Cultuur

Interview

Interview

Foto Lars van den Brink

‘Een diploma is een stil verlangen naar wie je bent’

Mardjan Seighali

Dit kabinet heeft ‘goede stappen’ gezet om vluchtelingen aan het werk te helpen, zegt Mardjan Seighali, directeur van Stichting voor Vluchteling-Studenten UAF. Maar lang niet genoeg. „Vluchtelingen worden neergezet als profiteurs.” Terwijl Nederland van vluchtelingen kan profiteren.

Vluchtelingen in de bijstand. Dat willen gevestigde partijen niet. Dat willen nieuwe partijen niet. Dat willen vluchtelingen niet. Toch vinden vluchtelingen heel moeilijk passend werk. Zo ontvangt zo’n 75 procent van de Syriërs die de afgelopen jaren een verblijfsvergunning hebben gekregen, een bijstandsuitkering.

Hier ligt een taak voor de politiek, stelt Mardjan Seighali, directeur van Stichting voor Vluchteling-Studenten UAF. Mét een belangrijke rol voor het bedrijfsleven. De stichting begeleidt vluchtelingen, eventueel al vanaf hun studiekeuze, naar een baan. De kosten van zo’n traject zijn gemiddeld 3.500 euro per vluchteling per jaar. UAF ontvangt daarvoor jaarlijks 5 miljoen euro aan donaties en 2,5 miljoen subsidie van het ministerie van Onderwijs.

Maar dat zou niet nodig zijn als bestuurders in de publieke en de private sector niet zo tekort zouden schieten, aldus Seighali. „Ik zie te weinig inspanning om passende banen te creëren. Werkgevers kunnen bovendien investeren in taalonderwijs en onderwijsinstellingen kunnen zich flexibeler opstellen.”

Seighali (52) vluchtte zelf in 1990 uit Iran en kreeg van UAF, de oudste vluchtelingenorganisatie van Nederland, haar eerste studiebeurs. „Ik maak nog steeds taalfouten en laat lidwoorden liever weg”, zegt ze. „Maar is dat een belemmering? Je moet kijken wat iemand wél te bieden heeft. Niet omdat dat humanitair is, het is een businessmodel.”

In 2015 hielp uw stichting 207 vluchtelingen aan werk. Nogal weinig.

„Wij helpen voornamelijk hoogopgeleide vluchtelingen. En we zijn er met name voor mensen die niet zelf hun studiefinanciering kunnen regelen, zoals dertigplussers of mensen zonder verblijfsstatus. Ongeveer eenderde van de vluchtelingen is hoogopgeleid en van hen begeleiden wij weer eenderde.”

Werkgevers lijken enthousiast. Op de netwerkbijeenkomst die u eind november organiseerde, kwamen 50 werkzoekende vluchtelingen en zo’n 75 werkgevers af.

„Nou, ik zie bij bedrijven nog te veel koudwatervrees. Als zij twee vergelijkbare cv’s zien, laten ze de vluchteling vaak liggen. Daarom hebben we een bewustwordingsprogramma voor werkgevers. Wij adviseren: laat iemand even stage lopen en verken zijn kwaliteiten. En zet hem naast iemand die de Nederlandse taal heel goed beheerst.”

Ik kan me voorstellen dat werkgevers veel nadelen zien aan een vluchtelingenwerknemer: taalachterstand, culturele verschillen, soms trauma, frustraties omdat iemand jaren niet heeft kunnen werken. Wat zijn de voordelen?

„Door de vlucht hebben ze competenties als resultaatgerichtheid en vindingrijkheid. Enorm doorzettingsvermogen. Je moet creatief zijn, als je een land wilt binnenkomen en met een smokkelaar onderhandelt. Nieuwsgierig. Ze zullen vragen stellen in een nieuwe organisatie. Waarom doen jullie dit zo? Dat kan ons aan het denken zetten. En ondernemers kunnen van vluchtelingen veel leren over de markt. Want consumenten zijn niet meer alleen maar vla-eters.”

Ondernemers kunnen van vluchtelingen veel leren over de markt. Want consumenten zijn niet meer alleen maar vla-eters

Ik maakte in vluchtelingenkampen mee dat Syriërs heel trots hun universitaire diploma Engels lieten zien, en geen woord Engels spraken.

„Het onderwijsniveau in Nederland is over het algemeen hoger. Hoogopgeleide vluchtelingen moeten soms wel wat bijscholing volgen, maar daarna zouden ze zich moeten kunnen meten met onze hoogopgeleiden. Dat vraagt flexibiliteit van onderwijsinstellingen, van de wetgever, en van bedrijven, die opleidingsbudget moeten vrijmaken.”

Adviseert u vluchtelingen bij hun sollicitatie te vermelden dat ze vluchtelingen zijn?

„Ik zeg altijd: vluchteling is geen identiteit, het is een ervaring in je leven. En die ervaring neem je mee en zet je ook op je cv. En zet daarbij de competenties of vaardigheden die je in die tijd hebt gebruikt. Sommigen durven het niet, omdat het stigmatiserend werkt. Maar je moet het melden, want het verklaart het gat in je cv. En je mag gewoon trots zijn op een onderdeel van je geschiedenis.

„Tegelijkertijd zeg ik: vluchtelingen zijn geen superburgers. We hoeven ons niet extra te bewijzen. We hebben recht op een leven zoals we dat zelf willen en daar moeten we voor knokken, maar waarom moeten we altijd iets beter doen dan anderen?”

Waarom is het zo belangrijk dat vluchtelingen, eenmaal op de werkvloer, als gelijkwaardig worden gezien?

„Als vluchteling heb je alles verloren. Alles achtergelaten. Maar mensen lopen wel met een diploma: kijk, dit heb ik. Dat is een soort stil verlangen naar wie je bent. We willen door mee te doen, laten zien wie we zijn. Als je in een vreemd land, waar je de taal niet spreekt, in een isolement raakt, ben je misschien wel veilig, maar dan voel je dat je er niet bij hoort. En dat is zwaar, en nu praat ik vanuit mijn persoonlijke emoties, want je bent niet alleen gekomen om veilig te zijn, maar ook voor een nieuw bestaan. Je wilt je verlies compenseren.”

Hoe is dat bij u gegaan? U kwam in 1990 uit Iran naar Nederland.

„Ik heb heel mooie herinneringen aan goede opvang. Ik kwam terecht in een dorp, Brummen. Ik wist de weg niet te vinden. Ik kreeg geen inburgeringstraject of taalcursus. Maar ik ben toch maar gaan leren. Zonder begeleiding. Ik heb gewoon acht, negen uur per dag thuis met een woordenboek zitten stampen. En ik heb mezelf gedwongen op het schoolplein praatjes te maken om de taal te oefenen. Uiteindelijk heb ik mijn eerste studiefinanciering gekregen van de stichting waarvoor ik nu werk.”

Waren de tijden voor vluchtelingen toen beter of slechter dan nu?

„Een aantal dingen is zeker beter geworden. Je ziet nu veel burgers die iets willen doen, als mentor bijvoorbeeld. Maar de onderhuidse spanningen die ik 25 jaar geleden voelde, die zijn niet meer onderhuids. Die manifesteren zich. De polarisatie is toegenomen, mede gevoed door de politiek. Ik ben zelf begin jaren 2000 de lokale politiek ingestapt [voor de PvdA, red], omdat ik vond dat de politiek mensen met een bepaalde achtergrond maar gewoon aanvaardde zoals ze zijn. Ik vind dat dat geen recht doet aan de capaciteiten van die mensen. We willen niet gepamperd of betutteld worden. Dan neem je iemand niet serieus. Voor wat hoort wat. Je mag wederzijdse verwachtingen hebben.”

De onderhuidse spanningen die ik 25 jaar geleden voelde, zijn niet meer onderhuids

Is het beleid van dit kabinet toereikend om vluchtelingen aan het werk te helpen?

„Als ik kijk naar de afgelopen anderhalf jaar zijn er wel veel goede stappen gezet. Vluchtelingen kunnen nu vrijwilligerswerk doen, om de samenleving beter te leren kennen, ook als ze nog geen status hebben. Ze mogen nu ook vanaf dag één taalles volgen. Dat is ook goed. Maar het kan beter. Vluchtelingen zijn zelf verantwoordelijk voor de besteding van hun inburgeringsbudget [maximaal 10.000 euro, red.], maar kennen de infrastructuur van Nederland nog niet goed. Hoe vind je een goede taalcursus op jouw niveau? Ze hebben meer individuele begeleiding nodig. Om te voorkomen dat, ik zeg maar wat, een hoogopgeleide apotheker uit Syrië en een analfabeet uit Eritrea in dezelfde klas komen.

„Gemeenten zijn een andere factor. Er zijn heel veel gemeenten waar vluchtelingen niet kunnen studeren met behoud van hun uitkering. Dus in welke gemeente je wordt geplaatst, bepaalt heel erg je lot. Zo krijgen mensen geen gelijke kansen.

„Al met al hebben vluchtelingen nog niet de positie om volop te kunnen meedoen aan de arbeidsmarkt. Ze hebben geen werk of een heel klein dienstverband waarmee ze zichzelf niet kunnen bedruipen. Dat creëert achterstand, armoede en andere maatschappelijke problemen. Dat kost Nederland meer geld. Dus wat wil je als regering?”

Vluchtelingen zijn een belangrijk verkiezingsthema.

„Vluchtelingen worden neergezet als profiteurs. Op dit punt zie ik in Nederland weinig leiderschap, zeker als ik het vergelijk met de burgemeester van het Siciliaanse Palermo of de premier van Canada. Die zeggen: welkom, vanaf nu ben je een burger van mijn stad of staat. Premier Rutte en ook andere partijen polariseren behoorlijk. Ik kan heel moeilijk bevatten waarom je mensen die elders geboren zijn minder kansen geeft.”

Misschien vrezen mensen dat we in vluchtelingen investeren en dat ze daarna weer verdwijnen?

„Ja, maar als je economisch goed nadenkt, houdt iemand een band met Nederland. En het is toch mooi als een vluchteling terug kan en kan bijdragen aan wederopbouw en wereldvrede? Dat is ook een investering op de lange termijn.”

Begrijpt u de angst dat banen worden afgepakt?

„Die begrijp ik heel goed. Dat is een reële angst – als je hoogopgeleide vluchtelingen productiewerk laat doen. Maar we hebben nog steeds civiel ingenieurs nodig, ICT’ers en handen aan het bed. In die sectoren is geen sprake van verdringing. Voor hoogopgeleide vluchtelingen is er werk genoeg. Randstad meldde onlangs dat Nederland 80.000 arbeidskrachten uit het buitenland nodig heeft om toekomstige personeelstekorten op te lossen. Kijk ook naar het potentieel van vluchtelingen hier!”

Bent u bang voor de verkiezingen?

„Ik ben bezorgd. Ik ben bezorgd. Maar ik hoop toch nog steeds dat we naar een systeem van rechtsgelijkheid gaan, waarin niet je afkomst bepaalt wat je gaat worden, maar je talent en je capaciteiten en hoe je bent.”