijft, dreigt een historische nederlaag.

De sfeer is ‘uitstekend’

In het campagneteam houden ze de moed erin. Ze wijzen op het grote aantal kiezers dat volgens peilingen nog altijd zweeft. De sfeer in de afdelingen is uitstekend, zegt partijvoorzitter Hans Spekman, en er zijn deze keer méér vrijwilligers dan in 2012. En begon de comeback van Diederik Samsom toen niet ook pas na het eerste RTL-debat, tweeënhalve week voor de verkiezingen?

Helemaal eerlijk is die vergelijking niet. Samsoms opmars in de peilingen was al vóór het gedenkwaardige RTL-debat voorzichtig begonnen: zijn sterke optreden viel in vruchtbare aarde. Bovendien had Samsom destijds een veel gunstiger uitgangspositie dan Asscher nu: hij voerde oppositie tegen een rechts kabinet met gedoogsteun van de PVV.

Van alle lijsttrekkers heeft Asscher misschien wel de minst benijdenswaardige positie. Hij torst de last met zich mee van vijf jaar regeren met de ideologische vijand, zonder dat hij – zoals premier Mark Rutte – een overtuigende claim kan leggen op leiderschap. „Iedereen in de partij”, zegt europarlementariër Tang, „beseft dat het kabinet met de VVD een hypotheek legt op de partij.”

Het gevolg is dat de PvdA-campagne hinkt op twee gedachten. Asscher verdedigt de bezuinigingen en hervormingen van het kabinet, maar zegt óók dat het anders en beter moet. Probleem is alleen dat Asscher bij ieder mooi PvdA-plan (meer vaste contracten, langer vaderschapsverlof, minder marktwerking in de zorg) van zijn opponenten de vraag krijgt: waarom heeft u daar de afgelopen vier jaar dan niets aan gedaan?

Lees ook de column van Frits Abrahams over Asscher: ‘Die naïviteit van Asscher’

De man van het fatsoen

Asscher kiest er bewust voor om over te komen als een inhoudelijk gedreven bestuurder, een politicus die wil samenwerken. Laat de anderen maar hakketakken – Asscher blijft rustig en benadrukt zijn ervaring. Sommige PvdA’ers spreken optimistisch over het innen van de ‘vicepremierbonus’ – al heeft de leider van de kleinste coalitiepartner die al sinds 1998 niet meer geïncasseerd.

Duidelijk is wel dat we in de laatste campagneweken niet meer de Asscher gaan zien die de VVD beticht van „verraad van de middenklasse” of Mark Rutte betitelt als „een slap aftreksel van een populist”. In het campagneteam is geconcludeerd dat zulke persoonlijke aanvallen niet geloofwaardig zijn, zeggen betrokkenen. Het zou niet bij Asschers karakter passen: hij is de man van het fatsoen, van beleefd zijn. Dat Asscher op die manier niet zo gepassioneerd en strijdlustig overkomt, wordt op de koop toegenomen.

Toch kan Asscher vilein uit de hoek komen. Hij laat geen kans onbenut om te benadrukken dat zijn belangrijkste concurrent op links, Jesse Klaver van GroenLinks, jong en onervaren is. Zo sprak hij na afloop van het RTL-debat niet toevallig over Klaver als „die jongen”.

PvdA wil ‘realistisch links’ zijn

Ook valt Asscher de GroenLinks-leider aan op diens groene belastingplannen, die volgens hem de gewone, hardwerkende Nederlander op kosten jagen. De hoop is dat kiezers voor verkiezingsdag toch besluiten om voor ‘realistisch links’ te gaan.

Asscher heeft vooralsnog geluk dat zijn twee concurrenten op links, Klaver en SP-leider Emile Roemer, ook geen verpletterende indruk maakten in de eerste debatten. Zolang met name Klaver geen beslissende voorsprong neemt in de peilingen, kan Asscher een rol blijven spelen in de campagne. Maar vanuit het midden dreigt nog een ander gevaar, weten ze bij de PvdA. Als Alexander Pechtold (D66) erin slaagt zich als een geloofwaardig alternatief op te werpen voor Rutte, zouden progressieve kiezers wel eens massaal voor D66 kunnen kiezen.

Vanuit de partijtop wordt alvast gepreludeerd op een nederlaag. Minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën) zei dit weekend op de radio te hopen op 20 tot 25 zetels voor de PvdA. Dat klinkt best aardig, in het licht van de huidige peilingen. Maar het zijn net zoveel zetels als Ad Melkert haalde in het PvdA-rampjaar 2002.