Cultuur

Interview

Interview

De spanning bij een nieuwe rol blijft, zéker bij toneel, zegt Renée Soutendijk.

Foto Frank Ruiter

Renée Soutendijk terug op toneel

Renée Soutendijk speelt Laura in een toneelversie van Mulisch’ Twee Vrouwen , en is deze zomer weer te zien in Borgen. „Ik voel me vaak een outsider. Een toeschouwer, een getuige.”

Als we ons in het café in Amsterdam Oud-Zuid verplaatsen naar een tafeltje verderop („dat praat wat rustiger”) wordt Renée Soutendijk (59) staande gehouden door een oudere dame met een hondje. „We zien je niet zoveel meer”, zegt ze. Soutendijk lacht haar charmante lach en mompelt iets over haar verhuizing. Als ze wegloopt roept de vrouw haar achterna: „In de grote rollen!”

Soutendijk hoort het niet of doet alsof ze het niet hoort.

Voordat de lezer nu direct de tragiek meent te zien van de voormalige filmster die van het scherm verdween: die is er niet. De actrice heeft nooit veel opgehad met het mediacircus dat in de jaren tachtig, na rollen in Spetters (1980) en De Vierde Man (1983), rond haar persoon losbarstte. Zij zocht de publiciteit zelf alleen wanneer ze een film te verkopen had. Plichtsgetrouw, omschrijft ze het. „Het etiket filmster wordt je door de pers opgeplakt. Ik heb dat nooit geambieerd.” Heeft ze er wel van genoten? „Eerlijk? Nee, niet altijd. Maar ik geniet van het werk.”

Van seksbom tot toneeldiva

Nu ze de zestig nadert hoeft ze zich niet meer te bewijzen met een hoofdrol, al blijft het fijn om een personage te spelen met „vlees aan de botten”. Financieel is ze niet van haar werk afhankelijk; ze kiest de rollen en projecten die ze leuk vindt. De laatste vijf jaar deed ze geen toneel omdat haar zoon ernstig ziek was. „Toen besefte ik dat het niet vanzelfsprekend is dat het leven altijd doorgaat. De eindigheid kan zich zomaar aandienen.” Dan lacht ze weer. „Maar hij is beter, en het huis uit! Dus ik heb nu weer tijd.”

Wat film en tv betreft merkt ze dat nu de jaren gaan tellen zij minder vanzelfsprekend rollen krijgt aangeboden. Lachend: „De leeftijd brengt met zich mee dat ik voor seksbom niet geschikt meer ben. Bij toneel speelt dat minder.” De seksbom uit Spetters wordt nu dan toneeldiva? Soutendijk: „Nou, dat is wel een hele korte samenvatting van mijn carrière, haha. Ik zie het als een logische volgende stap, als groei.”

Een heropleving is het wel, en dan met name op toneel. Vorig jaar speelde Soutendijk de alcoholische journaliste Hanne Holm in de theaterversie van Borgen, bij het Noord Nederlands Toneel.

Een belangrijke rol, waarin zij zich ontpopte tot het geweten van de voorstelling. Maar in haar spel relativeert Soutendijk de zware moraal: het geheven vingertje gaat gepaard met dubbele tong en zwalkende tred. Het geeft haar optreden des te meer impact. Een dierbare rol, zegt ze. Komende zomer speelt ze die opnieuw, in Carré.

En nu is er de volgende toneelrol ‘met vlees aan de botten’, in Twee Vrouwen, een bewerking van Harry Mulisch’ roman over een fatale lesbische liefde. Soutendijk speelt Laura, conservator in een museum voor Russische iconen, die volkomen onverwacht valt voor de veel jongere kapster Sylvia (Roos van Erkel). Soutendijk: „Laura is een intellectueel en een control freak: rationeel, rigide en eenzaam. Door die overweldigende verliefdheid, voor het eerst op een vrouw, raakt ze de regie kwijt. Dat maakt haar kwetsbaar.”

Hoe het is om dit stuk te spelen

Soutendijk prijst de slimme bewerking van het stuk door Janine Brogt. „Ze plaatst het verhaal in een raamvertelling. Ik speel in feite twee vrouwen: actrice Simone, die de roman Twee Vrouwen voor toneel heeft bewerkt en het stuk nu repeteert met haar medespelers, en Laura, haar personage in het stuk. Dat geeft mij veel om te spelen, ik moet continu schakelen. Ik heb ook erg veel tekst.”

Door de raamvertelling kan Brogt recht doen aan Mulisch’ gelaagde stijl en barokke taal. „Hij springt heen en weer in de tijd, varieert op de mythe van Orpheus en Eurydice, verwijst naar kunst en poëzie; het boek staat bol van de symboliek. Dat kon Janine allemaal kwijt in het personage Simone en haar worsteling met het materiaal.”

Door de acteurs hun personages te laten becommentariëren kan Brogt bovendien iets zeggen over Mulisch’ intentie. „Het is een heel persoonlijk boek. In eerdere versies was Laura een man. Het gaat over hem.”

Haar eerste kennismaking met het boek

Ze heeft het meegenomen, een goed gelezen exemplaar uit 1997 van de Lijsters boekenreeks. Zelf las ze het voor het eerst toen ze 18 was. Ze zet haar bril op, een rond designexemplaar met een dik zwart montuur, en leest een passage voor. Haar stem klinkt plots als in haar films: met dat donkerrode timbre en de precieze, iets formele dictie. Luister. „Ieder mens heeft geloof ik het gevoel dat hij er eigenlijk niet bijhoort, bij het leven van de andere mensen. […] Maar bij Sylvia heb ik het gevoel dat zij er niet bij hoort, dat zij iets anders is, dat ze eigenlijk niet bestaat. Daardoor vermindert ze op een vreemde manier dat gevoel in mijzelf, want ik moet haar er bij doen horen.”

Herkent Soutendijk zich daar in? „Ik voel me wel vaak een outsider ja. Een toeschouwer, een getuige. Het is misschien een vorm van beroepsdeformatie. Of het is de reden dat ik dit vak heb gekozen: steeds ben ik ergens te gast, en kan ik kortstondig snuffelen aan werelden en mensen. Maar het duurt nooit te lang, dat zou me benauwen. Ik koester mijn vrijheid en hou van alleen zijn.”

Maar ze las dit voor omdat het „een sleutelpassage” is, zegt ze. Sylvia is een onbeschreven blad, een leegte die Laura moet invullen, omdat ze anders niet kan bestaan. Laura voedt haar, en vormt haar, creëert haar in zeker zin. Op een bepaalde manier is Sylvia voor haar de dochter die ze nooit had.”

De fameuze voorbereiding

Soutendijk staat bekend om haar grondige voorbereiding op een rol. Hoewel ze meteen relativeert: alle acteurs doen dat zo hoor. Maar goed, ze las het boek, natuurlijk, en ploegde zich ook door Robbert Ammerlaans vuistdikke Mulisch-biografie, Zijn eigen land. „Twee Vrouwen is deels gebaseerd op Mulisch’ eigen ervaringen, op vragen waar hij mee worstelde toen hij vader werd. Dat was aanvankelijk sterker de wens van zijn toenmalige vrouw Sjoerdje. In het boek zie je hoe hij zich met die wending in zijn leven probeert te verzoenen. Hij vraagt zich af of een volwaardige relatie mogelijk is als die niet wordt bestendigd met een kind. En hij ontdekt de functie van het vaderschap als noodzakelijke breuk met zijn eigen ouders.” Boek erbij, bril op: „Als je je altijd een dochter voelt, is er maar één manier om van je moeder af te komen, en dat is door zelf moeder te worden.’

Soutendijk heeft twee kinderen, met regisseur Thed Lenssen. „Ik had een fijne, harmonieuze jeugd, maar dit aspect van moeder worden herken ik wel: je neemt zelf de verantwoordelijkheid. Je creëert je eigen wereld, waar jouw regels gelden. Dat maakt dat je op een andere, meer gelijkwaardige voet met je ouders komt te staan.”

Maar belangrijker, vindt ze, is Mulisch’ idee daarover. Ze wilde „inzicht krijgen” in zijn persoonlijke afwegingen. „Ik probeer me altijd zo goed mogelijk in te leven in een wereld die niet de mijne is.”

De fameuze voorbereiding is in de loop der jaren misschien een beetje gecultiveerd in de pers. Maar goede voorbereiding is absoluut belangrijk. „Dat heeft denk ik met onzekerheid te maken. Ik wil zo dicht mogelijk bij het personage komen om de kans op mislukking te minimaliseren.”

Die spanning bij een nieuwe rol blijft. Zéker bij toneel, omdat je daar in direct contact staat met het publiek. „Dat is zo kwetsbaar. Ik moet altijd een paar keer diep zuchten in de coulissen voor ik opga. En bij de eerste openbare repetities durfde ik het publiek nauwelijks aan te kijken.”

Brede lach. „Maar dat is precies ook wat dit vak zo leuk maakt. Nog steeds.”

Twee Vrouwen. Première 25 febr, Stadsschouwburg Haarlem. Info en speellijst: hummelinckstuurman.nl