Dirk Kuijt moet wel/niet spelen

Feyenoord-PSV Het broeit rond de aanvoerder van Feyenoord. Zijn shirt wordt het meest verkocht, maar een onbetwiste basisplaats heeft hij niet meer. „Bij mij zou hij op de bank zitten.”

Foto Erwin Spek/ANP

Geen twijfel bij een medewerker van de Feyenoord fanshop naast de Kuip. „Kuijt”, reageert hij op de vraag welke spelersnaam fans het vaakst op de achterkant van hun shirt laten drukken. „Hij blijft populair.” Flirtend met de reservebank of niet.

Dirk Kuijt werkt verderop een training af deze donderdagochtend. Regen en storm trekken over Varkenoord. Hij gaat voorop in de sprintjes, zoals hij in veel voorop gaat sinds zijn terugkeer in de zomer van 2015. IJverig, vol drang.

Kein geloel, Fussball spielen!’, roept wijlen Ernst Happel toe vanaf een van de boardings langs het trainingsveld. Coach Giovanni van Bronckhorst verschuilt zich onder zijn capuchon, de 24 selectiespelers werken de oefeningen af in lange trainingsbroeken en sportleggings. Eén speler besluit in korte broek verder te gaan. Kuijt, vanzelfsprekend. „Dirk, oude bikkel die je bent”, kraait een supporter.

Gewone sterveling

De 36-jarige Feyenoord-aanvoerder ligt onder een vergrootglas in aanloop naar het topduel tegen PSV, deze zondag. Kuijt de onverzettelijke zwoeger, de ultieme teamspeler. Alles moet wijken voor de ploeg met het kampioenschap van Feyenoord als hoger doel, zo klinkt het vaak. Maar hij doorprikte eigenhandig zijn alles-voor-het-team-imago, na een reserverol tegen FC Groningen twee weken terug.

Kuijt – ploeggenoten gaven hem de bijnaam ‘de president’ – als gewone sterveling op de bank. Hij was „teleurgesteld en verbaasd” dat hij niet speelde, zei hij bij Fox Sports. „Ik dacht dat ik als aanvoerder een streepje voor had omdat je bepaalde ervaring hebt en een verlengstuk bent.”

Kuijt zei nog: „Het gaat niet om Dirk Kuijt, het gaat om Feyenoord.” Maar de koppen waren al gemaakt, een minicrisis geboren. Vorig seizoen morde hij ook na een tactische wissel tegen FC Twente, „ik wil het daar nog wel even over hebben met de trainer”, zei hij toen. Kuijt, de zogenoemde teamspeler, verheven boven het team?

Het is een onderwerp dat al langer broeit. Een jaar terug schreef VI dat er bij ploeggenoten irritaties leefden over de voorkeursbehandeling die Kuijt zou krijgen. Op trainingskamp, vorige winter, zou hij een aantal keer het bubbelbad boven het krachthonk hebben verkozen, waar dat van anderen niet werd geaccepteerd. Van Bronckhorst ontkende dit.

„Kuijt is door de mand gevallen”, zegt Aad de Mos, oud-coach van onder meer PSV en Ajax. „Hij is op een verkeerd moment gaan koeren dat hij niet in de basis stond.” Koploper Feyenoord ligt op schema voor de eerste landstitel sinds 1999, zijn uitspraken zorgden voor onrust in bepalende weken. Kuijt, ervaren als hij is, had dat moeten aanvoelen. Een slip of the tongue was het niet: hij koos zijn woorden zorgvuldig, na het interview bij Fox Sports herhaalde hij ze bij de NOS.

Sportpsychologisch is zijn redenering te verklaren. Veel voetballers denken dat ze een streepje voor hebben, zegt Nico van Yperen, hoogleraar psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. „Ze moeten onder druk en op hoog niveau presteren, dus je moet ook een enorm zelfvertrouwen hebben en een behoorlijk ego. Dat is bijna een vereiste voor een topsporter.”

Maar dit soort zaken in de media uitspreken is not done in de microkosmos van een ploeg. In de kern mag het een onschuldig voorval lijken; een speler die klaagt over een reservebeurt is van alle tijden. Maar omdat het Kuijt, clubambassadeur, betrof kreeg het zijn eigen dynamiek. Dit moet je direct in de kiem smoren, zegt oud-basketbalcoach Ton Boot, die veertien landstitels won. Boot noemt hem een „recidivist”. „Daarom zie ik het als een mogelijk ernstige zaak.”

Kuijt heeft Van Bronckhorst „in een heel moeilijk parket gebracht”, schreef Boot in zijn column in De Telegraaf. „Elke keer dat hij Dirk opstelt zal het voor publiek en medespelers erop lijken of hij onacceptabel gedrag beloont.” Is de kwestie een bedreiging voor het teamproces? Nee, zegt De Mos. „Het wordt pas een item als Feyenoord een tik krijgt. Nu wordt het met de mantel der liefde bedekt door het resultaat.”

Boot zou een speler maximaal twee keer waarschuwen, vertelt hij. „Het is ook een kans om een speler te veranderen. Als het te lang duurt zou ik uit elkaar gaan.” Boot stond erom bekend dat hij spelers wegstuurde zodra hij twijfelde over hun houding. „Ik heb wel eens Amerikanen gehad die vijftien minuten op de eerste training waren, toen ik zei: stap jij maar weer in het vliegtuig.”

Vormdip

Terug naar Kuijt. Hij zit in een vormdip, wat de claim op een basisplek weinig logisch maakt. Afgelopen weekend tegen ADO vond De Mos hem „de minste van alle spelers”. VI schrijft deze week dat ploeggenoten zich beter voelen als Kuijt niet meespeelt. Feyenoord is dan beweeglijker en opereert sneller in de omschakeling. De Mos: „Hij is een dissonant in het combinatievoetbal. In bepaalde fases sloegen ze hem over tegen ADO.”

Zondag tegen PSV zit „Kuijt bij mij gewoon op de bank”, zegt De Mos. Degene die als diepe centrale middenvelder speelt bij Feyenoord wacht vermoedelijk een slag met de Mexicaanse mannetjesputter Andrés Guardado. De Mos zou op die plek voor het loopvermogen van Jens Toornstra kiezen, die dat tegen Groningen succesvol invulde met twee goals. De Mos: „Er moet veel gelopen worden, dat is Kuijt zijn kracht niet meer.”

Het vuur in Kuijt brandt nog, hij wil na dit seizoen doorgaan. Een rol als pinchhitter lonkt in de schemerzone van zijn carrière. Maar daar lijkt hij – 104 interlands, prof sinds 1998 – te eerzuchtig voor.

Maar hij blijft wel een superprof

Drie keer ging Dirk Kuijt langs bij zijn magnetiseur Henk de Gier in Leidschendam, voor het duel tegen ADO Den Haag vorige week. „Hij was grieperig”, zegt De Gier. „Hij steekt er dan veel tijd in om fit te worden, ook bij andere behandelaars.” Het was niet eerder voorgekomen dat hij Kuijt drie keer in één weekend behandelde.

De Gier is een van de vertrouwenspersonen van Kuijt. Voor ieder duel gaat de Feyenoord-aanvaller langs voor een sessie die bekend staat als magnetiseren, een alternatieve geneeswijze. De Gier ‘bibbert’ met zijn handen over het lichaam van de patiënt, waarmee hij naar eigen zeggen blokkades opheft in de verstoorde magnetische velden van het lichaam.

„Hij is nog topfit”, zegt De Gier, al erkent hij dat Kuijt sportief „een iets mindere periode doormaakt”. De Gier waakt ervoor dat de hij niet té gretig is. „Hij houdt zich goed scherp. Naar mijn mening iets te veel waardoor de aandacht de verkeerde kant opgaat. Daar moet je voor oppassen, dat je overgemotiveerd raakt en te geforceerd gaat spelen.”

Zie hier de kenmerken van de superprof, met een team medisch specialisten die hem op zijn 36ste fit houden. Kuijts waarde voor Feyenoord gaat verder dan het veld. Zijn komst ruim anderhalf jaar geleden bracht een mentaliteitsverandering teweeg binnen de Kuip; minder vrijblijvend, hogere doelen, hogere eisen. En het resultaat is er met de bekerwinst vorig jaar en thans op kampioenskoers – al was hij ook een van de falende schakels tijdens de nederlagenreeks vorig seizoen.

Juist nu in beslissende maanden moet Feyenoord zijn aanvoerder, met al zijn routine, opstellen, vindt De Gier. Te beginnen zondag tegen PSV. Waarschijnlijk is hij extra getergd na de ophef rond zijn streepje meer-interview. De Gier: „Hij is nog steeds zo belangrijk.” Of hij tegen PSV start is onduidelijk. Coach Giovanni van Bronckhorst heeft zijn puzzel rond, maar noemde vrijdag geen namen.

Jens Toornstra is de grootste concurrent voor de positie van Kuijt, centraal aanvallend op het middenveld, dicht tegen de spits aan. De belangrijkste statistieken van dit lopende seizoen zijn iets in het voordeel van Toornstra, al is het lastig vergelijken doordat hij vaak als rechtsbuiten speelde. Het geeft wel een aardige indicatie. Qua goals (acht tegen zeven) en assists (zeven tegen vier) wint Toornstra van Kuijt. Ook is de passnauwkeurigheid van Toornstra (81 tegen 76 procent) iets beter. Maar over het geheel genomen, alle indicatoren, ontlopen ze elkaar weinig.

Co Adriaanse zou tegen PSV voor Kuijt kiezen. Hij komt dan waarschijnlijk tegen Andrés Guardado te staan. Duel der titanen. „Aanvallend is dat een groot voordeel voor Feyenoord. Guardado is fysiek niet opgewassen tegen Kuijt. Zeker niet in de lucht.” Adriaanse, oud coach van onder meer Ajax en AZ, is een liefhebber van Kuijt. „Met hem is er veel meer spirit. Zeker in de Kuip. Hij is in staat om een team dat op dood spoor zit op te peppen.”

Toornstra-Kuijt, het is een keuze tussen loopvermogen of fysieke kracht. De analyse van Adriaanse: „Het scorend vermogen van Toornstra is niet hoger, en zijn kopkracht zeker niet. Het omschakelen en meeverdedigen is bij hem wat beter. Zijn leidinggevend vermogen is minder. Zijn naam en aanwezigheid is minder.” Ofwel: Kuijt wint het op punten.

Van basisklant tot tribunegast

Tegen FC Groningen koos Van Bronckhorst voor Toornstra als centrale middenvelder in plaats van Kuijt, vanwege de „dynamiek” die hij brengt. Maar een blauwdruk is dat duel niet voor de topper tegen PSV. Het is denkbaar dat Kuijt begint en dat Toornstra als rechtsbuiten speelt, op de plaats van Steven Berghuis.

Adriaanse weet hoe lastig het is om spelers van naam ernaast te zetten. Hij deed het bij Ajax, begin deze eeuw, met Richard Witschge en Aron Winter. Van basisklanten werden ze tribunegasten. „Winter heeft daarna geen bal meer geraakt bij Sparta. En Witschge werd verdrongen door Rafael van der Vaart. Dat heb ik kennelijk goed gezien.”

Hij deed het ook bij FC Porto, waar hij clubicoon en doelman Vítor Baía – toen 37 – op de bank zette ten gunste van de Braziliaan Helton. „Ga maar eens zo’n monument passeren. Niemand begrijpt het. Vooral het monument niet.” Het pakte goed uit: Adriaanse werd in 2006 kampioen, won de beker en werd trainer van het jaar in Portugal.

Adriaanse waardeert het in Van Bronckhorst dat hij de moed heeft om Kuijt ernaast te zetten. „Veel trainers durven geen grote spelers te passeren. ‘Anders krijg ik te veel weerstand en lig ik eruit’, denken ze. Dan ben je geen toptrainer. Dan ben je alleen bezig met behoud van jezelf en je eigen positie.”

Het is delicaat. Een reservebeurt van een oudere speler kan de eerste stap richting afscheid zijn. Adriaanse: „Ga jij maar eens een einde maken aan iemand zijn carrière, dat komt wel op je naam te staan. Je krijgt altijd rottigheid.”

Kuijt zijn afscheid is nog geen thema. Hij scoorde dit seizoen op cruciale momenten. Zie de 1-1 tegen Ajax vijf minuten voor tijd toen weinigen er meer in geloofden.

Kan hij volgend seizoen nog door? Vertrouwensman De Gier: „Nou, hij kan wel mee. Maar of het verstandig is, dat is een tweede. Een keer moet je zeggen: zo is het mooi geweest.” Als hij het doet moet hij wel „realiseren dat er andere jongens aankomen”. De Gier: „Daar moet hij rekening mee houden. En heeft hij daar zin in? Ik vraag het hem wijselijk niet.”