NRC checkt:‘De AOW-leeftijd terugbrengen naar 65 jaar kost 12 miljard euro’

Dat zei PvdA-lijsttrekker Lodewijk Asscher maandagavond in het Lagerhuis-debat bij De Wereld Draait Door.

Wat is de aanleiding?

PvdA-leider Asscher zei in de eerste editie van de Lagerhuisdebatten bij tv-programma DWDD dat het 12 miljard euro kost om de AOW-leeftijd terug te brengen naar 65 jaar, wat 50Plus wil. Hij sprak daar met Henk Krol van 50Plus. Die zei: „U liegt dat u barst!” Volgens hem kost het maar 3,5 miljard.

Waar is het op gebaseerd?

Volgens financieel woordvoerder Henk Nijboer van de PvdA-fractie in de Tweede Kamer staat die 12 miljard in de doorrekeningen van het Centraal Planbureau.

En, klopt het?

In die vorige week verschenen doorrekeningen van de verkiezingsprogramma’s heeft het CPB de financiële consequenties voor het weer verlagen van de AOW-leeftijd opnieuw getaxeerd. In het hoofdstuk over de SP, een partij die dit ook wil, stelt het CPB dat terug naar 65 een „intensivering” betekent van 5,3 miljard in 2021. „Op lange termijn loopt dit op naar 15,5 miljard euro.” Dat zijn twee verschillende bedragen, voor twee verschillende tijdpaden: eentje voor de komende kabinetsperiode (tot 2021) en een structurele kostenpost voor de langere termijn. Zo bezien klopt de 12 miljard van Asscher niet – hij zei er overigens niet bij voor welke termijn dat bedrag geldt.

Maar het CPB heeft nóg twee effecten getaxeerd voor de verlaging van de AOW-leeftijd: het verloop van WW- en andere uitkeringen en de opbrengstontwikkeling van de AOW-premies. Dat laatste leidt tot een extra inkomstenderving voor de schatkist van 1,2 miljard op de korte termijn, en 3,5 miljard op de lange termijn. En doordat ouderen die eerder met pensioen gaan niet langer in aanmerking komen voor sociale uitkeringen levert dat een besparing voor de staat op: van 2,2 miljard in 2021, respectievelijk 6,1 miljard structureel. Per saldo komt daarmee het budgettaire effect voor het terugdraaien van de verhoogde AOW-leeftijd op 4,3 miljard voor de komende vier jaar, en 12,9 miljard voor de lange termijn.

Conclusie

Het herstellen van de AOW-leeftijd tot 65 jaar kost op de lange termijn iets meer dan de 12 miljard van Asscher, maar zijn politieke punt lijkt te kloppen. „Het is volkomen onbetaalbaar.” Hij zit er weliswaar 900 miljoen naast, maar we beoordelen zijn stelling als grotendeels waar.

Maar hoe zit het met Krol?

Ook Henk Krol heeft het mis met zijn 3,5 miljard – hij benadrukte wel dat hij sprak over „de komende vier jaar”. Het kortetermijneffect op de begroting bedraagt volgens het CPB 4,3 miljard euro. In het door 50Plus bij de Universiteit Tilburg gepubliceerde onderzoeksrapport wordt geen inschatting gemaakt van de kosten van verlaging van de AOW-leeftijd op korte termijn. Onderzoeker Harrie Verbon laat desgevraagd weten dat dit „bijna niks kost”, namelijk in totaal 6 miljard tot 2021.