Commentaar

Snapchat moet bewijzen of internetmonopolies nog te breken zijn

De meeste gebruikers zullen te jong zijn om zich ermee bezig te houden, maar Snapchat gaat naar de beurs in New York. De verwachte beurswaarde die de notering aan Snapchat zal geven, wordt nu geschat op tussen de 16,2 miljard en 18,5 miljard dollar (15,3 miljard tot 17,4 miljard euro) .

Snapchat is een vooral bij jongeren populair medium, waar geposte foto’s (in theorie) slechts kort verschijnen. De twee oprichters, 26 en 28 jaar oud, zijn na de beursgang ieder goed voor een papieren vermogen van tegen de 3 miljard dollar. Dat is niet slecht voor een bedrijf dat vorig jaar zijn verlies zag oplopen tot 515 miljoen dollar en een negatieve kasstroom heeft van meer dan 700 miljoen.

De verwondering daarover wordt sleets. We zijn gewend geraakt aan techbedrijven met een stratosferische waardering, louter op basis van een verwachte revolutionaire omzetgroei of, beter nog voor de eigenaren, een toekomstig monopolie.

De beurskoersen zijn op dit moment wereldwijd aan de hoge kant, op basis van een zeer lage rente en economisch optimisme. Op de vastgoedmarkten gaan de prijzen, ook in Nederland, wederom snel omhoog. Het is niet ondenkbaar dat zich een nieuwe zeepbel vormt.

Intussen zijn veel ‘Unicorns’, jonge tech-bedrijven die meer dan een miljard moeten kosten, juist in waarde gedaald. De beursgang van Snapchat kan een belangrijk ijkpunt worden: dan blijkt de werkelijke animo van beleggers. De geschatte beurswaarde van Snapchat was nog maar kort geleden 25 miljard dollar.

Dat die waardering naar beneden is bijgesteld komt vooral door de moeite die het bedrijf heeft te groeien. De gevestigde orde, in de vorm van WhatsApp en Instagram, neemt veel van de innovaties van Snapchat over. Eigenaar van deze twee sociale media is gigant Facebook. De macht van dit concern over economie en maatschappij is al zeer groot. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor Alphabet, het moederbedrijf van Google.

In de ‘nieuwe economie’ waarin deze internetreuzen de hoofdrol spelen, zijn de effectieve monopolies van dit soort bedrijven tot nu toe goedgepraat met het idee dat zij weer even snel kunnen verdwijnen als zij opkwamen. Nieuwe, beweeglijke en innovatieve concurrenten nemen dan hun plaats in.

Dat is de theorie. Maar wat als de greep van deze twee reuzen en een handvol anderen, nu al zo groot is dat nieuwe spelers simpelweg worden opgekocht en ingelijfd? En als dat niet lukt, uit de markt worden gedrukt? Dan wordt de Brave New World van het internet pas echt griezelig.