Wat ministeries achterhouden bij WOB-verzoeken

Wet openbaarheid van bestuur

Ondanks de WOB heeft Nederland een gesloten bestuurscultuur. ‘Ambtenaren denken: wat kunnen we tegenhouden?’

Foto iStock

Was er niet erg veel gelakt? Dat vroeg de staatssecretaris zich af toen hij de documenten bekeek. Was „de gehanteerde laklijn” wellicht te stringent? Toen NRC met een WOB-verzoek documenten over het persoonsgebonden budget (pgb) had opgevraagd, hadden ambtenaren eerst grote delen gelakt: onleesbaar gemaakt met zwarte balken.

Volgens de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) kan iedere burger documentatie opvragen over een bestuurlijke kwestie. De overheid moet die geven, tenzij er een belang is dat zwaarder weegt dan het belang van openbaarheid. Dan mag het bestuursorgaan besluiten om een document of e-mail niet te geven, of deels onleesbaar te maken.

Wat precies gelakt mag worden, is doorlopend onderwerp van juridische strijd tussen journalisten en politici en hun ambtenaren. Die laatste willen liever niet dat er in de keuken wordt gekeken. Voor journalisten zijn ‘gewobde’ documenten belangrijk om de overheid kritisch te kunnen volgen.

Sterk staaltje lakken

In artikel 10 en 11 van de WOB staan de ‘uitzonderingsgronden en beperkingen’ van openbaarmaking. Omdat bestuurders vertrouwelijk en vrijelijk moeten kunnen overleggen voor ze tot een beslissing komen, vormen ‘persoonlijke beleidsopvattingen’ een veelgebruikte grond om te lakken. Volgens journalisten en juristen gebruiken ambtenaren deze grond te vaak en te ruim. Ze lakken volgens hen ook cijfers en feiten weg, als waren het „persoonlijke beleidsopvattingen”.

 

Joost Oranje, hoofdredacteur van Nieuwsuur, geeft een voorbeeld van een sterk staaltje van enthousiast lakken. Toen hij nog NRC-redacteur was, had hij een dossier gewobd waarin ook een krantenknipsel zat, een artikel dat hij zelf had geschreven. Zelfs dit knipsel was door een ambtenaar zwart gemaakt.

Wie wil opkomen tegen te veel gelakte passages, moet eerst een bezwaarprocedure doorlopen en kan daarna naar de bestuursrechter. Die legt het origineel naast de gelakte kopie, en kijkt of er terecht is gelakt.

Lees ook: Ambtenaren hielpen Van Rijn structureel om de meest onwelgevallige feiten in het pgb-dossier niet op papier vast te leggen.

Een probleem in zo’n procedure is dat de journalist niet weet waar hij precies bezwaar tegen maakt. De gewraakte passage is onleesbaar gemaakt, dus je kunt niet zien of dat terecht is. Advocaat Jan van der Grinten, die veel WOB-zaken doet: „Je moet vaak gokken wat er mis is. Je kunt wel uit de context enigszins opmaken wat er is weggelaten. Als je een volledig zwartgelakt verslag krijgt – zoals bij de zaak-MH-17 een ‘Situatiebeschrijving’ – dan kun je op je klompen aanvoelen dat er in dat verslag ook feiten staan. En dat zijn geen persoonlijke beleidsopvattingen.”

 

In de pgb-kwestie blijken gewobde documenten vooraf al ‘ontsmet’ te zijn: uit angst voor wobben zorgen ambtenaren en politici ervoor dat er zo min mogelijk explosiefs op papier komt te staan. Documenten worden zo vooraf ‘wobable’ gemaakt.

Pieter Klein, adjunct-hoofdredacteur van RTL Nieuws, schetst een tegengestelde tactiek. Volgens hem zetten ambtenaren juist bewust ‘persoonlijke beleidsopvattingen’ in een stuk zodat het ‘WOB-proof’ wordt. Advocaat Van der Grinten: „Met bepaalde etikettering proberen ambtenaren soms onder openbaarmaking uit te komen. Dan zetten ze bijvoorbeeld ‘Concept’ boven een beleidsstuk. Of: ‘Strikt vertrouwelijk’. Ook als dat niet zo is.”

Omslachtige, trage procedure

Het grootste probleem is de omslachtigheid en de traagheid van de procedure. Advocaat Van der Grinten: „Op het aanvankelijke WOB-verzoek wordt vaak wel snel beslist – de officiële termijn is vier weken – maar als er vervolgens veel is gelakt en je vecht dat aan, kan je met beroep en hoger beroep zo twee, drie jaar zoet zijn.”

Waarom lakken ambtenaren zoveel? Volgens journalisten en juristen is dit omdat Nederland een gesloten bestuurscultuur heeft. De wet is er wel, maar de bijbehorende cultuur niet. Van der Grinten: „De gedachte dat bestuur openbaar moet zijn, is betrekkelijk jong. De mentaliteit bij ambtenaren is helaas nogal eens: ‘Wat kunnen we tegenhouden?’ in plaats van ‘Wat kunnen we verstrekken?’”

De Tweede Kamer wil de WOB vervangen door een nieuwe Wet open overheid (WOO). Wobben moet makkelijker worden, en wie wil lakken, moet dat beter onderbouwen. Het kabinet, de VVD en CDA zijn tegen. Uitvoering van de WOO is te duur en te omslachtig, zeggen ze, na onderzoek onder bestuursambtenaren.