Minder mensen onterecht opgesloten om onbetaalde boetes

In 2015 en 2016 vroeg het Centraal Justitieel Incasso Bureau slechts 784 keer om de vrijheidsberoving van een wanbetaler. In 2014 was dat nog 130.000 keer.

Nationale ombudsman Reinier van Zutphen. Foto Bart Maat/ANP

Het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB) vroeg in 2015 en 2016 de rechter slechts 784 keer om toestemming om iemand die een boete niet betaalde op te sluiten, ten opzichte van 130.000 keer in 2014. Van de 435 vorderingen die ook daadwerkelijk zijn behandeld, is de helft toegewezen. Dat laat de Nationale ombudsman Reinier van Zutphen weten in een persverklaring. De ombudsman kaartte de kwestie in 2014 aan in een kritisch rapport over zogenoemde gijzelingen. Er werden toen regelmatig mensen ten onrechte gevangen gezet omdat zij boetes niet konden betalen.

Sindsdien zijn er maatregelen genomen om het aantal gijzelingen in te dammen. Het CJIB heeft onder andere strengere regels aangenomen over het controleren van de achtergrond van iemand die zijn boetes niet betaalt. Blijkt dat er bij zo iemand geen sprake is van onwil om te betalen, of is er juist sprake van onmacht, dan wordt iemand niet gegijzeld. In het verleden werd er op veel minder punten gecontroleerd of dit het geval was.

Daarnaast heeft het CJIB in die periode de mogelijkheden tot het treffen van een betalingsregeling uitgebreid, bijvoorbeeld via een regeling voor ‘schrijnende gevallen’. Die kan worden ingezet bij mensen die meer dan 20.000 euro aan openstaande boetes hebben. Er wordt ook steeds vaker ingezet op lichtere dwangmiddelen.

Kritiek

Toch heeft de ombudsman nog kritiek op de gang van zaken. Er wordt nog steeds niet vaak genoeg aannemelijk gemaakt dat iemand wel kán maar niet wil betalen, schrijft hij op basis van een rondgang bij kantonrechters. Ook beklagen zij zich omdat er geen vertegenwoordiger van CJIB of OM aanwezig is bij de behandeling van een vordering tot gijzeling. Tegelijkertijd bestaat er frustratie bij het Openbaar Ministerie (OM) omdat sommige rechters nog steeds elk verzoek tot gijzeling afwijzen, ondanks verbeteringen.

In 2014 weigerden de kantonrechters namelijk om de meeste gijzelingsverzoeken in te willigen. Slechts 5 procent van de ingediende vorderingen werd goedgekeurd. De rechters beklaagden zich toen over het ontoereikende bewijs dat zij kregen aangeleverd van het OM en de plotselinge toename in gijzelingsverzoeken sinds 2012.