Iedereen wil die groene gloed zien

Noorderlicht Vliegtuigladingen vol toeristen komen op het Noorderlicht af. Maar verwacht geen fluorescerend schouwspel in de lucht – zo lijkt het alleen op foto’s.

Het sneeuwt op het strand. No problem, zegt de gids, de lucht trekt zo open. Weet je wat, hij maakt vast een kampvuur. De man in Noorse trui met dito muts verdwijnt in de nacht en laat het gezelschap bij het busje achter. Het is aardedonker op deze verlaten plek aan het fjord. De toeristen staren tussen de sneeuwvlokken door naar het hemelse podium. Geen aurora borealis.

Gids David Arnar (36) is een rasoptimist. Rond het kampvuur spreidt hij rendierhuiden. „Ga lekker zitten.” Serveert warme chocomel. Intussen houdt hij zijn telefoon in de gaten. Appt met andere Noorderlichtjagers. Is al ergens een stukje heldere hemel gesignaleerd? Vier uur hebben we in het busje gezeten. Vier uur was het onderweg bewolkt. „Het komt goed”, bezweert hij.

Als de grote Chinese familie (inclusief opa met stok) en het stel uit Londen net zitten, besluit hij dat we weer opbreken. „Een fjord verderop is het helder. Let’s go!”

Chasing Lights heet het bedrijf waarvoor hij werkt. Toepasselijke naam. Noorderlicht jagen heeft iets van tornado jagen. De Noorderlichtjagers in Noorwegen doen niet veel anders. Ze zijn met honderden en komen van over de hele wereld. David is een IJslander. Zijn collega’s bij Chasing Lights vestigden zich vanuit Polen, Nieuw-Zeeland en België in het universiteitsstadje Tromsø boven de poolcirkel. Sommigen begonnen als uitwisselingsstudent, daarna werden ze gids. David heeft simpelweg een fascinatie met het magische Noorderlicht. Plus hij is fotograaf. Beide dingen komen samen in zijn werk.

Het Noorderlichttoerisme is booming in Tromsø. Was er twee jaar geleden een handvol bedrijfjes dat de groene gloed najoeg, nu zijn het er meer dan zestig. In 2016 steeg het aantal toeristen met 32 procent ten opzichte van 2015.

Het Noorderlicht is hier niet de enige exotische attractie. Een paar jaar geleden kwamen orka’s en bultruggen de fjorden in Noord-Noorwegen binnen gezwommen. Met bootjes kun je ze (van november tot en met januari) van heel dichtbij bekijken.

In het busje van David slaat de klok inmiddels middernacht. De gids ligt rugwaarts in zijn stoel om goed naar de hemel te kunnen kijken. Als hij een ster ontwaart, veert hij op. „Eruit!” Een ster betekent dat het opklaart. De chauffeur parkeert de wagen langs de weg en de Chinezen klauteren er een voor een uit. Het is even schrikken, want de plek ligt pal aan het water. In het donker zie je dat niet. We staan met onze snowboots in het water als de ene na de andere ster zich openbaart. En dan, aan de horizon, een grijzige baan die lijkt op een wolkflard. Dát is het Noorderlicht.

In de groep blijft het stil. Geen ‘ohs’ en ‘ahs’. De streep aan de hemel is niet groen en danst evenmin. Toch maakt de gids verwoed foto’s. Wie wil er voor de camera? Pas op het display van zijn toestel wordt duidelijk dat de grijzige baan op de foto’s fluorescerend groen is. Trucage? Nee, de camera registreert het kosmische licht simpelweg anders dan het menselijk oog.

„Het is wel een beetje misleidend ja”, erkent de Londense gids die ons een volgende avond – dit keer regent het bij vertrek – mee op pad neemt. Sam Eglund Newby (25) is zeebioloog en kwam twee jaar geleden voor de wetenschap naar Tromsø. „Zo groen als op de foto’s is het licht bijna nooit.” Maar het zijn juist die waanzinnige plaatjes die ervoor zorgen dat massa’s mensen het Noorderlicht bovenaan hun bucketlist plaatsen. Dat móet je gezien hebben.

Het minst leuke deel van zijn werk voor outdoorbedrijf Friluftsenter is het temperen van de verwachtingen, zegt Sam. Soms zijn de toeristen zó gefocust: als ze het licht niet zien, is de teleurstelling groot. „Dat vind ik lastig. Deze plek biedt zo veel moois. Er is meer dan het Noorderlicht.”

25 vliegtuigen per dag

Het grote voordeel van Tromsø is dat er veel wegen zijn. De Arctische eilanden zijn verbonden met bruggen; er is bijna altijd wel een fjord te vinden waar het onbewolkt is, ook al is het vier uur rijden. Acht van de tien keer openbaart het Noorderlicht zich tijdens een trip. Maar pas op: er zijn avonden dat de fluorescerende zonnewind uitblijft. Zelfs de meest bevlogen gids kan daar niets aan veranderen.

Wij hebben geluk. Deze avond kleurt de hemel (zacht)groen. En er wordt hoog boven ons gedanst. Het is prachtig.

Persoonlijk doet Sam liever dagtrips. Wijst hij toeristen op de schoonheid van het besneeuwde landschap en geeft hij uitleg over walvissen. Het toenemende toerisme baart hem zorgen als bioloog. „Het klimaat is hier dit jaar ernstig van slag. De winter begon nog nooit zo laat en de temperaturen schommelen enorm. Per dag landen hier wel 25 vliegtuigen. Dat helpt niet.”

Maar ja, die bucketlist van de mensen. Het Noorderlicht prijkte al bovenaan het wensenlijstje van gids Hein Bosch (29) uit Zuid-Afrika toen hij een jaar of elf was. In zijn thuisland zag hij er een documentaire over en hij was verkocht. „Het was een jongensdroom hier te komen”, vertelt Hein, die in een vorig leven safari’s begeleidde. „Nu help ik toeristen die droom ook te vervullen. Hoe mooi wil je het hebben?” „Het is als staren in het vuur. Die vlammen, daar moet je naar blijven kijken.”