Opinie

Vuile hetero

Kandidaat-Kamerleden Dilan Yesilgöz (VVD) en Zihni Özdil (GroenLinks) nemen de lezer mee op campagne.

‘Even bij elkaar komen, mensen! Heel belangrijk voor vanavond: als we kiezers aanspreken moeten we ze helder duidelijk maken dat we niks tegen hetero’s hebben, zolang ze het maar niet openlijk praktiseren!”

Zo motiveerde ik onlangs RozeLinks, de werkgroep seksuele diversiteit van GroenLinks, voor we op campagne gingen met een kroegentocht in de Reguliersdwarsstraat in Amsterdam.

Natuurlijk waren mijn ‘instructies’ een grap, maar erachter zit een persoonlijke fascinatie voor hoe we lhbt’s in Nederland gedogen – we lieten ze zelfs als een van de eerste landen in de wereld trouwen – maar niet altijd als ‘normaal’ beschouwen. Ook uit onderzoek blijkt dat de tolerantie van homoseksualiteit in Nederland relatief zeer hoog is, maar meestal met een voorbehoud: ‘Ik heb niks tegen homo’s, maar … (vul zelf de randvoorwaarde in)’.

‘Vuile homo’ is nog steeds een standaardscheldwoord, vooral onder jonge mannen. Ook ik maakte me eraan schuldig als tiener op Rotterdam-Zuid. Terwijl als je er even over nadenkt, het helemaal nergens op slaat. Om die absurditeit van ‘homo’ als scheldwoord te laten zien, ‘scheld’ ik regelmatig mensen uit voor ‘vuile hetero’. Meestal met verwarde blikken als gevolg.

Hoe ouder ik word, hoe minder ik ‘hokjesdenken’ wil accepteren. Zo word ik moe als mensen op politieke campagnes – meestal gebeurt dat bij borrels na afloop – vragen of ik ‘hetero, homo of bi’ ben. „Waar slaat die vraag op?”, reageer ik dan geïrriteerd. Gevolgd met: „Waarom moet alles in een hokje? Waarom mag je als volwassenen niet gewoon doen waar je zin in hebt, wanneer je er zin in hebt? Zonder dat er meteen een label op wordt geplakt?”

Snel daarna volgt spijt. Want die vragen komen meestal voort uit oprechte interesse, ook al zit er een diepgewortelde maatschappelijke norm achter. Vermoedelijk zal mijn reactie dan eerder zuur overkomen in plaats van bewustwording bevorderen.

Afijn, gelukkig had op onze RozeLinks-campagne niemand last van die hokjes. We deelden GroenLinks-condooms uit bij elke kroeg terwijl we dansten en een leuke avond hadden. Aan het eind had bijna iedereen met bijna iedereen gezoend.

Oeps: terwijl ik dit opschrijf besef ik dat deze column ironisch genoeg ook kan bijdragen aan een stereotype: het idee dat alle homo’s feestbeesten zouden zijn. Voor de duidelijkheid: deze column gaat alleen over linkse homo’s. Ik heb niks tegen rechtse homo’s hoor, maar ze zijn vaak net zo saai als rechtse hetero’s.

Zihni Özdil is historicus en kandidaat- Kamerlid voor GroenLinks.