Commentaar

Internationale transacties

Economisch nationalisme blokt overname Unilever door Kraft Heinz

Het was alweer voorbij voordat het goed en wel begonnen was: vorige week vrijdag bevestigde de Amerikaanse voedingsgigant Kraft Heinz een overnamebod van 134 miljard euro op het Brits-Nederlandse Unilever.

Na twee dagen kwamen de twee concerns „in alle vriendschap” overeen dat het bod werd ingetrokken. Zo ging wat de op één na grootste overname ooit had kunnen worden niet door – althans voorlopig. Net als, om bij Nederland te blijven, de overname van KPN door het concern van de Mexicaanse miljardair Carlos Slim, of de overname van PostNL door het Belgische Bpost. In het Verenigd Koninkrijk ketste eerder de overname van AstraZeneca door het Amerikaanse Pfizer af. Hoewel een reeks van incidenten nog zeker geen trend is, en elk voorval zijn eigen karakteristieken had, valt op hoe snel overnames de laatste tijd gepolitiseerd worden.

Ook bij het bod van Kraft Heinz is dit ontegenzeggelijk het geval. De Britse premier Theresa May maakte vorig jaar al duidelijk overnames te willen blokkeren als dit „ten koste gaat van Britse banen”. Politiek Londen was dit weekeinde in rep en roer. Kraft Heinz voelde uiteindelijk kennelijk weinig voor de reputatieschade en de beperkte kans op succes die zouden resulteren uit een langdurig publiek debat over de overname. Het onderstreept dat de tijden snel veranderen. Toen de Franse regering in 2005 het zuivelbedrijf Danone als ‘strategisch’ voor Frankrijk verklaarde na een bod van het Amerikaanse Pepsico, werd Parijs nog mercantilisme verweten. Twaalf jaar later lijkt deze houding gemeengoed te worden.

In de VS wordt internationale handel door de Republikeinse regering-Trump gezien als een spel waarin de winst van de één gelijkstaat aan het verlies van de ander. Economisch nationalisme was vorig jaar een van de fundamenten onder de Britse stem tegen het lidmaatschap van de Europese Unie.

De Duitse regering zit op dit moment in de maag met het plan van het Franse automobielconcern PSA (Peugeot, Citroën) om Opel te kopen van General Motors. De reactie van het Duitse publiek, een half jaar voor de Bondsdagverkiezingen, wordt gevreesd.

Zo bereikt het ontwakende nationalisme nu ook de wereld van de grensoverschrijdende overnames. Hoewel zulke transacties cynisch kunnen zijn en zeker niet altijd opleveren wat beloofd werd, zijn zij vaak ook een bron van vitalisering voor het bedrijfsleven, en houdt de kans gekocht te worden besturen scherp. Ook dat dreigt nu met het badwater te worden weggegooid.