Bierfietsbestuurders: ‘Ze hebben een bloedhekel aan ons’

Bierfiets

Bierfietsbestuurders hebben het niet makkelijk. „Wij zijn de meest gehate mensen van Amsterdam.” Een workshop helpt ze met praktische tips.

Een bierfiets besturen is niet zomaar een vak. „Zet de twee mensen met de grootste mond op de stoelen naast je neer.” Foto Evert Elzinga/ANP

De slechtst denkbare openingszin in de kroeg, als bierfietsbestuurder, is zeggen dat je bierfietsbestuurder bent. „Pas na vijf bier begin ik erover”, zegt een van de aanwezigen bij de workshop Gastheerschap en verkeer voor de bierfietsbestuurders, deze dinsdagavond bij LimoBike op de Spuistraat. En dan nog krijgt hij altijd „een heel verhaal” te horen. „Dan vraag ik: wanneer heb je voor het laatst overlast gehad van een bierfiets? En dan blijft het stil.” 

Even daarvoor heeft cursusleider Inge Kuijt van Asura Opleidingsinstituut de veertien aanwezigen (allemaal jongens, niet op hun mond gevallen) gezegd dat je als bierfietsbestuurder te allen tijde „verwelkomend, oprecht en zorgzaam” moet zijn. Naar je klanten én naar de bewoners van Amsterdam. „Want de bierfiets is niet geliefd.”

„Dat is een understatement”, lacht iemand. „Zeg maar gerust: ze hebben een bloedhekel aan ons.” 

Een ander: „Wij zijn de meest gehate mensen van Amsterdam.”

De workshop is een gezamenlijk initiatief van bierfietsexploitanten LimoBike/Fun Amsterdam en DamTours. Door de „verkeersveiligheid te verbeteren” en „overlast voortijdig aan te pakken” hopen ze de gemeente tegemoet te komen. Een rechtszaak tegen burgemeester Van der Laan hebben ze onlangs gewonnen; het verbod op de bierfiets in de binnenstad is voorlopig van de baan. Momenteel buigt de bezwaarschriftencommissie zich over de zaak.

Paddo’s en zwervers

Bierfietsen besturen is niet zomaar een vak, blijkt vanavond. Behalve over verkeersinzicht en een goede kennis van de straten en steegjes in de stad moet je ook over humor en leiderschap beschikken. Want het is de bestuurder die ervoor zorgt dat een groep zich vermaakt én gedraagt.

Uitdagingen genoeg. Zo maakte een bestuurder eens mee dat een groep onder invloed bleek van paddo’s en niet meer in staat was te trappen. Een andere bestuurder had ineens een zwerver op de fiets, die tussen de groep zat mee te drinken. Mensen die bier uitdelen aan passanten is een veelvoorkomend euvel. Of mensen die zo nodig moeten plassen dat ze opeens van de fiets af springen. En het nieuwste fenomeen: Indiërs. „Die mensen zijn service gewend. Die huren een fiets met jou als slaafje.”

Lees ook de column van Auke Kok: Bierfiets

„Degenen waarvan je gedonder verwacht”, zegt Kuijt, „moet je met een glimlach of opmerking tot je bondgenoot maken.” Zet de twee mensen met de grootste mond op de stoelen naast je neer, adviseert ze. Als ze je bondgenoot zijn, kunnen ze je helpen de orde bewaren. „Ik begrijp wat je zegt”, reageert iemand, „maar vaak zijn dat ook degenen die het meest aangeschoten raken. Halverwege zijn ze geen useful tool meer.”

En dan zijn er nog lastige verkeerssituaties. In een filmpje worden ze vanavond vertoond. De aanwezigen geven elkaar adviezen: haal geen collega’s in, parkeer niet op een brug. En neem nóóit dat steile bruggetje bij het Anne Frank Huis, want met zes zware dames op je fiets die nauwelijks meetrappen, red je de top niet.

„Jullie moeten je goed realiseren”, besluit Kuijt, „dat jullie ambassadeur zijn van dit icoon van Amsterdam. Er gaat wat tijd overheen, maar als jullie een hoffelijke groep zijn, zullen bewoners vanzelf denken: die bierfietsjongens, dat zijn best wel leuke lui.”

Elkaar hoeven ze daarvan niet te overtuigen. Opgetogen gaan ze naar buiten, waar de nieuwste aanwinst van een van de exploitanten staat: een gigantische limousine. „Bier?”