Slimme kinderen in de klas

Stop dat reguleren vanuit Den Haag

Foto ANP

In Laat het slimme kind de rest op sleeptouw nemen (NRC, 10/2) wordt betoogd dat het voor kinderen goed is om in heterogene klassen te zitten waarin de slimste kinderen een aanjagende functie hebben. Hoe zouden die dat vinden? Zeer wisselend, denk ik. In het Nederlandse schoolsysteem moet een kind dat systeem kiezen – met zijn ouders – dat bij hem past. Ik was zo’n slim aanjagend kind op de basisschool van een Gronings dorp. Vanaf klas 2 (groep 4) werkte ik zelfstandig voor rekenen en taal. In klas 5 en 6 moesten een medeleerling en ik twee keer per week nablijven om ons werk te bespreken. In de klas was daar geen ruimte voor, omdat we met drie jaarlagen in één lokaal zaten. Er ging een wereld voor me open toen ik op het categoriale gymnasium in de stad zat. Allemaal tegelijk les in een klas van 28 en veel kinderen die slimmer waren dan ik, heerlijk. Nu geef ik les op een havo-vwo zonder brugklas. Elke leerling wordt meteen in een stroom havo/atheneum/gymnasium geplaatst. Weet je nog niet in welke laag je past, dan ga je naar de buurschool met een tweejarige brugklas. Zo is er voor elk wat wils. Laten we afblijven van ons schoolsysteem. Stop met het willen reguleren vanuit Den Haag. Blijf onze verschillende systemen koesteren, zodat elk kind kan kiezen op welke school het past en gelukkig wordt en goed wordt opgeleid.


Docent Nederlands Thomas a Kempis,