Hoe premier Rutte wekelijks de pers inpakt

Vijf manoeuvres om uit te wijken

Mark Rutte houdt deze vrijdag zijn laatste wekelijkse persconferentie als leider van zijn tweede kabinet. Hoe gingen die persbijeenkomsten in zijn werk? De methode-Rutte.

Foto’s ANP, bewerking fotodienst NRC

Deze vrijdag voor het laatst: de wekelijkse persconferentie van premier Rutte na afloop van de ministerraad. Het kabinet gaat nog wel even door, maar zo dicht op de verkiezingen krijgt de eerste man van het kabinet annex VVD-lijsttrekker niet langer het publicitaire voordeel van het treffen met de parlementaire pers.

Het is een informele afspraak. Zoals bijna alles rond de persconferentie niet formeel is geregeld. Gegroeide gebruiken en gewoontes, daar draait het allemaal om. En de premier voelt zich er zichtbaar prettig bij. Hij heeft ervoor gezorgd dat zijn wekelijkse moment ook werkelijk zíjn moment is. Behendig weet hij de boodschap af te geven. Of juist niet te geven. Lastige vragen, vervelende vragen, ongemakkelijke vragen: Rutte weet ze op zijn manier te ontwijken met enkele standaardformuleringen. Op dat moment weten de journalisten: doorvragen is zinloos.

Het verloopt, zoals bijna alles in het leven van Mark Rutte, volgens een vast patroon:

Hij komt energiek het zaaltje ingewandeld van perscentrum Nieuwspoort, meestal precies op het aangekondigde tijdstip. In zijn kielzog de RVD-woordvoerder van dienst. Een opgewekt „Goedemiddag allemaal!”

Voorbeeld van de start van de wekelijkse persconferentie:

Rutte – achter een spreekgestoelte – begint met een statement over wat er die ochtend in de ministerraad is besproken, wat er die week is gebeurd, of nog algemener: de stand van het land. Hier luistert niemand naar. Ook Rutte zelf lijkt maar matig geïnteresseerd in wat hij zegt. Het kabinet heeft weer stappen gezet in het veiliger maken van Nederland. Op woensdag heeft hij de premier van Estland ontvangen. Dat werk.

Na dit vaste onderdeel komen de vragen. De voorste rij mag altijd als eerste – de vrijdagse hiërarchie is strikt. Ron Fresen van de NOS, Frits Wester van RTL – ze nemen ruim de tijd. Ook een vast element: een snedige vraag van de Haagse chef van De Telegraaf, gezeten op zijn vaste stek rechts vooraan (vanuit Rutte gezien).

De RVD-man – zonder spreekgestoelte – regisseert de vragen: ho ho, slechts één vervolgvraag, eerst dit onderwerp helemaal afhandelen, we doen nog twee vragen en dan ronden we zoetjesaan af. Er gaat een microfoon rond, zodat de kijkers op internet de vragen ook kunnen horen.

Is Rutte klaar met zijn antwoorden, dan klinkt er een energiek „fijn weekend!” en beent hij weg. In de sociëteit van Nieuwspoort drinkt hij nog een drankje (meestal cappuccino) met de verslaggevers. Even off the record napraten. Het schaaltje met borrelnootjes weet Rutte doorgaans goed te vinden.

Na een minuut of tien begint zijn woordvoerder zachtjes aan zijn jasje te trekken. Op naar de volgende afspraak: het Gesprek met de minister-president voor tv. Daar gaat hij weer. „Tot de volgende week!”