Ze komen sporten, niet om politiek te bedrijven

Wielrennen

Voor het eerst doet een Israëlisch wielerteam mee in de grote profkoersen. Voorlopig nog met één Israëliër in de Omloop Het Nieuwsblad. „In 2019 de Tour de France, daar doen we het voor.”

De Israëlische renner Aviv Yechezkel van het Israel Cycling Team in zijn voorbereiding op de Omloop Het Nieuwsblad. Foto’s Wouter Van Vooren

Michel Wuyts „schrok een beetje” toen hij zag dat er dit jaar voor het eerst in de historie van de Omloop het Nieuwsblad een Israëlische ploeg aan de start stond. Het was eruit voor hij er erg in had, zaterdag bij de teampresentatie in het Gentse wielerpaleis ’t Kuipke. Je zag Dennis van Winden, de enige Nederlander in het team, terugdeinzen toen hij de woorden van de bekende Vlaamse wielercommentator hoorde. „Het is gewoon een mooi project, waar ze talenten willen ontdekken,” zei Van Winden geïrriteerd.

Een beetje schrikken van Israël, Wuyts bedoelde er vast niets mee, maar het legde wel bloot waar het Israel Cycling Team mee te maken krijgt nu het de hoogste regionen van het profwielrennen bereikt heeft. Middels een wildcard overigens, een uitnodiging van de organisatie. „Tja, we worden wel eens uitgescholden”, zegt Aviv Yechezkel (22) vlak voor de start van zijn eerste koers op WorldTour-niveau. Hij is nerveus, maar dat is vooral vanwege het niveau waar hij weldra aan zal worden blootgesteld, en niet omdat hij zich niet welkom voelt, of niet veilig. „We zijn wielrenners. We komen sporten, geen politiek bedrijven. Negentig procent van de mensen snapt dat wel.”

Vlag Israël niet zichtbaar op tenue

Voor die andere 10 procent is Yechezkel op zijn hoede als hij in België traint, zegt hij. „Ik kom niet in de buitenwijken van Gent of Brussel. De Israëlische vlag draag ik ook niet zichtbaar op mijn tenue. Ik wil geen mensen provoceren. Betekent niet dat ik verberg waar ik vandaan kom.” Hij ritst zijn jasje open en wijst naar zijn nek. „Hier staat heel in het klein de Israëlische vlag. Als ik win, zal ik daar zeker naar wijzen, ongeacht de gevolgen. Iedereen mag trots zijn op zijn land, toch?”

Dat hij deze zaterdag in Gent aan de start staat is überhaupt iets om trots op te zijn. Het is een klein wonder. Yechezkel is de enige Israëlische wielrenner in koers, en ook zondag, tijdens Kuurne-Brussel-Kuurne. Hij is een van de drie wielerprofs in een land van acht miljoen inwoners.

De jonge Israëli moest zijn wielercarrière helemaal zelf uitstippelen. Hij was afhankelijk van privésponsoren, ondernemers met een fietswinkel die wel een frame beschikbaar wilden stellen. „In Israël zijn geen faciliteiten voor wielrenners. Ik heb talloze e-mails gestuurd naar Belgische wielerteams met de vraag of ik eens mee mocht trainen. Dat leverde niets serieus op en op een gegeven moment moet je toch wat met je leven gaan doen. Als dit team niet was opgericht, dan was ik al gestopt met fietsen.”

Gelukkig voor hem dat Ran Margaliot (28) het in 2014 tijd vond voor een Israëlische wielerformatie. Hij was zelf Israëlisch fietsprof, maar stopte vrij snel omdat hij „gewoon niet goed genoeg was”. Hij mocht het heel even proberen bij team Saxo, maar dat wilde niet echt vlotten en in 2012 gaf hij er de brui aan. „Als kind droomde ik ervan om de eerste Israëli te worden die de Tour de France zou halen. Maar helaas was ik de slechtste prof die dat team ooit heeft gezien.”

Betekende niet dat Margaliot zijn droom opgaf. Eind 2014 kwam hij in contact met de Zwitsers-Israëlische filantroop Ron Baron. De twee dronken koffie in de buurt van Jeruzalem en een samenwerking was gauw beklonken, omdat Margaliot een wielerteam wilde oprichten om renners uit onderontwikkelde fietslanden een toekomst te bieden – Estland, Slowakije (hoewel ’s werelds bekendste renner, Peter Sagan, daarvandaan komt), Israël, Nieuw-Zeeland. Resultaat is een team van zestien renners uit twaalf verschillende landen.

In het eerste jaar verbond Sagan zich aan de ploeg. Hij herkende zich in renners die van nul moeten beginnen en maakte het met zijn staat van dienst mogelijk dat de renners bij Amerikaanse wedstrijden van enige statuur aan de start mochten verschijnen.

Israël Cycling Academy – zo heette de ploeg tot dit seizoen – groeide gestaag door naar het één na hoogste niveau: pro-continental. Vorig jaar won het team twaalf officiële wedstrijden. Dan kun je wildcards verwachten. Margaliot: „We hebben een driejarenplan. Volgend jaar een grote ronde, en in 2019 de Tour de France. Daar doen we het voor. En dan wordt Aviv de eerste Israëli in de Tour.”

Dat zal niet meevallen, weet Margaliot. Hij vertelt dat het soms lastig is voor zijn ploeg om sponsoren te vinden, of startbewijzen voor grote wedstrijden. „Sommige mensen zijn bang om zich aan ons te verbinden, vanwege de politieke situatie in Israël. Maar gelukkig zijn er genoeg anderen die helder kunnen nadenken. Vorig jaar waren we bijvoorbeeld gewoon welkom in de Ronde van Qatar. Dat zou je toch ook niet verwachten?”

Zware koers

De eerste koers op het hoogste niveau is zwaar voor de renners van het Israël Cycling Team. Ze proberen uit alle macht in een kopgroep mee te zitten, maar het lukt net niet. „Wat een eye-opener”, puft de Amerikaan Tyler Williams (22) aan de finish. „Dit was het zwaarste wat ik ooit heb gedaan.”

Dennis van Winden staat te balen bij de gehuurde bus van de ploeg. Hij, overgestapt van de grote jongens van Lotto-Jumbo naar een ploeg „waar ze de ballen uit hun broek lopen”, had zich willen laten zien want er worden nog wildcards uitgedeeld voor de Ronde van Vlaanderen. Maar hij krijgt te maken met pech, zijn trapper verbuigt bij een botsing met een stoeprand en zijn rol is uitgespeeld.

Hij begon de dag chagrijnig, en nu staat hij alweer te mopperen. „Begrijp me niet verkeerd. Ik vind het fantastisch dat we deze mooie koers mogen rijden. Ik had gewoon op meer gehoopt.” En die ochtend, dat moment met Wuyts bij de teampresentatie, zit hij daar nog mee? „Hij schrok van onze ploeg, zo’n opmerking verwacht je niet, dus ik wist niet goed wat ik moest zeggen. Maar ik snap het wel. Als je hier CNN aanzet, dan krijg je alleen maar nare berichten over dat land. In december zijn we er twee weken wezen trainen, ook langs de grenzen met Libanon en Syrië. Overal fijne mensen. Dan krijg je dus een ander beeld van Israël.”