Er valt weinig te slepen op zee

Baggeraar

De sleepvloot van Boskalis snakt naar opdrachten, een op de drie schepen ligt stil. Ondanks een stijgende olieprijs kan herstel nog jaren duren.

Het eerste prototype van The Ocean Cleanup wordt voor de Nederlandse kust geplaatst (juni 2016). Boskalis, dat samen met de Nederlandse overheid 1,5 miljoen euro bijdraagt aan dit project om de oceanen schoon te maken, verzorgt het vervoer van het prototype. Foto Remko de Waal/ANP

Een flinke storm is een meevaller als er een orkaan was voorspeld. Het aandeel van sleep- en baggerbedrijf Boskalis, ruim 2 miljard euro omzet en 12.000 werknemers, verloor maandag 5 procent. Dat betekende de grootste koersklap in ruim een half jaar. Toch zal opluchting overheersen bij topman Peter Berdowski. Want een hardere afstraffing dreigde.

Vrijdagavond maakte het bedrijf uit Papendrecht een afschrijving bekend van 840 miljoen euro wegens ‘fors verslechterde marktomstandigheden in de offshore energiesector’. De afboeking staat gelijk aan bijna eenvijfde van de beurswaarde, heel wat meer dus dan het koersverlies van maandag, en drukt Boskalis ongetwijfeld in de rode cijfers.

Maar blijkbaar hadden beleggers de onheilstijding al ‘ingeprijsd’, zoals dat heet in beursjargon. Anders gezegd: iedereen vermoedde dat er een afboeking aan kwam, de vraag was alleen hoe groot die zou zijn. Boskalis heeft het namelijk moeilijk. Niet zozeer de tak die baggert, die draait prima. De problemen liggen bij de divisie voor transport van zwaar materieel over zee, binnengehaald met de overname van Dockwise in 2013. De Papendrechters slepen met hun vloot hele boorplatformen over de oceaan, als daar tenminste vraag naar is. En daar schort het aan.

Een op de drie schepen uit de vloot van Dockwise ligt daarom werkloos aan de kade, schreef Boskalis in het halfjaarbericht van afgelopen zomer. Zo’n 650 medewerkers verloren hun baan. Want hoewel de olieprijs langzaam maar zeker uit het dal klimt, zijn oliemaatschappijen als Shell nog erg terughoudend met investeringen, zegt analist Thijs Berkelder van ABN Amro.

Bovendien varen de sleepboten pas uit als alle voorbereidingen voor een groot olie- of gasproject succesvol zijn afgerond. Eerst komen bijvoorbeeld bodemonderzoekers als Fugro aan de beurt. Dat betekent dat Boskalis met vertraging de klappen krijgt van een kelderende olieprijs – 2014 en 2015 waren nog recordjaren voor de onderneming – maar ook pas later de vluchten plukt van het herstel. ‘Dat kan zomaar een jaar of vier duren’, zegt Berkelder. Alternatieve opdrachten, zoals de verscheping van installaties voor offshore windparken, kunnen de afgenomen vraag nog niet compenseren.

Conservatieve boekhouders

Liggen verdere afboekingen daarmee voor de hand? Ondanks de slechte vooruitzichten denkt Joost van Beek van Theodoor Gilissen van niet. Boskalis betaalde vier jaar geleden, op het hoogtepunt van de markt, ruim 1 miljard euro voor Dockwise. Met de afschrijving van vrijdag is die overname dus vrijwel volledig van de balans. Bovendien heeft het maritiem concern de reputatie dat het conservatief boekhoudt. Oftewel, als het tegenzit, dan draait Boskalis daar niet omheen.

Dat past bij een bedrijf dat de confrontatie niet schuwt. Vorig jaar nog strandde een brutale poging van Boskalis om Fugro tot ‘samenwerking’ te dwingen. Het concern van topman Berdowski bouwde ongevraagd een belang op van bijna 30 procent in de bodemonderzoeker. Na fel verzet van Fugro trok Boskalis zich terug. Wat die avances het concern uit Papendrecht hebben gekost, zal blijken bij de publicatie van de jaarcijfers op 8 maart.