Recensie

Gotische horror in wellness-kliniek

Gore Verbinski ging hard onderuit met de mega-flop The Lone Ranger. Met een horrorfilm in een wellnesskliniek poogt hij terug te komen.

Dane de Haan gaat naar een luxeuze welnesskliniek en dreigt er nooit meer uit te komen.

Wat Jaws voor de strandvakantie deed, ga ik voor het wellnesscentrum doen, snoeft de Amerikaanse regisseur Gore Verbinski. Het idee: klassieke gotische horror verbinden met moderne besognes over een Amerika dat zich vreugdeloos doodwerkt in zijn jacht op geld, macht en succes.

„Je gaat naar school, krijgt een baan, vrouw, kinderen en prostaatkanker, en dat was het dan? Als dat je perspectief is, kan ziekte een verlossing zijn” , zegt Verbinski. „Iedereen is bang voor ziekte, voor de noodlottigheid van dat zwarte vlekje op de röntgenfoto dat niet vanzelf verdwijnt. Maar het kan ook een bevrijding uit de leegte zijn. Vanaf nu ligt je lot in handen van de goede dokter. Al je verantwoordelijkheden en zorgen vallen van je af. Je hoeft niets meer te doen, alleen nog maar beter worden.”

Vandaar dat ze Thomas Manns Der Zauberberg lezen in Verbinski’s kuuroord, waarin tbc-lijders boven de wolken, los van het alledaagse, zwelgen in eigen ziekte. Wellness en farmaceutische industrie hebben zo’n vat op ons omdat we ons zo slecht voelen, denkt Verbinski. „Zeker als we succesvol zijn, want dan knaagt er ook nog schuldgevoel: wie hebben we verwaarloosd, welke schedels hebben we ingeslagen op weg naar de top?”

Gore Verbinski (52), even in Parijs om zijn film te promoten, komt uit de wereld van videoclips en commercials: een visueel begenadigd filmmaker die tot de top van Hollywood doordrong met zijn Oscar winnende animatie Rango en drie Pirates of the Caribbean-films. Des te harder was zijn val toen peperdure spektakelwestern Lone Ranger in 2013 rampzalig flopte.

Daarover wil Verbinski niet praten; wel dat er nog genoeg vertrouwen was om hem een ruim budget te geven voor een horrorproject met scriptschrijver Justin Haythe: A Cure for Wellness. Een adembenemend gestileerde film over de jonge, reptielachtige, maar ook overwerkte bankier Lockhart (Dane DeHaan) die zijn CEO moet oppikken uit een elite-kuuroord in een Zwitsers kasteel: deze Pembroke heeft laten weten klaar te zijn met de ‘rat race’ .

Dat het in deze Teutoonse Spa hoog in de bergen niet pluis is, blijkt uit alles: een broeierig Teutoons dorp aan de voet van de berg, creepy kindergezang uit Rosemary’s Baby. De bejaarde bankiers en CEO’s in witte kamerjassen zijn veel te sereen, het hoofd van de kliniek, dokter Volmer, klinkt met zijn ‘Well, Mis-ter Lockhart’ als een klassieke James Bond-schurk. En wie is die etherische Alice in Wonderland die door de kasteeltuinen dwaalt?

Verbinski’s film is fraai gestileerd, maar ontbeert elke samenhang

Ook de jonge Lockhart slaagt er niet in te vertrekken: na een auto-ongeluk ziet hij ook zelf in hoe overwerkt, cynisch en levenloos hij is. Waarna Volmers regime hem in een draaikolk van visioenen over verdrinking, vivisectie en brute tandartsbehandelingen zuigt.

A Cure for Welness is een uur lang verbluffend mooi en stelt daarna anderhalf uur teleur. Verbinski stapelt claustrofobische visioenen à la Polanski op klinische ‘body horror’ à la Cronenberg en gotische horror uit de Hammer-studio. Maar wat had geholpen, was ambivalentie: dwalen we nu door de gangen van een griezelig kuuroord of door de kronkels van Lockharts brein?

Nu blijft A Cure for Wellness een tonale hutspot doorspekt met sterke scènes; even rommelig verteld als fraai gestileerd. Een kille Amerikaanse nachtmerrie van stress en medicalisering die ontaardt in een Europees Dracula-cliché. Mislukt, toch interessant: een treinwrak heeft soms zijn charmes.