Rotterdam gaat wijkpolitici niet kiezen maar loten

Gebiedscommissies

Loten als bestuurlijk experiment? Het zou veel Rotterdamse stemmen beter hoorbaar maken, denken de initiatiefnemers.

Niet gekozen, maar gelote inwoners gaan in Rotterdam een deel van de volksvertegenwoordiging vormen. Twee van de veertien gebiedscommissies worden vervangen door meerdere wijkraden, met daarin burgers. Willekeurig geloot, uit álle wijkbewoners. In twee andere gebiedscommissies komen naast ‘gewoon’ gekozen leden – vaak lid van een politieke partij – ook ongebonden leden. Wie ingeloot wordt, mag overigens weigeren.

De gebiedscommissies zijn in de plaats gekomen van de in 2014 opgeheven deelraden. Ze tellen negen tot vijftien leden en geven gevraagd en ongevraagd advies aan het stadsbestuur over hun wijk.

De nieuwe vertegenwoordiging is het gevolg van twee moties die deze donderdag in de gemeenteraad worden besproken en waarvoor een meerderheid lijkt te zijn. De moties, van D66 en de SP, krijgen ook steun van de grootste fractie, Leefbaar Rotterdam. „Deze voorstellen moeten de democratische legitimiteit van het bestuur vergroten”, zegt Samuel Schampers, fractievoorzitter van D66. Welke gebieden het worden, moet nog worden vastgesteld.

De veranderingen moeten bij burgers de betrokkenheid bij en invloed op het bestuur vergroten. Daar schort het aan, bleek eind vorig jaar uit een evaluatie van het bestuurlijk model door onderzoeksinstituut Dutch Research Institute for Transition (Drift) van de Erasmus Universiteit. De gebiedscommissies functioneren niet goed, constateerden de onderzoekers. Ze slagen er onvoldoende in lokale problemen op de agenda te krijgen en het centrale stedelijke beleid te beïnvloeden. Dat komt vooral doordat de ambtenaren en het stadsbestuur daar niet ontvankelijk voor zijn, aldus het onderzoek.

„In de gemeenteraad en de gebiedscommissies komen meestal mensen die lid zijn van een politieke partij en al een tijd meedraaien”, zegt Gerda Eeuwijk, woordvoerder gebieden van D66. „Door die selectie mis je de stem van veel Rotterdammers. Bovendien is er veel afstand tussen inwoners en het stadsbestuur – die afstand tot de politiek zie je ook landelijk. Door te loten kun je mensen en hun netwerken bij hun eigen wijk betrekken én beter geïnformeerd beleid maken.” Het idee van de loting is geïnspireerd door de Belgische schrijver David Van Reybrouck, die pleit voor democratische vernieuwing.

Leefbaar Rotterdam steunt dit initiatief omdat te weinig Rotterdammers betrokken zijn bij het beleid, zegt Ingeborg Hoogveld, raadslid voor Leefbaar. Zij leidde de stuurgroep die de evaluatie van het bestuursmodel liet uitvoeren, en ze noemt het proces „bijzonder”.

Het college van burgemeester en wethouders moet de ideeën waar de raad donderdag over praat verder uitwerken. Het gaat dan bijvoorbeeld ook om zogeheten wijkplannen, die leidend moeten worden voor het stadsbestuur. „Dat betekent dat het beleid per gebied zou kunnen verschillen, en dat het stadsbestuur dat accepteert”, zegt Hoogveld.

Wat dan precies die wijkplannen zijn – er worden nu al verschillende soorten wijkplannen gemaakt – en wie die opstelt, moet nog worden uitgewerkt, zegt Hoogveld. „Het is nu al spannend genoeg voor veel mensen.”