Opinie

Kiezen tussen Trump en de Grondwet

Optimisten hopen dat Trump zijn koers wijzigt. Maar waarschuwt: er komt een harde, principiële confrontatie aan.

Trump vorige week tijdens een persconferentie in het Witte Huis. Foto Andrew Harnik/AP

Als iets niet eeuwig door kan gaan, houdt het een keer op. De vraag is hoe lang dit bij Donald Trump zal duren. Het heeft weinig zin om over de komende vier jaar te speculeren. We hoeven alleen maar Trumps eerste vier weken te vermenigvuldigen en ons af te vragen hoelang het Amerikaanse systeem de druk zal aankunnen. In zijn eerste maand heeft Trump de oorlog verklaard aan de inlichtingendiensten en de media. Het ziet ernaar uit dat de rechterlijke macht de volgende op zijn lijst van vijanden is. In het Washington van Trump bestaat geen middenweg. De krachten die tegen de president zijn zullen hem ten val brengen óf hij zal het systeem vernietigen. Ik gok op het eerste. Maar ik zou mijn hand er niet voor in het vuur steken.

Het kabinet van Trump is weinig geruststellend. Er zitten tal van ervaren mensen in. James Mattis, de minister van Defensie, Rex Tillerson, de minister van Buitenlandse Zaken en Steven Mnuchin, de minister van Financiën, zijn professionals. We kunnen twisten over hun prioriteiten, maar we hebben geen reden om hun greep op de werkelijkheid te betwijfelen.

Zelfs Kellyanne Conway en Sean Spicer – Trumps omstreden adviseur en perschef – zouden waarschijnlijk een prima indruk maken als ze voor een andere president zouden werken. Trump zou zijn regering met de meest dienstbare functionarissen van Amerika kunnen bemannen, maar het belangrijkste zou daarmee niet veranderen. Zij zouden nog altijd de opdrachten moeten uitvoeren van een man die de wereld verdeelt in vrienden en vijanden – met niets ertussenin.

Robert Harward, de oud-commando die bedankte voor de functie van nationale veiligheidsadviseur onder Trump, is een voorbode van wat ons te wachten staat. In elke normale situatie zou iemand met de achtergrond van Harward de kans op zo’n hoge post met beide handen hebben aangegrepen. Maar Harward kon het vooruitzicht niet verdragen.

Hij zou dan een president hebben gediend die vindt dat hij meer van oorlog weet dan zijn generaals, meer van inlichtingenwerk dan zijn spionnen en meer van de wereld dan zijn diplomaten. De enigen met wie Trump het eens is, zijn de degenen die het met hem eens zijn. Het is een open vraag hoe lang het zal duren tot de mensen die Trump al heeft benoemd ook tot die conclusie zullen komen. Er loopt een dunne lijn tussen plichtsbetrachting en vernederd worden.

De Amerikaanse inlichtingendiensten lijken deze lijn al te hebben overschreden. Maar liefst negen inlichtingenmedewerkers hebben details naar The Washington Post gelekt over het telefoongesprek van Michael Flynn met de Russische ambassadeur. Dit was deels natuurlijk uit wraak voor de minachting die Flynn als hoofd van de Defense Intelligence Agency tentoonspreidde voor geheime agenten, die toen de term ‘Flynn-feiten’ bedachten. Maar het werd ook deels ingegeven door een diepe ontzetting over een president die zo achteloos met de Amerikaanse nationale veiligheid omspringt.

Trump heeft de CIA al met nazi-Duitsland vergeleken en de dienst verweten voor Hillary Clinton te werken. Niets dan lof heeft hij daarentegen voor James Comey, hoofd van de FBI, wiens ingreep te elfder ure aan Trumps verkiezingsoverwinning bijdroeg.

De boodschap is duidelijk: neem een voorbeeld aan Comey of word als vijand behandeld. Het is moeilijk voor te stellen dat veel mensen in publieke dienst Comey als rolmodel beschouwen. Sommigen van hen wagen hun leven voor een vrij lage beloning om hun land te dienen. Trump is niet hun land.

Dan zijn er nog de liegende media – oftewel de Lügenpresse, zoals de extreem-rechtse aanhang van Trump de nazilaster nabauwt. Onder het mom van een persconferentie onderwierp Trump afgelopen donderdag de media tachtig minuten lang aan een tirade waarin hij ze verweet zijn presidentschap te ondermijnen met oneerlijkheid, samenzwering en geleur met very fake news.

Zijn volgende logische stap is dat hij de media van verraad beschuldigt. In een tweet die hij later weer heeft verwijderd, noemde Trump de media een ‘vijand van het Amerikaanse volk’. Dat kan nooit goed aflopen. Anonieme doodsbedreigingen zijn inmiddels voor veel journalisten in Washington de normaalste zaak van de wereld. Ik ben bang dat het hoogstens een kwestie van tijd is totdat dit in geweld uitmondt. Hetzelfde geldt voor de rechterlijke macht. De rechters die eerder deze maand Trump’s ‘moslimverbod’ hebben afgeschoten, ontvangen ook doodsbedreigingen.

Waar zal dit eindigen? Optimisten klampen zich vast aan de hoop dat Trump zijn koers zal wijzigen. In dat gunstige geval zou hij het Witte Huis nog ontdoen van stokebranden als zijn naaste adviseurs Stephen Bannon en Stephen Miller, en hen door doorgewinterde krachten vervangen.

Op een bepaald moment is zo’n zuivering mogelijk. En misschien zelfs wel waarschijnlijk. Maar weinig adviseurs kunnen langdurig van nabij de verzengende hitte van een demagoog overleven. Tenzij Trump zichzelf vervangt, zal de belegering voortduren.

Maar we kunnen ook ons geld niet zetten op een persoonlijkheidstransplantatie. Al zou Trump 95 procent van zijn tijd de raad van deskundigen opvolgen en er 5 procent tegenin gaan, dan zou die 5 procent nog altijd de agenda bepalen. Alleen heeft Trump geen karakter dat zich laat hervormen. Hoe harder hij wordt belegerd, hoe harder hij uithaalt. Inmiddels dreigt hij met een onderzoek naar lekken en de impliciete zuivering van deloyale medewerkers.

Het is moeilijk te voorspellen hoe lang het zal duren voordat de strijd tussen Trump en de zogeheten ‘diepe staat’ gestreden is. Het is ook moeilijk te zeggen hoe lang een Republikeins Congres hiertegen bestand zal zijn. Zoals ik al zei: vermenigvuldig de afgelopen vier weken maar eens met drie of zes of negen. Het neutrale terrein, de middenweg, zal verdwijnen.

Op een gegeven moment komt het dan neer op een keuze tussen Trump en de Amerikaanse Grondwet.