Albumoverzicht: goede platen van Ty Segall en Chuck Prophet

De muziekrecensenten van NRC bespreken de nieuwe albums van deze week. Het nieuwe album van Moss is een triomf, de hobo van Han de Vries is als balsem.

  • ●●●●●

    Rag’n’Bone Man: Human

    Human Pop: Na een indrukwekkend optreden op Lowlands vorig jaar was Rag’n’Bone Man het gesprek van de dag. Zowel het postuur als de stem van de Engelse blues- en soulzanger Rory Graham zijn imposant.

    Zijn achtergrond als rapper geeft de muziek extra diepte en hij won de BRIT Critics Award als een van de grote beloftes voor 2017. Al die weelde weegt zwaar op zijn debuutalbum, dat overdadig aandoet door de vele songschrijvers en producers die deze ruwe diamant glad moeten poetsen. De single ‘Human’ is een moderne Britse soulklassieker waarbij de 18 (!) andere nummers soms een beetje flets afsteken. Het Seal-achtige ‘Bitter End’ en de sobere gospel ‘Die Easy’ springen eruit, maar wie het ware soulgevoel van Rag’N’Bone Man wil ondergaan moet hem live zien. Jan Vollaard

  • ●●●●

    Ty Segall: Ty Segall

    Ty Segall Rock: Hij heeft het weer geflikt. Elke paar maanden brengt Ty Segall (29) iets uit – solo, met spacerockband Fuzz, punktrio GØGGS, of samen met zijn muzikale bloedbroeder Mikal Cronin of rammelcombo White Fence.

    Inmiddels zijn het bijna evenveel platen als levensjaren. Om het allemaal nog onoverzichtelijker te maken, heet zijn laatste album Ty Segall, net als zijn debuut uit 2008. De schelle grafbakkenherrie van weleer is gebleven. In ‘Break a Guitar’ lijken daadwerkelijk een paar gitaren te zijn gesneuveld en halverwege het furieuze ‘Thank You Mr. K’ wordt letterlijk een compleet servies aan stukken gesmeten. Maar het grote verschil met vroeger is: variatie en diepgang. Terwijl de duivelse fuzz-wals ‘The Only One’ klinkt als Black Sabbath in driekwartsmaat, lijkt de dromerige ballade ‘Orange Color Queen’ zo van een akoestische Beatles-bootleg te zijn geplukt. Ty Segall is de titel ‘Garagerockgod’ allang overstegen: hij kan nu namelijk alles. Frank Provoost

  • ●●●●

    Chuck Prophet: Bobby Fuller Died For Your Sins

    Bobby Fuller Died For Your Sins Pop: ‘California noir’ noemt Chuck Prophet zijn muziek die werd geïnspireerd door gedoemde liefde, gevaarlijk leven en rock-’n-roll die vingers laat bloeden.

    De jonggestorven sixtiesrocker Bobby Fuller, zanger van het later door The Clash gecoverde ‘I Fought The Law’, is de perfecte held in de muzikale westernromantiek van Prophets veertiende en beste soloalbum. De hard rockende songs schetsen een mythisch universum waarin Jezus een brave kantoorman was en David Bowie straalt als een nieuwe ster aan de Californische hemel. Chuck Prophet ontstijgt aan gewone americana door de literaire manier waarop hij zijn thema’s kiest, van het Bonnie & Clyde-achtige ‘Killing Machine’ tot een venijnige protestsong over de door 59 politiekogels omgekomen Alex Nieto. Doowop, glamrock en surfgitaar kleuren de muziek in 27 tinten zwart.
    Jan Vollaard

  • ●●●●●

    Dool: Here Now, There Then

    Here Now, There Then Heavy: De Rotterdamse Ryanne van Dorst, voorheen bekend als Elle Bandita, heeft een nieuwe groep, Dool. Hierin speelt Van Dorst met ervaren rockmuzikanten, van onder andere de melodieuze hardrockband The Devil’s Blood.

    De stem van Van Dorst wordt nu omringd door een dampend moeras aan gitaarspel, met duistere echo’s. Van Dorst zelf heeft een lieflijke manier van zingen. Want dat is het onverwachte aan debuut-album Here Now, There Then: hoewel de vorm van de nummers past in het melodieuze hardrockgenre, is het geluid nauwelijks ruig te noemen. De gitaren klinken vol maar niet gevaarlijk. Van Dorsts zanglijn in bijvoorbeeld het tien minuten durende openingsnummer ‘Vantablack’ is vermenigvuldigd tot een gedragen treurkoor. Hierna volgt gelukkig ‘Golden Serpents’ met zijn geraffineerde melodie, en er zijn meer geslaagde nummers. Dan is het jammer dat Van Dorsts stem soms verdrinkt in de begeleiding. Ze verdiende meer stootkracht.
    Hester Carvalho

  • ●●●●

    Moss: Strike

    Strike Pop: Het Motown-ritme, de plagerige gitaarriff die halverwege in de lucht blijft hangen en de manier waarop de stem van Marien Dorleijn bijna gehaast de opname komt binnenvallen, gevolgd door een haaks koortje – alles werkt samen om ‘The Promise’ een glorieus openingsnummer te maken. Daarna volgen de geslaagde melodieën, rake wendingen en bijzondere opsmuk elkaar snel op. Het nieuwe vijfde album van de Nederlandse band Moss is een triomf.
    Hester Carvalho

  • ●●●●

    Han de Vries e.a : The almost last recordings

    The almost last recordings Klassiek: Zijn spel is balsem, ook nu nog. Natuurlijk klinken sommige opnamen gedateerd – de oudste gaan zo’n halve eeuw terug – maar dat zit hem dan meestal in de orkesten. De hobo van De Vries daarentegen is tijdloos zoals de stem van de tenor Fritz Wunderlich: beiden schitteren door de decennia heen nog altijd even helder en fris aan de muzikale hemel. Lees de hele recensie: De hobo van Han de Vries is als balsem
    Joost Galema