Recensie

Ren Hangs naakfotografie is moeilijk te plaatsen

Op het eerste gezicht lijkt het werk van Ren Hang ‘gewone’ naaktfotografie, maar de Chinese context maakt het veel moeilijker te plaatsen.

Ren Hang, Untitled, 2013. Hang woont en werkt in China waar openbare naaktheid verboden is. Courtesy Stieglitz19

Oké, op het eerste gezicht zijn het gewoon naaktfoto’s die Ren Hang toont op zijn expositie in Foam Amsterdam. Naaktfoto’s (in de hele expositie komt geen kledingstuk voor) van mooie, jonge Chinezen die zowel binnen als buiten allerlei poses aannemen – soms tamelijk absurd. Maar hoe langer je er rondloopt, hoe sterker het idee zich opdringt dat het werk van de vrijdag plotseling overleden Ren Hang eigenlijk over vrijheid gaat – de vrijheid om te maken wat je wilt, en de vraag wat zulke vrijheid betekent.

Hang (1987-2017) woonde en werkte in China waar openbare naaktheid verboden is – en waar zijn foto’s door de autoriteiten dus bijna automatisch als provocerend worden ervaren. Daarmee krijgt zijn oeuvre een interessante lading. Op het eerste gezicht doen ze denken aan het werk van fotografen als Nobuyoshi Araki, Wolfgang Tillmans en Ryan McGinley (hij vooral), maar waar bijvoorbeeld McGinley met zijn parade van westerse naakten een commerciële versie presenteert van een oud, wat versleten hippie-ideaal, maakt de Chinese context Hangs werk veel moeilijker te plaatsen. Uiterlijk lijkt het op McGinley, maar je beseft voortdurend dat het voortkomt uit een andere cultuur. Maar wat betekent dat voor de blik, en voor de betekenis?

Geometrische vormen

Het begint ermee dat Hangs foto’s onmiskenbaar esthetisch zijn, soms (volgens westerse maatstaven), op het kitscherige af. Neem de foto van een mooie vrouw wier gezicht half wordt afgedekt door een pauw waarbij het oog van het dier het hare overlapt – de goedkope magazine-esthetiek ver voorbij. Maar ondertussen is Hang ook geïnteresseerd in abstracte, moeilijke grijpbare geometrische vormen: een rug vormt bij hem ineens een opmerkelijk samenspel van curieuze bochten, of hij toont het gezicht van een vrouw, aan vier kanten omgeven door billenparen – die in hun vorm weer verdacht veel overeenkomsten met de vorm van het gezicht vertonen. En dan is er nog het licht op Hangs foto’s, dat vrijwel altijd hard en kaal en direct is – wat weer absoluut niet past bij de verwachtingen die zijn gladde naakt-esthetiek en zijn fascinatie voor abstractie oproepen.

Lees ook over Ren Hangs fotoboek: De billen van Chinese vrienden

Maar dat is natuurlijk precies wat Hang interessant maakt. De combinatie van esthetische elementen op zijn foto is volgens westerse normen zo ongebruikelijk, of zelfs subtiel botsend met westerse schoonheidsidealen, dat je er als (westerse) toeschouwer niet goed raad mee weet. Daar komt eigenlijk weinig politiek bij kijken: Hang is vooral bijzonder omdat hij erin slaagt bekende elementen op een onbekende, ongebruikelijke manier te combineren. In die zin staat Hangs werk nog wel degelijk voor vrijheid, maar niet op een sociaal-maatschappelijke manier, maar simpelweg omdat hij, mogelijk door zijn andere achtergrond durft te breken met de esthetiek waaraan wij gewend zijn. Om eerlijk te zijn: zelf vind ik Hangs foto’s niet mooi, maar het is prettig dat het werk van kunstenaars als hij wordt getoond, al is het maar om de ramen eens lekker open te zetten. De vrijheid die Hang hier toont, daar gaat kunst altijd over – waar ze ook vandaan komt.