Commentaar

Pgb is een succes op papier maar een janboel in praktijk

Op papier is het geregeld, maar in de praktijk is het in de afgelopen kabinetsperiode nooit afgekomen. Het persoonsgebonden budget in de gezondheidszorg wás een vernieuwing. Wérd een hoofdpijndossier. Maar nu lijkt het pgb vooral een wees. Wie neemt hier verantwoordelijkheid voor?

Het persoonsgebonden budget was een novum met ogenschijnlijk louter pluspunten. Laat de burger in de jeugdzorg, de WMO en langdurige zorg zelf zijn zorgverlener kiezen en geef hem, op basis van een inhoudelijke toetsing, een bedrag dat hij daaraan kan besteden. Dat is in een paar woorden het pgb. Dat staat voor zelfredzaamheid. Dat staat voor keuzevrijheid. Dat is het antwoord op de bureaucratie en dat kan zelfs goedkoper uitpakken voor de zorgkosten. Dat waren voor veel patiënten échte verbeteringen, maar wel met nadelen voor de zorgkosten en de samenleving. De fraudegevoeligheid bleek aanzienlijk, controle was slecht.

Lees alle stukken over het pgb in het dossier Van Rijn en de pgb.

De oplossingen die het ministerie van Volksgezondheid en staatssecretaris Martin van Rijn (PvdA) daarvoor de afgelopen jaren hebben bedacht, zijn papieren werkelijkheden gebleken. Zij waren er wel, maar zij werkten niet, zo blijkt uit een reconstructie in NRC van het falen van de rijksoverheid om misbruik van pgb-geld te voorkomen.

De oplossingen doen denken aan de façades die de Sovjets optrokken om de buitenlandse bezoeker de indruk te geven van groei en vooruitgang. Achter de gevel gaapte louter leegte.

De wijzigingen in de uitbetaling van de pgb-gelden moesten de fraudekansen minimaliseren, maar op het hoogtepunt van de administratieve chaos werden alle nota’s blind uitbetaald.

Zo ingewikkeld is het om een pgb aan te vragen:

Het relaas van de chaos rond het pgb na het #pgbalarm, waarmee gedupeerden op twitter politiek en uitvoerders onder druk zetten, laat een cynisch gevoel achter. Het ministerie was druk met vergaderen, voorbereiden, het verzinnen van noodoplossingen en het afschuiven van verantwoordelijkheden. De burger stond niet in het middelpunt van de inspanningen, hij was ook geen sluitstuk, hij was maar sluitpost. Of hij nu gebruik maakte van een pgb, een familielid was of een zorgverlener. De verantwoordelijke staatssecretaris Van Rijn overleefde alle moties van afkeuring. Het politieke belang van de coalitie won.

Met nog 25 dagen te gaan naar de Tweede Kamer verkiezingen is het te gemakkelijk om de pgb-janboel bij te schrijven in het grote boek van beschamende mislukkingen. Denk aan de reorganisatie van de Belastingdienst. Of de invoering van de wet DBA, die de schijnzelfstandigheid bij zzp’ ers moest bestrijden.

Staatssecretaris Van Rijn en het ministerie maakten een aantal elementaire fouten die, helaas, niet uniek zijn. Om er een paar te noemen: hij voerde tegelijkertijd een decentralisatie door (van zorg aan gemeentes) en een centralisatie (van controle op en uitbetaling van pgb’s). Hij versmaadde simpele oplossingen. Hij nam onvoldoende tijd voor een proef van bescheiden omvang om van de uitkomsten te leren.

En misschien nog wel het belangrijkste: de reconstructie van de pgb-janboel laat zien wat er gebeurt als politici de gevolgen van hun beleid voor burgers onderschatten omdat zij hun oog gericht hebben op hogere prioriteiten, in dit geval de sanering van de langdurige zorg.

De politici die over minder dan vier weken worden gekozen moeten beseffen dat hun wetten en regels niet alleen op papier moeten werken. Maar ook in hun uitvoering.