Opinie

Praat liever eens met je leraar, Merle

Op school leer je niet veel over het leven erna, schreef vwo-leerling maandag in NRC. , biologieleraar en onderwijsblogger, schrijft terug. „Er zijn weinig docenten die niet weten hoe ze de les moeten vullen en dan een film draaien.”

Fotodienst NRC

Beste Merle, allereerst, hulde dat je onderwijstekortkomingen aankaart. Het leverde flink wat discussie op, je zult er ongetwijfeld wat van hebben meegekregen. Ik voelde me als leraar aangesproken om te reageren, temeer omdat ik regelmatig met mijn eigen leerlingen over hetzelfde onderwerp praat.

Je eerste argument is dat je niet denkt dat je goed wordt voorbereid op het leven na de middelbare school. Nu is het makkelijk om te zeggen dat je daar nog niets over kunt zeggen, maar het is wel waar. Ik kon in de zesde ook nog niet inschatten dat ik later regelmatig iets zou publiceren. Of dat natuurkunde en wiskunde toch wel een meerwaarde zouden zijn bij mijn biologiestudie. Of dat ze op het Franse platteland inderdaad echt geen Engels spreken. Kunnen er dingen beter? Zeker. Maar stellen dat je niet wordt voorbereid op het latere leven is een hyperbool van jewelste. Jammer.

Je noemt verzekeringen, hypotheken en belastingaangifte als onderwerpen die je gemist hebt in jouw schoolloopbaan. En ‘stemmen’. Die eerste drie maar even bij elkaar: je had natuurlijk de vakken economie of M&O [management en organisatie] kunnen volgen waarbij deze onderwerpen besproken worden. Maar als je dat niet doet, dan krijg je op de middelbare school alsnog de studievaardigheden mee waarmee je jezelf die kennis eigen kunt maken wanneer het relevant is. Je hebt, als het op deze onderwerpen aankomt, sowieso meer aan een gedegen basis wiskunde dan aan een paar gelegenheidscolleges.

Daarnaast noem je kennis over de democratie. Je noemt dat even later ‘burgerschap’, al zijn die twee niet hetzelfde. Als het goed is, heb je het verplichte vak maatschappijleer gevolgd. Daar zit dit in het curriculum. Het kan natuurlijk dat dat op jouw school niet goed uit de verf is gekomen, maar dat is niet per se een zaak voor de landelijke onderwijspolitiek. Ik vind het grappig overigens dat je de Kamerleden Paul van Meenen (D66) en Loes Ypma (PvdA) in je betoog noemt. Blijkbaar weet je toch het een en ander over het politieke stelsel.

Lees ook het opiniestuk van Merle: Aan dit onderwijs heb ik niks

Je noemt een maatwerkdiploma als een oplossing voor het probleem „dat je alle vakken op hetzelfde niveau moet volgen”. Vervolgens citeer je Paul Rosenmöller over dyslectische leerlingen. Ja, het zou mooi zijn als sommige leerlingen af en toe een vak een niveautje hoger kunnen doen. Maar dat levert zo’n organisatorische rompslomp op dat het op dit moment totaal onhaalbaar is. Mijn ideaalbeeld is een school waar in wisselende samenstellingen op wisselende niveaus per vak (of overstijgend) geleerd wordt, maar met de huidige bekostiging is dat niet te doen. Het vereist sowieso een totale andere aanpak van lesgeven, organisatie en examinering. Maar als dat je punt is, oké, daar wil ik best in mee gaan.

Je sluit je betoog voor een ander curriculum af met een verwijzing naar studiedruk, vakken die je dezelfde leerstof aanbieden en een verwijt dat lessen niet zinnig worden ingevuld. Je zit veel film te kijken, zeg je. Dat het vwo, en zeker het tweetalig, een hoge tijdsbelasting heeft zal niemand ontkennen. Zeker met diverse sportclubs of andere verenigingen, een bijbaantje of twee en soms de voorbereiding op bijvoorbeeld een decentrale selectie of rijexamen hebben veel leerlingen het zwaar. Dat is absoluut iets wat meer aandacht moet krijgen. Of het uitkleden van het curriculum daar het antwoord op is weet ik niet, je geeft het zelf ook al aan: de middelbare school moet wel voorbereiden op de toekomst.

Een gesprek met leraren over de stof die ze kunnen schrappen is een beter middel om dat te veranderen dan een ingezonden brief in een landelijke krant.

Je noemt Finland en de bekende Aziatische landen als voorbeelden met minder lesuren. Los van het feit dat die stelsels heel anders in elkaar zitten, zijn dit geen beste voorbeelden om jouw punt te onderstrepen. In Finland ervaren veel leerlingen juist een ontzettend hoge druk van hun schoolwerk (67 procent van de meisjes), zo bleek uit het HBSC-onderzoek. Nederland (31 procent) doet het op dat gebied relatief goed.

Terug naar ons land: bij jou op school zijn er blijkbaar vakken waar er weinig onderling afgestemd wordt. Kan gebeuren en jouw school is daar vast de enige niet in. De oplossing ligt hier dicht bij huis: bij jouw leraren. Een gesprek met hen over de stof die ze kunnen schrappen is een beter middel om dat te veranderen dan een ingezonden brief in een landelijke krant. Ik stel ook voor dat je het film kijken daar aankaart, want ik weet vrij zeker dat er in de rest van Nederland bijzonder weinig docenten zijn die niet weten hoe ze de les moeten vullen en dus maar een film draaien.

Eigenlijk, Merle, snap ik niet zo goed waar je heen wilt. Je studiedrukargument staat haaks op jouw observatie dat in de lessen niets gedaan wordt. Je wilt onderwerpen aan het curriculum toevoegen die er al lang in staan, en je generaliseert jouw observaties te makkelijk naar ‘het’ onderwijs.

We willen graag scholen bouwen die leerlingen aansporen het beste uit zichzelf te halen, hen kennis bij te brengen en hen de wereld te laten verbeteren. Kritische geesten zijn altijd welkom in gesprekken over de inrichting van ons onderwijs, maar graag een volgende keer iets meer gebaseerd op feiten. Je bent meer dan welkom.