Wetsvoorstel: vmbo’ers sneller naar mbo

Bewindslieden Bussemaker en Dekker willen dat minder leerlingen bij de overstap uitvallen.

Vmbo-leerlingen van het Farelcollege in Ridderkerk. Foto Ed Oudenaarden / ANP

Vmbo-leerlingen moeten in de toekomst makkelijker en sneller kunnen doorstromen naar het mbo. Minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker (Onderwijs) informeerden maandag met een Kamerbrief de Tweede Kamer dat zij aan een wetsvoorstel werken dat dat mogelijk moet maken.

Het is de bedoeling van de bewindslieden dat vmbo’ers die daar aan toe zijn, alvast mbo-vakken kunnen gaan volgen terwijl zij nog aan hun vmbo-opleiding bezig zijn. Bussemaker en Dekker willen dat deze groep op die manier in vijf jaar zijn startkwalificatie - een diploma op mbo 2-niveau - kan halen, in plaats van de zes jaar die daar normaal voor staat. Om dat te bereiken, moet het ook mogelijk worden over te stappen naar het mbo zonder vmbo-examen te doen.

Verschillen

Het wetsvoorstel moet er volgens Bussemaker en Dekker voor zorgen dat er minder scholieren uitvallen bij de overstap tussen vmbo en mbo. Deze omschakeling vormt nu voor sommige leerlingen een horde.

Ook binnen het vmbo willen de minister en de staatssecretaris veranderingen doorvoeren. Zij willen de gemengde leerweg, waarin leerlingen ook een praktijkvak volgen, samenvoegen met de theoretische leerweg. De bewindslieden vinden dat er inhoudelijk en qua niveau te weinig verschil zit tussen beide richtingen.

Bussemaker pleitte in 2015 al voor maatregelen om de doorstroom van het vmbo naar het mbo te verbeteren. De minister wilde onder andere de inschrijfdatum voor het mbo vervroegen, zodat vmbo’ers al eerder moeten nadenken over hun toekomst.

Vorige maand maakte Dekker bekend dat het voor vmbo-leerlingen gemakkelijker wordt door te stromen naar de havo. Wanneer het nieuwe wetsvoorstel precies klaar is, vermelden Bussemaker en Dekker niet in hun Kamerbrief.