Rutte haat kaarsen en heeft geen kruik

Dat Mark Rutte zware confrontaties en debatten liever uitstelt tot vlak voor de verkiezingen, wil niet zeggen dat hij nergens zijn mond open doet. Voor het maartnummer van Linda – thema ‘kinderloos’ – wilde hij wel in gesprek met Marieke Elsinga (30), sidekick van Humerto Tan. Beide kinderloos. Beide vrijgezel.

Maar liefst zeventien pagina’s. Paar zwoele foto’s. En dan zo weinig mogelijk zeggen. Want Linda mag dan de reputatie hebben van ‘brutaalste’ onder de vrouwenbladen, dit interview is wel héél veilig. Het babbelt maar door.

Politiek wordt het gesprek niet – Rutte beweert alleen dat hij nog niet heeft nagedacht over de vraag wat hij gaat doen als hij niet wederom premier wordt. „Ik blijf wel in de politiek, maar dan als Kamerlid of zo.” Of zo?

Persoonlijk dan? Wellicht dat de manier waarop hij zijn sociale leven organiseert, nog het meest van zijn karakter verraadt: toen Rutte in 2002 staatssecretaris werd, stelde hij zijn vrienden een „jaarplanning” voor. En afspraken afzeggen, dat doet het secretariaat.

Het wildste citaat over zijn liefdesleven: „Ik moet in mijn werk al zo veel plannen en vooruitkijken dat ik waar het over de liefde en kinderen gaat denk: laat het maar gebeuren.”

Als Marieke Elsinga vervolgens verklapt dat ze het wel jammer vindt dat er ’s avonds niemand is om tegenaan te kruipen, antwoordt Rutte: „Ik herken dat verlangen niet [...] de enkele keer dat ik de behoefte zou voelen ‘s avonds laat nog met iemand te praten, zijn er genoeg mensen die ik kan bellen.”

Nee, Mark Rutte heeft geen kruik. Verder haat hij lange vakanties. En kaarsen ook. Die gaan altijd „lekken of walmen”.

In een zorgvuldig voorbereide poging toch nog iets van zijn gevoelige kant te laten zien, verklapt Mark Rutte aan de Linda-lezers dat hij in zijn politieke carrière een keer huilde – een anekdote die hij overigens al eens eerder deelde, in Zomergasten. Toen de trein met de slachtoffers van de MH17-ramp eindelijk huiswaarts keerde.