In zijn eerste debat heeft Rutte het maar even moeilijk

Radiodebat

Het debat van Radio 1 geldt altijd als voorproefje voor de grote televisiedebatten. Zonder Wilders bleef het beleefd en constructief.

Mark Rutte (VVD) wil na de verkiezingen het liefste regeren met CDA en D66. Jesse Klaver (GroenLinks) kiest voor de SP, net als Henk Krol (50Plus). Gert-Jan Segers (ChristenUnie) en Kees van der Staaij (SGP) kiezen natuurlijk voor elkaar en Sybrand van Haersma Buma (CDA). Die wilde zelf niet kiezen, net zomin als Alexander Pechtold (D66).

Het was dit laatste vragenrondje over favoriete coalitiepartners dat eigenlijk het meeste zei, in het Radio 1-debat vrijdag in Den Haag. Verder voelde het eerste echte treffen van de lijsttrekkers, op Geert Wilders (PVV) na, als voorproefje van de televisiedebatten later in de campagne. Er waren meningsverschillen, zeker, maar het bleef beleefd en constructief.

Dat kwam ook door de opzet van het debat. De negen lijsttrekkers debatteerden achter elkaar in drie groepjes van drie, die door loting waren samengesteld. Ideologische tegenstanders zaten niet vaak bij elkaar.

Voor Mark Rutte was dit het eerste lijsttrekkersdebat. Eerdere confrontaties ging hij uit de wegRutte probeerde het debat vooral als premier te voeren, sprak over „mijn ervaring” van de afgelopen jaren. Sprankelend was het niet. Toen SGP-leider Kees van der Staaij hem aansprak op het, in zijn ogen, lage bedrag dat de VVD investeert in defensie, had Rutte het zowaar eventjes moeilijk. „Ik dacht, de VVD moet een rekenfout gemaakt hebben”, zei Van der Staaij. „Die 1 miljard investeringen voor vier jaar, dat zal toch per jaar zijn?”

CDA’er Buma was eigenlijk de enige die begon over de normen en waarden, en vooral het verval daarvan. Dat blijkt, zo zei Buma, uit „gescheld op internet, Marokkaanse jongeren die oude vrouwen treiteren, de leraar die het respect niet meer krijgt dat hij verdient”. Dit verhaal valt vast goed bij een deel van zijn electoraat, al klonk Buma wel wat erg somber en apocalyptisch.

Hard en persoonlijk werd het nergens, dat kwam vast doordat Wilders ontbrak als brutale uitdager van de gevestigde orde. Het vileinst was het debatje tussen Krol, Klaver en Lodewijk Asscher (PvdA). De 50Plus-leider beleefde een desastreus einde van een desastreuze week: hij stuntelde opnieuw met cijfers.

PvdA en GroenLinks waren het inhoudelijk vooral eens, over het tegengaan van oneerlijke concurrentie op de arbeidsmarkt en het flexibel maken van de AOW-leeftijd. Maar een opzetje van Klaver liep niet zoals gepland. Hij wilde Asscher verleiden tot een toezegging over een linkse coalitie zonder de VVD. „Geeft u mij nou een hand.” Maar Asscher weigerde en noemde Klavers voorstel „een tikje arrogant”. En hij viel Klaver aan op diens zwakke plek: het verwijt dat de GroenLinks-campagne vooral veel vorm en weinig inhoud is. „U bent vooral bezig met strategietjes.”

Het lukte Klaver, die nogal nerveus overkwam, niet om zijn favorietenrol op links waar te maken. En Asscher liet zien dat hij zijn tegenstanders beleefd kan ontregelen. Toen hij kort na het botsinkje met Klaver de vraag kreeg over zijn favoriete coalitiepartner, antwoordde hij met een glimlach: „Na vandaag weet ik het zeker. GroenLinks.”

De redactie checkte live de feiten uit het debat. Te lezen op: www.nrc.nl/r1debat