Recensie

Hoe tekening en schilderij in de 17de eeuw samengingen

Tentoonstelling Van snelle schetsen tot minutieus uitgewerkte studies. Een Parijse tentoonstelling laat zien wat een tekening over een schilderij zegt. En andersom.

Gezicht over Amsterdam naar het IJ, c. 1665. Penseel in grijs, zwart krijt, 86 x 152 mm. Jacob van Ruisdael

Een expositie in Fondation Custodia in Parijs illustreert de zeer uiteenlopende manieren waarop schilders uit de Gouden Eeuw omgingen met tekeningen. De Haarlemmer Philips Wouwerman, bijvoorbeeld, liet er de fik in steken. De achttiende-eeuwse kunstenaarsbiograaf Arnold Houbraken vermeldt dat hij had vernomen dat Wouwerman op zijn sterfbed tekeningen voor zijn eigen ogen liet verbranden. De schilder zou dit hebben gedaan opdat na zijn dood niemand te weten zou komen ‘met wiens kalveren hij geploegt [sic] had’.

Modern kunsthistorisch onderzoek lijkt het verhaal te kunnen bevestigen. De tentoonstelling bevat een tekening in zwart en wit krijt van twee zittende mannen van wie er één leunt op een grote tas en een brede zonnehoed draagt. Die figuur komt in precies dezelfde houding terug in een schilderij door Wouwerman. De tekening wordt echter niet aan hem toegeschreven, maar aan de twintig jaar oudere schilder Pieter van Laer.

Voorbeelden

Panoramisch gezicht op Amsterdam, de haven en het IJ, c. 1665-1670, Olieverf op doek, 41,5 x 40,7 cm. Jacob van Ruisdael

Het geval laat niet alleen zien hoe Wouwerman leentjebuur speelde bij collega’s, maar ook hoe kunstenaars destijds te werk gingen bij het voorbereiden van hun schilderijen. Tekeningen speelden daarbij een rol: van snelle schetsen van de compositie als geheel tot minutieus uitgewerkte studies van figuren, koppen en ledematen, of motieven als dieren, gebouwen en geboomte. De tentoonstelling geeft er vele voorbeelden van, aan de hand van een honderdtal tekeningen van uitstekende kwaliteit en bijna vijfentwintig schilderijen.

De meest directe vorm van een tekening ter voorbereiding van een schilderij is de tekening eronder. Zonder gebruik van technische hulpmiddelen blijven deze meestal onzichtbaar onder de verflaag. De expositie toont echter een prachtig voorbeeld van een onvoltooid gebleven dubbelportret van twee staande figuren (ca. 1660). De meester, mogelijk Gonzales Coquez uit Antwerpen, heeft de gezichten van de figuren geschilderd, terwijl ook de achtergrond al is ingevuld. De lichamen bestaan alleen nog in getekende vorm waaruit duidelijk wordt hoe Coquez kleding en schoeisel vrij gedetailleerd heeft getekend, misschien om ze door een leerling te laten schilderen.

Wisselwerking

Zittende pijproker, 1622-1627, olieverf en krijt op bruin papier, 277 x 178 mm. Dirck Hals

Losse studies ter voorbereiding van een schilderij verraden iets van de werkwijze van de kunstenaar. Zo bespiedt Salomon de Braij, getuige een aandoenlijke tekening in rood krijt, de baby’s van een familielid, terwijl ze samen in hetzelfde bedje vredig liggen te slapen. Ernaast hangt het schilderij dat waarschijnlijk ter gelegenheid van hun doop is gemaakt, toont de tweeling in wakkere staat liggend in een barokke wieg in de vorm van een reusachtige schelp. Met het particuliere thema hangt de exclusieve relatie samen tussen het schilderij en de precies op 12 augustus 1646 gedateerde tekening. Andere schilders tekenden motieven die ze vaak hergebruikten, zoals Dirck Hals (‘broer van’) deed in talloze composities van vrolijke gezelschappen.

Andersom verklaart het uiteindelijke schilderij soms opvallende aspecten van een tekening. Karel Dujardin tekende in rood krijt een man op de rug gezien. Hij schort zijn kleding hoog op, zodat zijn blote billen zichtbaar zijn. Het blad is gemaakt voor een schilderij van een groep herders met vee aan en in het water. Opvallend genoeg heeft de schilder aan de getekende figuur, met prachtige effecten van licht en schaduw, veel meer aandacht besteed dan aan het vlot geschilderde mannetje in het schilderij.

Van de zonder twijfel wijdverspreide praktijk van het gebruik van tekeningen in het schilderproces getuigt een zeventiende-eeuws schilderij met een kunstenaar werkend aan zijn ezel. De vloer om hem heen is bezaaid met tekeningen waaruit hij zijn motieven kiest. Vreemd genoeg zijn er relatief weinig tekeningen bewaard gebleven die daadwerkelijk met schilderijen samenhangen. Deze expositie en de bijbehorende catalogus geven er een prachtig en veelzijdig overzicht van, inclusief het blad met de herders van de hand van Pieter van Laer, ontsnapt aan de tekeningenverbranding aan het sterfbed van Philips Wouwerman.